Verkeersministers NRW roepen regering op tot verbetering Rijn als transportroute

Samen met Baden-Württemberg, Hessen, Rijnland-Palts en Saarland roept Noordrijn-Westfalen de Duitse regering op om de optimaliseringsmaatregelen voor het lossen van binnenvaartschepen op de Midden- en Nederrijn snel uit te voeren. Op de conferentie van de ministers van Verkeer in Saarbrücken op 5 april hebben de deelstaten de desbetreffende motie aangenomen.

Ook in de intentieverklaring tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen van 19 november 2018 vormt de binnenvaart een belangrijk speerpunt. De partners zijn nu overeengekomen te zullen onderzoeken of en hoe de partners van de werkagenda van de intentieverklaring een bijdrage aan de realisatie van de optimaliseringmaatregelen kunnen leveren. Hierbij kan gedacht worden aan de uitwisseling van ervaringen over de aanpak van duurzaamheid en het gebruik van alternatieve brandstoffen.

Minister van Verkeer Hendrik Wüst onderbouwde de motie met het belang van de Rijn als transportroute: “De Rijn is voor de buurlanden net zo belangrijk als snelwegen en spoorlijnen. De warme zomer met lange periodes van laag water heeft aangetoond dat enorme transportcapaciteiten veel te snel verloren gaan als we geen preventieve maatregelen nemen en de losdiepte standaardiseren. De maatregelen uit het Bundesverkehrswegeplan 2030 moeten nu snel worden uitgevoerd.”

De ministers van Verkeer roepen de regering op om vaart te maken met de uitbreiding. De vacatures hiervoor zouden snel moeten worden gepubliceerd en ingevuld. Daarnaast vragen de ministers van Verkeer aan de regering om extra banen voor waterwegprojecten op te nemen in de organigrammen voor 2020 en de jaren daarna. Wüst nam ook contact op met het landelijke ministerie van Verkeer en moedigde het aan om gezamenlijk een actieplan voor de waterwegen in Noordrijn-Westfalen te ontwikkelen.

Knelpunten oplossen

De binnenscheepvaart op de Rijn kampt met een tweetal knelpunten waar het gaat om lossen van de lading. Op het deel tussen Mainz en St. Goar is bij lage en gemiddelde waterstanden sprake van een geuldiepte van slechts 1,90. Deze is dus 0,20 m lager dan in de twee aangrenzende delen van de rivier. Ook aan de Nederrijn, tussen Duisburg en Stürzelberg, is een verbetering van de losmogelijkheden en bodemstabilisatie noodzakelijk. Beperkte losdiepte bij lage waterstanden is slecht voor de rendabiliteit van de scheepvaart.  Gestreefd wordt naar een permanente geuldiepte van tenminste 2,10 meter van Basel naar Rotterdam.

Na een technische beoordeling door de Duitse Rijksdienst voor Waterwegen en Scheepvaart (WSV) kunnen de knelpunten in principe met relatief kleine waterbouwkundige ingrepen worden opgelost. Beide projecten werden opgenomen in het Bundesverkehrswegeplan 2030.

De twee verbeterpunten zijn van groot belang voor alle bedrijven langs de Rijncorridor en voor de Moezel en de Saar. Zij zorgen voor voorzieningszekerheid, verlagen de transportkosten en zorgen voor minder vrachtverkeer op de wegen. Industrie, binnenvaart en consumenten zijn afhankelijk van de Rijn als efficiënte transportroute.