Ambassadeurs van Duitsland en Nederland op werkbezoek in EUREGIO

Wepke Kingma, Nederlands ambassadeur in Duitsland en Dirk Brengelmann, de Duitse ambassadeur in Nederland, brachten van 25 tot en met 27 februari 2019 een uniek werkbezoek aan de EUREGIO. Met presentaties en gesprekken in Münster, Enschede en Vreden liet de regio zien dat het ‘uitgummen’ van grenzen belangrijk is voor de economische ontwikkeling van het gebied. Het bezoek moest de EUREGIO in de richting van ‘Berlijn’ en ‘Den Haag’ nog nadrukkelijker onder de aandacht brengen.

Het versterken van grensoverschrijdende samenwerking in de Europese grensregio’s is een belangrijke factor in het versterken van de regionale economie. “Onderzoek in opdracht van de Europese Commissie laat zien dat door het wegnemen van belemmeringen, de economie langs de grenzen tot 8% extra kan groeien. Voor heel Europa betekent dat enkele miljoenen extra banen, voor onze regio praten we over tienduizenden banen op verschillende niveaus”, gaf Oberbürgemeister Markus Lewe van Münster de ambassadeurs aan het begin van het bezoek mee.

Memorandum

In december 2018 hebben de provincies Gelderland en Overijssel, de regio’s Achterhoek en Twente en de Duitse Kreise Warendorf, Coesfeld, Steinfurt en Borken, de stad Münster en de Bezirksregierung Münster in een memorandum vastgelegd intensiever samen te willen werken om het gebied, als één stedelijke agglomeratie, op de kaart te zetten. “Daarmee kan de regio gezien worden als voorloper en proeftuin voor andere Europese grensregio’s. De kennis en ervaring die we hier opdoen kan ook andere gebieden in Europa verder helpen”, aldus Rob Welten, voorzitter van de EUREGIO.

Kansen en belemmeringen in grensoverschrijdend onderwijs 

Het werkbezoek begon in Münster met een sprekend voorbeeld van geslaagde grensoverschrijdende samenwerking: het Duits-Nederlandse legerkorps is in de afgelopen 25 jaar uitgegroeid tot een volledig geïntegreerd en vanzelfsprekend onderdeel van de krijgsmacht.
Aansluitend spraken de ambassadeurs in het Haus der Niederlande met studenten over kansen en belemmeringen die zij ervaren in grensoverschrijdend onderwijs. Vastgesteld werd dat kennisinstellingen aan weerszijden van de grens steeds vaker en beter samenwerken en dat studenten de weg naar opleidingen aan de andere kant van de grens goed weten te vinden. Wel werd aandacht gevraagd voor de wederzijdse erkenning van diploma’s. Met name voor MBO-opleidingen in de zorg en kinderopvang is de situatie verre van ideaal.  

Betere bereikbaarheid voor maximale benutting van economische kansen 

Tijdens de treinreis van Münster naar Enschede op dinsdagmiddag werd uitvoerig stilgestaan bij het belang van goede bereikbaarheid. De reis zelf liet zien dat op dit onderwerp nog veel winst te behalen is. Ook in het streven de externe bereikbaarheid, van en naar de regio, te verbeteren trekken de Duitse en Nederlandse overheden gezamenlijk op. “Betere bereikbaarheid is nodig om economische kansen maximaal te kunnen benutten en daarmee het woon- en werkklimaat en het voorzieningenniveau op een hoog peil te houden”, gaf Onno van Veldhuizen, voorzitter van Regio Twente aan. “Dat geldt niet alleen voor onze eigen inwoners, maar ook voor het talent dat we willen aantrekken en behouden om deze grensregio economisch sterker te maken.”

Inzet van Nederlandse en Duitse drones in crisissituaties 

Een goed voorbeeld van de manier waarop kennisinstellingen, bedrijven en de overheid samenwerken aan het versterken van de grensoverschrijdende regionale economie, werd duidelijk tijdens het bezoek aan Enschede. Dinsdagmiddag maakten de beide ambassadeurs kennis met Technology Base Twente. Op de voormalige luchtmachtbasis Twenthe ontwikkelt zich, op initiatief van de provincie Overijssel en gemeente Enschede, een ecosysteem van technologische bedrijven, kennisinstellingen en publieke organisaties. Deze zijn gericht op het ontwikkelen, testen en toepassen van nieuwe materialen en vernieuwende productietechnologie.

Space 53

 Bij Space53, een publiek/private samenwerking gericht op het ontwikkelen, testen en toepassen van onbemande systemen zoals drones, werd ingegaan op de ambitie om van Enschede de drone-hoofdstad van Europa te maken. Space53 werkt daarbij samen met kennisinstellingen, bedrijven en overheden in binnen- en buitenland. Samen met de Duitse en Nederlandse brandweer en andere hulpdiensten wordt de inzet van drones in het monitoren en bestrijden van crisissituaties onderzocht.

Nederlandse en Duitse bedrijfsleven samen aan tafel 

Dinsdagavond stond in het teken van grensoverschrijdend ondernemen. Vertegenwoordigers van het Nederlandse en Duitse bedrijfsleven schoven samen aan tafel. Eensgezind waren de gesprekspartners over het belang van het voorkomen en oplossen van ogenschijnlijk eenvoudige, maar soms ook verstrekkende problemen waar bedrijven mee te maken krijgen. Het afstemmen van de toekomstige plannen over zomer- en wintertijd is daarvan een mooi voorbeeld.

Intensieve samenwerking 

Dat Duitse en Nederlandse kennis- en onderzoeksinstituten en het bedrijfsleven elkaar weten te vinden en versterken werd woensdagochtend duidelijk bij de Universiteit Twente. Op de innovatiecampus Kennispark Twente werken het Fraunhofer Project Center en het Max Planck Research Instituut intensief samen met de universiteit en de daar gevestigde tech-bedrijven. Novel-T geeft als aanjager en verbinder het innovatie-ecosysteem de nodige stimulans om Twente in de Top 3 van meest innovatieve regio’s te houden.

Kansen van een grensoverschrijdende arbeidsmarkt 

Het bezoek van de ambassadeurs werd in het Duitse Vreden afgesloten met presentaties over de kansen die een grensoverschrijdende arbeidsmarkt werkgevers en werknemers te bieden heeft. Op het gebied van arbeidsbemiddeling zetten Grenswerk Gronau/Enschede en het Werkgeversservicepunt Achterhoek zich in om werkgevers en werknemers wegwijs te maken. “De afgelopen jaren hebben honderden mensen een baan aan de andere kant van de grens gevonden, maar zonder grensbelemmeringen kan dat aantal nog fors omhoog”, gaf burgemeester Joris Bengevoord van Winterswijk aan. Ook hier geldt dat verschillen in wet- en regelgeving en ontbrekende kennis van de wederzijdse taal en cultuur het vrije verkeer van vraag en aanbod in de grensstreek dwars zitten. Landrat Kai Zwicker, plaatsvervangend voorzitter van het EUREGIO-bestuur, zei daarover: “Dat is de reden waarom we in de EUREGIO met het project ‘Spreek je buurtaal’ al op de basisscholen aandacht besteden aan het leren kennen van elkaars taal en cultuur. Dat uit zich ook in een vrijwillig netwerk van Nederlandse en Duitse gemeenten, bedrijven en culturele organisaties in het project ‘Grenzhoppers’”. Sinds september 2018 is er ook een Grenzhoppers School, waar ondernemers die over de grens zaken (willen) doen kunnen worden bijgeschoold op het gebied van taal, marketing, communicatie, personeelsbeleid en financiën.

Nationale erkenning voor grensoverschrijdende samenwerking 

Het meerdaagse bezoek van de ambassadeurs van Nederland en Duitsland aan de EUREGIO liet zien dat ook op nationaal niveau het toenemend belang van grensoverschrijdende samenwerking erkend wordt. “Het is heel bijzonder om met collega Brengelmann in enkele dagen over kansen en bedreigingen die in de grensregio spelen, bijgepraat te worden. Wij zijn beide nauw betrokken bij de grensoverschrijdende samenwerking, ook omdat onze beide regeringen daar groot belang aan hechten. In de gesprekken die we gevoerd hebben met de vele mensen die zelf actief zijn, wordt duidelijk wat de regio zelf doet en kan doen en waar provinciale en landelijke overheden kunnen helpen met het ‘uitgummen’ van de grenzen”, zei ambassadeur Kingma aan het eind van het bezoek. De Duitse ambassadeur Brengelmann vulde aan: “Het is niet voor het eerst dat ik op bezoek ben in de EUREGIO en opnieuw ben ik weer verrast door de ambitie, creativiteit en inzet van kennisinstellingen, bedrijven en overheden om samen werk te maken van grensoverschrijdende samenwerking. Het is iedere keer weer van waarde om de praktijk van de grens te ervaren en oplossingen voor beide landen dichterbij te brengen. In deze regio kun je goed zien wat Europa met open grenzen voor onze inwoners betekent.”

Foto: (c) Presseamt Münster

Ambassadeur Kingma op bezoek in Limburg

In het kader van zijn oriëntatiereis langs de Nederlands-Duitse grensregio’s bracht de Nederlandse ambassadeur in Berlijn, Wepke Kingma, op 24 en 25 januari 2019 een werkbezoek aan de Provincie Limburg. Sinds 2017 is hij ambassadeur in Duitsland.

Als eerste bekeek Kingma de proefboringen voor de Einstein-telescoop in Epen, waarop een gesprek hierover volgde. Tijdens een daaropvolgende ontmoeting en een diner in het Gouvernement aan de Maas sprak hij met het Limburgse provinciebestuur over de actuele grensoverschrijdende samenwerking met Duitsland.

Werkbezoek van ambassadeur Kingma aan Provincie Limburg. Foto: (c) Johannes Timmermans/Provincie Limburg.

Samenwerking tussen universiteiten van Maastricht en Aken

Op 25 januari werd de Brightlands Chemelot Campus in Sittard-Geleen bezocht. Hier werd ook het Aachen Maastricht Institute for Biobased Materials (AMIBM) gepresenteerd, een unieke samenwerking tussen de RWTH Aachen en Maastricht University. Daarna stond een bezichtiging van autofabriek VDL Nedcar in Born op het programma. De dag werd afgesloten met een bezoek aan de dies natalis van Maastricht University.

Werkbezoek van ambassadeur Kingma aan Brightland Campus Geleen. Foto: (c) Johannes Timmermans/Provincie Limburg.

Delegatie

Tijdens zijn bezoek aan Limburg werd Kingma vergezeld door o.a. Theo Bovens, Commissaris van de Konings in de Provincie Limburg, en Joost van den Akker, Lid van Gedeputeerde Staten van Limburg. Ook Ward Vleugels, Honorair Consul van Duitsland in Maastricht, en Christane Vaeßen en Freddy Heinzel, Honorair Consuls van Nederland in respectievelijk Aken en Kleef, waren aanwezig.

Limburg als proefregio

Limburg is als grensprovincie economisch sterk verweven met de deelstaat Noordrijn-Westfalen. De grensligging heeft echter ook nadelen. Een van die nadelen heeft te maken met het verschil in wetgeving tussen beide landen. Den Haag heeft intussen Limburg aangewezen als proefregio om eventuele barrières te slechten.

Betere grensoverschrijdende treinverbindingen

Zo bestaat er sinds kort een grensoverschrijdende vacaturebemiddeling en wordt er hard gewerkt aan betere treinverbindingen, zoals Eindhoven-Venlo-Düsseldorf en Eindhoven-Heerlen-Aken. Ook wordt criminaliteit gezamenlijk aangepakt. Zowel Noordrijn-Westfalen als Limburg investeren miljarden in de kenniseconomie en innovatie. Zo werken de universiteiten van Aken en Maastricht samen bij de ontwikkeling van nieuwe materialen op basis van groene grondstoffen.

Transformatie naar Duits voorbeeld

Naar Duits voorbeeld (IBA) werkt Limburg op dit moment aan een transformatie van Parkstad Limburg. IBA staat voor Internationale Bau Ausstellung. Het is een beproefd concept om steden en regio’s uit het slop te trekken met vernieuwende projecten. IBA Parkstad is de eerste IBA buiten Duitsland.

 

Foto: (c) Johannes Timmermans/Provincie Limburg. 

Staatssecretaris Knops brengt werkbezoek aan Twente en de Achterhoek

Op woensdag 24 januari bezoekt staatssecretaris Knops (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) de regio’s Twente en de Achterhoek. Het werkbezoek is bedoeld om te inventariseren waar er kansen liggen voor grensoverschrijdende samenwerking en hoe belemmeringen weggenomen kunnen worden. Tijdens dit bezoek gaat het vooral om de thema’s arbeidsmarkt/economie, verkeer/mobiliteit, veiligheid/ambulancezorg en grensoverschrijdend ondernemerschap.

Staatssecretaris Knops is in de Nederlandse regering verantwoordelijk voor het verbeteren van de samenwerking met Duitsland en België in de grensregio’s. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om thema’s als grensarbeid, belastingen en sociale wetgeving, wederzijdse erkenning van diploma’s en beroepskwalificaties, internationaal ondernemerschap, onderwijs in buurtalen en grensoverschrijdend openbaar vervoer. Vaak is grensoverschrijdende samenwerking regionaal goed te organiseren door de lokale en regionale overheden en organisaties. Op een aantal punten is steun van de nationale overheden nodig.