“Cruciaal om over de landsgrenzen heen samen te werken”

Sinds kort heeft de provincie Zuid-Holland – net als de provincies Limburg, Gelderland en Overijssel – een Deutschlandbeauftragter op het Nederlandse consulaat-generaal in Düsseldorf. Zuid-Holland werkt daarvoor samen met Gelderland: de Deutschlandbeauftragter voor Gelderland, Doede Sijtsma, behartigt nu een dag in de week ook de belangen van Zuid-Holland in Düsseldorf. Floor Vermeulen, Gedeputeerde Verkeer en Vervoer voor de Provincie Zuid-Holland, beantwoordt enkele vragen van Grenspost Düsseldorf.

Waarom is samenwerking met Duitsland belangrijk voor de provincie Zuid-Holland?

Vanwege een gedeeld eigen belang. Voor de haven van Rotterdam is het bijvoorbeeld cruciaal om over de landsgrenzen heen samen te werken, zodat we het transport over weg, spoor en water kunnen verbeteren. Samen met Noordrijn-Westfalen en vier andere Nederlandse provincies werken we daaraan.

Bovendien vormen de Lage Landen samen met Noordrijn-Westfalen de Eurodelta, die bestaat uit de drie stedelijke regio’s in Vlaanderen, Noordrijn-Westfalen en de Randstad. Dit gebied heeft zo’n 40 miljoen inwoners. Over het belang van samenwerking in dit gebied zei Commissaris van de Koning van Zuid-Holland Jaap Smit: “Vanuit het perspectief van andere belangrijke logistieke regio’s in de wereld, zoals Amerika of Azië, is onze Eurodelta één gebied.” Het is onze ambitie om de economische groei in de Eurodelta te bestendigen voor echte banen en echte mensen in de nabije toekomst. Daar moeten we nu op inzetten.

Waar ziet u de voordelen van samenwerking met de grensprovincies richting Duitsland?

Gelderland, Limburg, Noord-Brabant en Overijssel hebben al langere tijd goede contacten met de deelstaatregering in Düsseldorf. Door de Brexit wordt Zuid-Holland ook een grensprovincie binnen Europa, dus wij kunnen op dat vlak veel van de grensprovincies leren.

Tegelijkertijd voegen wij voor de (verduurzaming van de) corridors ons netwerk en kennis toe, zodat de Werkagenda voor mobiliteit en verkeer op alle gebieden tot concrete acties leidt.

Welke concrete thema’s zijn voor Zuid-Holland belangrijk in de samenwerking met Duitsland?

Digitalisering, de energietransitie en demografische ontwikkelingen vragen om het inslaan van nieuwe wegen. Het moet slimmer, schoner en sterker. Grenzen mogen daarbij geen rol meer spelen. Noordrijn-Westfalen heeft een stevige doelstelling geformuleerd ten aanzien van de verbetering van de samenwerking met haar westelijke buurlanden. De agenda’s van bestuurlijk en ambtelijk Nederland en Noordrijn-Westfalen worden daardoor nu al beter op elkaar afgestemd.

Om de Eurodelta een concurrerende regio te laten blijven, moeten we ervoor zorgen dat de modaliteiten naadloos op elkaar aansluiten. De netwerken moeten voldoende robuust zijn en vooroplopen in slimme en schone technieken. Dat kan alleen als we intensiever samenwerken, zeker ook over landsgrenzen heen.

Aangezien Noordrijn-Westfalen de belangrijkste handelspartner van Nederland is, is verdere samenwerking tussen Zuid-Holland en het Ruhrgebied op het gebied van logistiek en transport interessant. De efficiëntie in de binnenvaart kan verder verhoogd worden – denk bijvoorbeeld aan papierloos varen en data die grensoverschrijdend gedeeld worden. Ook streven we ernaar om meer treinen tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen te laten rijden, voor goederen én mensen, en liggen er kansen voor samenwerking op het gebied van energie en bio-economie.

Wat gaat goed, en op welke punten is er nog terrein te winnen?

Veel gaat al goed. Zuid-Holland werkt met Noordrijn-Westfalen samen binnen een aantal Europese netwerken: AIR (luchtkwaliteit), Vanguard (economie) en Clean Inland Shipping. In het laatstgenoemde project worden bijvoorbeeld emissie-reducerende technologieën en alternatieve brandstoffen voor de binnenvaart in de praktijk getest.

Op het gebied van de binnenvaart zijn er daarnaast nog andere lopende projecten met Noordrijn-Westfalen. Door de groei van de bevolking en de opkomst van e-commerce groeit de vraag naar producten en dus transport. Daarom zijn er investeringen nodig in smart shipping en moet de bestaande infrastructuur zo goed mogelijk worden benut. InnovationQuarter, de regionale investeringsmaatschappij van Zuid-Holland, is daarom gestart met een blockchain-pilot in de binnenvaart van Rotterdam naar Duisburg. In deze pilot streven zes samenwerkende partijen naar één digitaal platform, waarin alle documenten voor transport in de binnenvaart veilig worden weggezet.

U was op 25 februari in Zwolle aanwezig bij het Mobiliteitsoverleg tussen een aantal Nederlandse provincies en het Ministerium für Verkehr van Noordrijn-Westfalen. Wat zijn uw eerste ervaringen in deze samenwerking?

Het is heel goed dat Hendrik Wüst als minister van Verkeer van Noordrijn-Westfalen heeft uitgesproken wat zijn ambities betreffende de samenwerking met Nederland en Vlaanderen zijn. De Rotterdamse haven is immers de belangrijkste zeehaven van NRW, dus is het logisch om op het gebied van mobiliteit en ook economie gezamenlijk de handschoen op te pakken. Ik waardeer zijn uitnodiging daarvoor zeer, en wil die namens Zuid-Holland graag vanaf nu concreet ter hand nemen.

Welke afspraken zijn er gemaakt in dit mobiliteitsoverleg?

We waren bij elkaar om de Werkagenda voor mobiliteit en verkeer te ondertekenen. Nu is het tijd om met de uitvoering hiervan aan de slag te gaan.

Hebt u al kennis gemaakt met Nederlands-Duitse cultuurverschillen en, indien ja, welke?

Cultuurverschillen zijn er overal, maar de ambitie om de corridor te verbeteren voert de boventoon. Deze energie in het netwerk zullen we met elkaar vast moeten houden de komende jaren. Met de concrete afspraken die op tafel liggen moet dat lukken.

Hoe is het gesteld met uw kennis van de Duitse taal?

Ik heb eindexamen Duits gedaan op het gymnasium, en door mijn opleiding en internationale ervaring van de laatste jaren is mijn Duits gelukkig goed. Desalniettemin voer ik echt ingewikkelde discussies liever in het Engels.

Foto:
Bron: Provincie Zuid-Holland.

Nederlandse provincies bezoeken NRW-verkeersminister Wüst

Op uitnodiging van Verkeersminister Wüst hebben Conny Bieze (Gelderland), Hubert Mackus (Limburg) en Floor Vermeulen (Zuid-Holland) op 24 juli jongstleden een bezoek gebracht aan Noordrijn-Westfalen om te spreken over grensoverschrijdende samenwerking en corridorontwikkeling.

Minister Hendrik Wüst onderstreepte het belang van de succesvolle jarenlange grensoverschrijdende samenwerking van de grensprovincies met Noordrijn-Westfalen op het gebied van mobiliteit en infrastructuur. “Door gezamenlijk te werken aan grenzeloze mobiliteit kunnen we beide buurlanden dichter bij elkaar brengen. Daarbij moeten we niet alleen kijken naar de grote projecten, maar ook de kleine projecten en maatregelen die van groot nut kunnen zijn.”


Corridorontwikkeling zeehavens

Naast de grensregio kwam ook de corridorontwikkeling van de zeehavens van en naar NRW aan bod. Minister Wüst wil graag met de Nederlandse partners samenwerken en goed functionerende goederen- en personenverbindingen ontwikkelen.

Afgesproken is om samen te kijken naar mogelijkheden voor Europese cofinanciering van projecten vanuit de huidige en toekomstige TEN-T Connecting Europe Facility en andere programma‘s. Dit zal onderdeel vormen van een gezamenlijke werkagenda die begin 2019 moet worden vastgesteld.

Andere onderwerpen voor die agenda zijn o.a. verbetering van de internationale spoorverbindingen zoals de ICE Amsterdam-Arnhem-Düsseldorf-Frankfurt, Amsterdam-Berlijn en IC Eindhoven-Düsseldorf. Daarnaast zal de uitwisseling van ideeën rondom slimme mobiliteit en snelfietsroutes op het programma komen te staan.

In december 2018 is er een volgende ontmoeting in Zwolle om de werkagenda 2019 te bespreken.

Minister van Verkeer Wüst van NRW te gast in Gelderland

Vlnr: Jan Mulder, directeur ProRail; Hendrik Wüst, verkeersminister NRW en Gedeputeerde Conny Bieze

Verkeersminister Hendrik Wüst van Noordrijn-Westfalen was op 8 maart op bezoek in Nederland. In Den Haag ontmoette hij zijn Nederlandse collega Cora van Nieuwenhuizen. Zij spraken onder andere over de organisatie van de verkeersstromen in het achterland van de havens, de problematiek rond bruggen en grensoverschrijdende samenwerking bij verkeersvraagstukken.

“In Nederland is de verkeerssector te land, ter zee en op het spoor op veel vlakken al jarenlang goed georganiseerd. Ik denk dat we daarvan het een en ander kunnen leren,” aldus Wüst. Minister Van Nieuwenhuizen nodigde Wüst uit om deel te nemen aan de ‘Benelux-Roadmap’ mobiliteit. Dit is een afspraak tussen de verkeersministers uit de Benelux-landen om de groeiende verkeersstromen op de weg, het spoor en het water in de toekomst duurzamer en innovatiever te maken.

Verbetering infrastructuur
Tijdens de afspraak met de Nederlands-Duitse Handelskamer (DNHK) was ook de directrice van Straßen.NRW, Elfriede Sauerwein-Braksiek aanwezig. Onderwerpen als de versnelling van planningsprocedures en de uitvoering van bouwplannen stonden op de agenda. Tijdens het aansluitende bezoek aan de haven van Rotterdam stonden verbeteringen voor de binnenscheepvaart op het gebied van digitalisering en energievoorziening centraal. Bij de Regionale Verkeerscentrale Midden-Nederland in Utrecht werd gesproken over de verdere intensivering van de bestaande samenwerking met de verkeerscentrale in Leverkusen en om het grensoverschrijdend sturen van verkeersstromen.

Centrale rol Arnhem bij treinverkeer
Tot slot bracht Wüst een bezoek aan de provincie Gelderland. Op Arnhem Centraal werd hij ontvangen door gedeputeerde Conny Bieze en Jan Mulder, directeur ProRail regio Noord-Oost Nederland. Tijdens het werkbezoek stonden zij stil bij de centrale plaats van Arnhem in het internationale treinverkeer met Duitsland, de Rhine-Alpine corridor. Ook het sneller, vaker en betrouwbaarder laten rijden van de ICE Amsterdam– Arnhem–Frankfurt stond op het programma. Met 1,46 miljoen reizigers per jaar is deze ICE een onmisbare schakel in het treinverkeer tussen Nederland en Duitsland. De ICE verbindt de regio met het economische hart van Duitsland en de belangrijke Europese luchthavens in Frankfurt, Düsseldorf en Köln-Bonn.

Sneller en vaker
De Provincie Gelderland en deelstaat Noordrijn-Westfalen willen de ICE sneller en vaker laten rijden. Door de frequentie te verhogen van 16 naar 26 treinen per dag kan het aantal reizigers dat jaarlijks van de ICE gebruik maakt, groeien naar 2,3 miljoen. Gedeputeerde Conny Bieze: ‘Als goede buren werken Gelderland en Noordrijn-Westfalen nauw samen om het treinverkeer over de Nederlands-Duitse grens te verbeteren. Door de ICE treinen sneller en vaker te laten rijden, verleggen we de grenzen van het internationale treinverkeer. Goed voor de reiziger en goed voor de economie in de regio.’

Op de foto vlnr: Jan Mulder, directeur ProRail; Hendrik Wüst, verkeersminister NRW en Gedeputeerde Conny Bieze

Nieuwe treinverbinding tussen Hengelo en Bielefeld

Vanaf 14 januari is er een nieuwe regionale treinverbinding tussen Bielefeld en Hengelo

Vanaf 14 januari pendelt er een nieuwe trein vanuit Bielefeld via Osnabrück, Rheine en Bad Bentheim naar Hengelo. De trein rijdt 1 keer per uur en passagiers kunnen zonder extra kaartje gebruik maken van de verbinding, deelde het Zweckverband Westfalen-Lippe (NWL) mee.

De treinen zijn geschikt voor zowel het Nederlandse als Duitse spoor, zodat de locomotief voor he teerst niet meer in Bad Bentheim hoeft te worden omgewisseld. De trein stopt anders dan de IC van Amsterdam naar Berlijn, die eveneens over dit traject, rijdt ook in Oldenzaal.