Kabinet en provincies investeren in GrensInfoPunten

De GrensInfoPunten worden vanaf volgend jaar structureel gefinancierd. Staatssecretaris Tamara van Ark van Sociale Zaken en Werkgelegenheid sloot daartoe op 25 november in Nijmegen een overeenkomst met vertegenwoordigers van de grensregio’s.

Het kabinet en de regio’s dragen vanaf 2020 ieder jaarlijks een miljoen euro bij. Voor de centrale back office, uitgevoerd door de Sociale Verzekeringsbank, stelt het Rijk per jaar negen ton beschikbaar. Daarnaast dragen onder andere de provincies Overijssel, Gelderland, Limburg en Noord-Brabant, arbeidsmarktregio’s Twente en Achterhoek en diverse grensgemeenten bij.

Ook de financiering aan Duitse kant lijkt rond te zijn. Christoph Almering, directeur-bestuurder van de EUREGIO in Gronau/Enschede en een van de medeondertekenaars van de overeenkomst, zei hierover: “De signalen voor de toekomst van het grenspendelaars-advies zijn ook aan Duitse kant heel positief. Noordrijn-Westfalen en Nedersaksen hebben zich bereid verklaard een stabiele financiering te garanderen.“

Verschillende regels per land

De tien infopunten aan de Nederlands-Duitse en Nederlands-Belgische grens bieden dienstverlening aan werknemers die werken, wonen of studeren in een van de buurlanden, dit van plan zijn of dit in het verleden gedaan hebben. Ruim 20.000 Nederlanders pendelen dagelijks voor werk tussen Nederland en Duitsland of België en bijna 80.000 mensen uit deze buurlanden werken in Nederland. Nog eens duizenden Nederlanders wonen vlak over de grens. De regels voor het opbouwen van pensioen, het betalen van belastingen of de ziektekostenverzekering verschillen per land. Dit geldt ook voor zaken als diplomawaardering, het halen van een rijbewijs, de regels bij ontslag of de hoogte van de kinderbijslag. Het is door deze verschillen lang niet altijd duidelijk wat wonen of werken over de grens betekent voor iemands persoonlijke situatie.

“Arbeidsmarkt stopt niet bij de grens”

“Het is belangrijk om de hobbels die er zijn om over de grens te werken of wonen zoveel mogelijk weg te nemen met goede en gemakkelijk beschikbare informatie. Daar voorzien de GrensInfoPunten in”, aldus staatssecretaris Van Ark. “Door structureel te investeren in deze loketten laat het kabinet zien dat het belang hecht aan een goed functionerende grensoverschrijdende arbeidsmarkt. De arbeidsmarkt stopt niet bij de grens, maar biedt juist mogelijkheden voor werknemers, bedrijven en regio’s aan beide zijden. Daar kunnen we nog veel meer gebruik van maken.”

Daar is Gedeputeerde van de Provincie Overijssel voor Energie, Milieu en Arbeidsmarkt Tijs de Bree het mee eens. “Als provincie Overijssel willen we dit soort barrières wegnemen. Het GrensInfoPunt draagt bij aan het bevorderen van een grensoverschrijdende arbeidsmarkt, en aan een sterkere, internationale economie”, zegt De Bree. “Informatieverstrekking is daarin een belangrijk onderdeel. Het GrensInfoPunt voorziet daar in, en blijkt succesvol. Vandaar dat wij meewerken aan een structurele financiering.”

Samenwerking tussen diverse organisaties

Onder andere de provincies, de SVB, het UWV, de Belastingdienst, het CAK en partnerorganisaties in Duitsland en België werken samen in de GrensInfoPunten. Er zijn loketten in Terneuzen, Maastricht, Bergen op Zoom, Baarle Nassau, Eindhoven, Bad Nieuweschans en, over de grens, in Aachen-Eurode, Mönchengladbach, Kleef en Gronau. Digitaal biedt de website www.grensinfo.nl informatie.

Overleg Mobility NL-NRW: veel ontwikkelingen op gebied van grensoverschrijdende mobiliteit

Op 7 november vond tussen de provincies Gelderland, Overijssel, Limburg, Noord-Brabant en Zuid-Holland, vertegenwoordigers van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en een afvaardiging van het ministerie van verkeer van Noordrijn-Westfalen het mobiliteitsoverleg Mobility NL-NRW plaats. Wat gebeurt er allemaal op het gebied van grensoverschrijdende mobiliteit, en welke onderwerpen stonden er tijdens deze bijeenkomst op de agenda? Coen Mekers, senior beleidsstrateeg mobiliteit bij de Provincie Gelderland, vertelt er meer over.

In februari 2019 hebben Nederlandse en Duitse bestuurders de Werkagenda Mobility NL-NRW ondertekend, waarin de belangrijkste onderwerpen op het gebied van grensoverschrijdende mobiliteit zijn opgenomen. Deze agenda is onderbouwd met een werkprogramma met daarin de concrete activiteiten voor de komende maanden en jaren. “Onderwerpen die in de agenda aan bod komen zijn onder meer verkeer en vervoer op spoor, wegen en water, Smart Mobility en mobiliteitsmanagement, de Europese TEN-T corridors en innovatieve en duurzame aandrijftechnieken”, zegt Mekers. “’Hot items’ zijn vooral Smart Mobility, logistiek en duurzaamheid. Ook spoorverbindingen staan hoog op de agenda.”

Belangrijke stappen gezet

Sinds de ondertekening zijn er belangrijke stappen gezet: de thema’s uit de werkagenda zijn geconcretiseerd in een bijbehorend werkprogramma en er zijn expert meetings georganiseerd over logistiek, binnenvaart en duurzame brandstoffen. “Daarnaast is sinds september de nieuwe werkgroep Smart Mobility Solutions actief, die al concrete acties aan het werkprogramma heeft toegevoegd. Er is bijvoorbeeld een bijeenkomst georganiseerd over autonome voertuigen”, aldus Mekers.

Grensoverschrijdende pilots, workshops en expert meetings

Aan welke projecten wordt op dit moment concreet gewerkt? Als eerste noemt Mekers de grensoverschrijdende Mobility as a Service (MaaS)-pilot voor openbaar vervoer tussen Limburg en Aken. “Bovendien vinden er triple-helix workshops plaats rond de ervaringen met geautomatiseerd vervoer en wordt tot maart 2020 een grensoverschrijdende pilot met betrekking tot de uitbreiding van truck parkings gedetailleerd uitgewerkt. Daarnaast wordt er bij de afstemming van concrete spoorverbindingen en bij projecten op het gebied van duurzame alternatieve brandstoffen voor de scheepvaart en de ontwikkeling van Clean Energy Hubs intensief samengewerkt”, legt Mekers uit. Ook staan er voor het eerste halfjaar van 2020 verschillende expert meetings voor ov-tarieven, fietsroutes, logistieke netwerken en MaaS gepland.

Ook EGTC Rhine-Alpine belangrijk thema tijdens mobiliteitsoverleg

Op de Rijn-Alpen-corridor wordt sinds een aantal jaren interregionaal samengewerkt tussen de regio’s en de havens: de EGTC Rhine-Alpine. De Gelderse gedeputeerde Christianne van der Wal werd op 8 november tot voorzitter verkozen. De partners in de EGTC gaan uit van het motto ‘One corridor – One strategy’. De focus ligt daarbij op grensoverschrijdende onderwerpen, een groene ontwikkeling van de corridor, robuustheid van de corridor, slimme mobiliteit en het verminderen van geluidsoverlast. Volgens Mekers is ook de ontwikkeling van de corridor een belangrijk thema in de werkagenda met Noordrijn-Westfalen. “We bespreken gezamenlijke standpunten en kijken samen naar de mogelijkheden van Europese cofinanciering van projecten”, legt Mekers uit.

“Succesvol voorbeeld van grensoverschrijdende samenwerking”

Mobility NL-NRW bestaat al ruim tien jaar. Mekers is erg tevreden over de ontwikkeling die het mobiliteitsoverleg heeft doorgemaakt. “De collega’s aan beide zijden van de grens zijn erg enthousiast. Ze tonen veel inzet en daardoor kunnen bestaande mobiliteitsvraagstukken en problemen goed opgepakt worden. Er wordt op een gestructureerde manier samengewerkt en men heeft veel vertrouwen in elkaar”, aldus Mekers. Volgens hem is Mobility NL-NRW inmiddels een succesvol voorbeeld van grensoverschrijdende samenwerking. Vertrouwen en communicatie zijn de sleutel tot dit succes: “Daardoor lukt het elk keer weer om de verschillen in structuur, regelgeving, procedures en taal en cultuur te overbruggen. Daardoor kunnen we efficiënt op de inhoud focussen”, sluit Mekers af.

Het jaarlijks Bestuurlijk Overleg tussen de minister voor verkeer van Noordrijn-Westfalen en de Gedeputeerden van de provincies zal eind januari 2020 in Noordrijn-Westfalen plaatsvinden. Het volgende Ambtelijk Coördinatie Overleg staat voor eind maart 2020 in Nederland gepland.

“Samenwerken met buren is logisch”: INTERREG-project ‘NL + DE Startups X-Border’ van start

Nederlandse en Duitse start-ups die kennis en netwerken met elkaar delen om zo bewustzijn te creëren voor het aanbod aan beide zijden van de Nederlands-Duitse grens. Dat is het doel van het nieuwe INTERREG-project ‘NL + DE Startups X-Border’. Op 3 september vond bij ontwikkelingsmaatschappij Oost NL de kick-offbijeenkomst van het project plaats.

Het project is een partnerprogramma tussen de Provincie Gelderland en het ministerie van Economie, Innovatie, Digitalisering en Energie van de deelstaat Noordrijn-Westfalen. Oost NL is lead partner. “Nederlanders en Duitsers vullen elkaar op veel vlakken aan. Tegelijkertijd zien we dat de ecosystemen in beide landen nog onvoldoende met elkaar vervlochten zijn. Met het X-Borders-programma willen wij de interactie tussen start-ups en hubs in Nederland en Duitsland versterken,” aldus projectleider Hans Brouwers.

Een week bij een partner-hub in het buurland

Het project bestaat uit een ‘Event Exchange’ en een ‘Get Connected Week’. Tijdens de ‘Event Exchange’ kunnen Nederlandse en Duitse start-ups evenementen in het buurland bezoeken om de groei van hun bedrijf te stimuleren. De bedrijven kunnen hun ideeën voor een publiek met gevestigde bedrijven en investeerders pitchen en hun netwerk uitbreiden. Tijdens de ‘Get Connected Week’ worden start-ups gedurende een werkweek bij een partner-hub in het buurland ondergebracht. Start-ups volgen daarbij een intensief programma waarin zij onder begeleiding van de hub hun business cases kunnen valideren. Zo kunnen ze toegang krijgen tot nieuwe markten en de kans op investeringen vergroten. Digital start-ups die aan het programma willen deelnemen, kunnen zich hier aanmelden.

Diverse Nederlandse en Duitse partners betrokken

Vanuit Gelderland zijn Health Valley, Foodvalley NL, Briskr, KIEMT, IPKW, StartLife, Starthub Wageningen, Novio Tech Campus en Gelderland Valoriseert betrokken. Vanuit Limburg en Overijssel zijn respectievelijk Brightlands en Novel-T aangehaakt. Daarnaast is ook Techleap.NL, het voormalige StartupDelta met special Envoy Prins Constantijn van Oranje, aan het project verbonden. Aan Duitse zijde nemen de zes verschillende ‘Digihubs’ uit Münster, Essen, Düsseldorf, Köln, Aachen en Bonn deel aan het X-Borders-project.

“Zakendoen over de grens is moeite waard”

Op 19 april 2018 werd al de intentieverklaring ‘Hubs connected, crossing borders’ getekend. Michiel Scheffer, voormalig Gedeputeerde Economie, Innovatie, Europa van provincie Gelderland, was toen al enthousiast over het project. ‘Door samen te werken zorgen we voor een zachte landing voor start-ups op de Nederlandse en Duitse markt. Veel start-ups werken al samen met andere ‘hubs’ in de wereld. Maar wat is er nu logischer dan samenwerken met onze buren?”, aldus Scheffer. “Voor startende ondernemers is het vaak lastig om zaken te doen over de grens. Toch is dat beslist de moeite waard. Met 18 miljoen inwoners is Nordrhein-Westfalen de grootste deelstaat van Duitsland. Andersom biedt Gelderland start-ups uit Nordrhein-Westfalen toegang tot de Nederlandse markt.”

Gedeputeerde Annemieke Traag loopt mee met Regierungspräsidentin Bezirk Münster Dorothee Feller

Gedeputeerde Annemieke Traag (Energie, Milieu, Europa) van de Provincie Overijssel heeft op 13 maart een dag meegelopen met Dorothee Feller, Regierungspräsidentin van het Bezirk Münster. Aanleiding voor het bezoek zijn de steeds intensievere contacten tussen Duitse en Overijsselse overheden. Het bezoek moet bijdragen aan een nog beter wederzijds begrip voor elkaar, elkaars werkwijzen en gewoonten.

Voor de meeloopdag is geen aparte agenda gemaakt – Traag volgde Feller op een reguliere werkdag. Op het programma stonden onder meer een gesprek van de Regierungspräsidentin met de afdeling Onderwijs, Cultuur en Sport, een gesprek met de ondernemingsraad van een scholengemeenschap en een gesprek met de regionale fractie van Die Grünen. Bovendien was er tijd om van gedachten te wisselen over de grensoverschrijdende samenwerking.

Gedeputeerde Annemieke Traag: “Als je de samenwerking intensiveert, is het belangrijk dat je ook investeert in de onderlinge relaties. Vandaar dat ik vandaag een dag meeloop met mevrouw Feller. Als provincie Overijssel hebben we aan het begin van de huidige coalitie nadrukkelijk de keuze gemaakt om onze banden met de Duitse buurlanden (en in het bijzonder het directe grensgebied Münsterland) aan te halen. Het resultaat is een economische samenwerkingsagenda, die concreet moet leiden tot minder belemmeringen om aan weerszijden van de grens te wonen, te werken of te ondernemen. Denk bijvoorbeeld aan thema’s als taalonderwijs, diploma-erkenning en grensoverschrijdende bereikbaarheid.”

Provincie Overijssel en de regio Münsterland werken met andere partners nauw samen in de zogeheten Oost-Nederland – Münsterland-agenda. Dit is een samenwerkingsagenda op het gebied van economie, arbeidsmarkt, onderwijs en bereikbaarheid. Doel van de agenda is om te kijken hoe de grens als barrière kan worden weggenomen en kansen kunnen worden verzilverd. Het is een unieke samenwerking op regionaal niveau, die onlangs nog de interesse wekte van de Duitse ambassadeur in Den Haag, de heer Brengelmann, en de Nederlandse ambassadeur in Berlijn, de heer Kingma. Van 25 t/m 27 februari bezochten zij de Duits-Nederlandse grensstreek om de samenwerking met eigen ogen te bekijken.

Foto: (c) Provincie Overijssel. 

Knops bezoekt Provincie Overijssel en Regio Twente

Maandag 1 oktober kwam Raymond Knops (staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) samen met Gedeputeerde Eddy van Hijum (portefeuille Economie, Innovatie en Recreatie & Toerisme) naar Twente. Het werkbezoek was bedoeld om kennis te maken met concrete initiatieven in de grensregio en daarover het gesprek te voeren met lokale bestuurders uit Nederland en Duitsland.

Gedeputeerde Eddy van Hijum begeleidde de delegatie die startte bij de Universiteit Twente. President van Twente Board Geert Braaksma beet de spits af en zoomde in op de regiodeal van Twente. Regiovoorzitter Onno van Veldhuizen ging dieper in op het thema grensoverschrijdende arbeidsmarkt en de bredere samenwerking tussen Oost-Nederland en het Münsterland. Biba Visnjicki business development officer en prof. dr. Ir. Fred van Houten (Universiteit Twente) vertelden een inspirerend verhaal vanuit het Frauenhofer Project Center over grensoverschrijdende samenwerking in productietechnologie.

Ook het thema digitale dorpen kwam uitgebreid aan bod: Connected Villages en glasvezel in het buitengebied als succesverhaal vanuit Overijssel. De provincie is koploper als het gaat om supersnel internet in het buitengebied en de ontwikkeling van het platteland. Dat biedt kansen om digitalisering in te zetten voor het verbeteren van de leefbaarheid van het platteland. Dit werd geïllustreerd met een enthousiaste pitch van een regionaal projectinitiatief Dag!enDoen!

Knops vervolgde zijn reis naar De Lutte. Hier verzorgden Wethouder Marcel Wildschut (gemeente Losser) en burgemeester Volker Pannen (Bad Bentheim) vervolgens een presentatie en pitch van een regionaal initiatief op het gebied van energiesamenwerking Duitsland–Nederland: het project power2gas en het project grensoverschrijdend windpark. Samen met burgemeester Cia Kroon keken ze vanaf de Losserse Dijk naar de windmolens op Duits grondgebied. Losser wil samen met Bad Bentheim ook een aantal windmolens bouwen op Nederlands grondgebied. Regelgeving maakt dit nu nog niet mogelijk. Het ministerie van Binnenlandse zaken, provincie Overijssel en gemeente Losser zoeken hiervoor gezamenlijk naar een oplossing.

Het werkbezoek werd afgesloten in Gronau. Hier bezocht men GrensWerk, het Duits-Nederlandse bureau voor grensoverschrijdende arbeidsbemiddeling. EUREGIO-voorzitter Rob Welten en Duitsland coördinator Economie & Arbeid Peter Schildkamp leidden het gesprek waarin eveneens van gedachten werd gewisseld met medewerkers over successen en knelpunten van de dagelijkse werkzaamheden.

Nederlandse provincie-afvaardiging op bezoek bij de Landtag

Op 5 juli jongstleden waren vertegenwoordigers van de Provincies Gelderland, Overijssel en Limburg in Düsseldorf te gast bij de president van de Landtag, André Kuper. Het belangrijkste onderwerp op de agenda: verdere intensivering van de grensoverschrijdende samenwerking

President Kuper benadrukte de bijzondere relatie tussen Noordrijn-Westalen en Nederland. “We hebben aan beide kanten door een goede samenwerking een vertrouwensband opgebouwd. En we hebben de grenzen in de hoofden weten te slechten. Samen verwezenlijken wij de Europese gedachte.”

Een van de hoofdthema´s van het werkbezoek was het enthousiasmeren van jonge mensen voor de politiek. De president vertelde over de driedaagse Landtag voor de jongeren, die eind juni in het parlement van Noordrijn-Westfalen is gehouden.  Gedurende deze drie dagen is duidelijk geworden dat jonge mensen enthousiast gemaakt kunnen worden voor democratie, benadrukte Kuper.

De Commissaris van de Koning in Gelderland, Clemens Cornielje, bedankte de president voor het bezoek aan de Landtag. Ook hij ging in op de bijzondere band tussen de twee landen. “Wij beschouwen deze jarenlange, goede samenwerking en vertrouwensband als waardevol. Met name ook met het oog op de wereldwijde problemen, die niet ophouden bij de grens.

Na de ontvangst stond er een werkbespreking met de Parlamentarieregruppe NRW-Benelux op de agenda. Daarnaast werd er gesproken over het meerjarig financieel kader van de EU.

Marcus Optendrenk, voorzitter van de Parlamentariergruppe Benelux, en Clemens Cornielje, Commissaris van de Koning van de Provincie Gelderland

Nederland en Noordrijn-Westfalen willen hun samenwerking verder intensiveren. Zowel in de Landtag als bij Provinciale Staten worden hiertoe voorstellen ingediend.

Andries Heidema aanbevolen als Commissaris van de Koning in Overijssel

Andries Heidema

Andries Heidema (56) is de beoogde nieuwe Commissaris van de Koning in Overijssel. Dat maakten Provinciale Staten in Overijssel na afloop van een besloten Statenvergadering bekend. Provinciale Staten zien in Andries Heidema een nieuw boegbeeld voor de provincie. Heidema is hiermee de opvolger van Ank Bijleveld-Schouten. Zij werd vorig jaar minister van Defensie.

 Op basis van de aanbeveling zal de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een voordracht uitbrengen aan de Koning. De nieuwe Commissaris Andries Heidema zal vervolgens bij Koninklijk Besluit benoemd worden voor een periode van zes jaar.

Energiek met hart voor Overijssel

De provincie zocht naar een energieke persoonlijkheid met een groot hart voor de Overijsselse samenleving. “Provinciale Staten zien Heidema als een verbindend leider, energiek en charismatisch. Wij zien deze elementen uit de profielschets sterk in zijn persoon terug. Hij zal de identiteit van de Overijsselse regio’s goed aanvoelen. Onze inwoners zullen in hem iemand zien zoals zij zich die wensen: aanwezig, betrokken en benaderbaar. Andries Heidema zal voluit gaan voor Overijssel.” aldus Martin Reesink, voorzitter van de vertrouwenscommissie.

Loopbaan

Andries Heidema is sinds 2007 burgemeester van de Overijsselse gemeente Deventer. Daarvoor was hij burgemeester van de gemeente Neder-Betuwe. In de jaren ‘90 tot 2002 was hij raadslid, fractievoorzitter en wethouder voor de ChristenUnie in Zoetermeer. Heidema studeerde Cultuurtechniek aan de Landbouw Universiteit Wageningen. Hij beschikt over een landelijk bestuurlijk netwerk, is onder meer bestuurslid van het Nederlands Genootschap van Burgemeesters en het G40 netwerk van Nederlandse gemeenten.