Limburgs winkelaanbod profiteert van buitenlandse koopkracht

Duitsers en Belgen steken graag de grens over om te winkelen en recreëren in Limburg. Dat is ook te merken aan de uitgaven die zij in deze provincie doen en de bijdrage die zij daarmee aan de Limburgse koopkracht leveren. Met name voor niet-dagelijkse producten als kleding en elektronica trekt Limburg fors meer koopkracht aan van buiten de provincie dan dat er afvloeit. Dat blijkt uit het grensoverschrijdend ‘Koopstromenonderzoek 2019’ dat de provincie Limburg in nauwe samenwerking met diverse partijen liet uitvoeren. Aan het onderzoek namen ruim 30.000 respondenten deel.

Dat de Limburgse winkelgebieden populair zijn bij het Duitse publiek, blijkt ook uit het rapportcijfer van de Duitse bezoekers. Waar de Limburgers hun winkelgebieden zelf een 7,8 geven, waarderen de Duitsers deze met bijna 8,2. Ingezoomd op de aankooplocaties in Limburg die relatief veel bestedingen uit het buitenland halen, valt vooral het Designer Outletcenter in Roermond op met circa € 123 miljoen uit het buitenland. Ook het centrum van Venlo met bestedingen van bijna € 74 miljoen uit het buitenland en de Maastrichtse binnenstad met bijna € 50 miljoen zijn geliefd.
De Duitse bestedingen in Limburg zijn sinds het vorige Koopstromenonderzoek in 2009 echter wel gedaald. Uit een indicatieve vergelijking met het onderzoek uit 2009 blijkt dat circa 10 procent minder niet-dagelijkse bestedingen vanuit Duitsland en overig Nederland komt.

Limburgers besteden minder over de grens

Limburgers shoppen op hun beurt ook minder in het buitenland. Voor de dagelijkse boodschappen is dit naar schatting 10 procent minder, terwijl dit voor niet-dagelijkse boodschappen oploopt tot 40 procent minder. Ondanks dat is de onderlinge koopkrachtontwikkeling tussen Limburg en het buitenland nog steeds substantieel en bovengemiddeld. Limburg weet anno 2019 per saldo fors meer niet-dagelijkse bestedingen (excl. toerisme en online) van buiten de provincie aan te trekken (ruim € 1 miljard) dan dat er afvloeit (circa € 321 miljoen). De toevloeiing is ruim 3 keer zo groot als de afvloeiing. Limburgs winkelaanbod drijft daarmee sterk op bestedingen uit het buitenland.

Het veldwerk van dit koopstromenonderzoek is uitgevoerd in de periode voor de coronacrisis en laat dus zien hoe de winkelgebieden zich ontwikkelden tot vlak daarvoor. Hoewel de economische impact in deze fase niet te voorspellen is, wordt verwacht dat deze groot zal zijn.

Duitse btw-verlaging op komst

Een andere factor die hierin een rol zou kunnen gaan spelen is de tijdelijke btw-verlaging die de Duitse Bondsregering begin juni heeft aangekondigd. Vanaf 1 juli tot en met 31 december 2020 zal het hoge btw-percentage van 19 naar 16 procent en het lage btw-percentage van 7 naar 5 procent worden verlaagd. Daarmee komt het Duitse btw-tarief nog lager te liggen dan het Nederlandse, dat 21 resp. 9 procent bedraagt. Vincent Pijnenburg, lector Cross-Border Business Development bij Fontys, laat zijn licht hierover schijnen: “De prijs is slechts één factor om over de grens te consumeren. Denk daarnaast aan factoren als: ander productaanbod, openingstijden, parkeeraanbod en het ‘fun’ aspect. De btw-verhoging in Nederland van 6 naar 9 procent per 1 januari 2019 heeft tegen de verwachtingen in geen gevolgen gehad voor Duitse toevloeiing naar Limburg. Ik verwacht daarom dat de btw-verlaging in Duitsland weinig teweeg zal brengen wat betreft grensoverschrijdend consumentengedrag.” Daarnaast geldt dat de corona-uitbraak ervoor gezorgd heeft dat mensen minder de drukte opzoeken en de e-commerce flink is toegenomen. “Ik kan me voorstellen dat mensen blijvend meer producten online zullen bestellen en dus minder fysiek gaan inkopen”, aldus Pijnenburg.

Duitse minister voor Economie en Digitalisering Pinkwart bezoekt Brightlands Chemelot Campus

Op uitnodiging van gedeputeerde Economie en Kennisinfrastructuur van de Provincie Limburg, Joost van den Akker, bezocht minister Andreas Pinkwart van het Ministerie voor Economie, Innovatie, Digitalisering en Energie van de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen de Brightlands Chemelot Campus in het Limburgse Sittard-Geleen. De nauwe samenwerking in het kader van de driezijdige strategie voor de chemische industrie tussen Nederland, Vlaanderen en Noordrijn-Westfalen werd hiermee verder geïntensiveerd.

Minister Pinkwart toonde zich verheugd de Brightlands Chemelot Campus te leren kennen. “Met gedeputeerde Van den Akker en de directeur van de Brightlands Chemelot Campus, de heer Kip, heb ik zeer interessante gesprekken gevoerd over verschillende onderwerpen op het gebied van de versterking van de innovatieve kracht van de chemische industrie.”

Centraal tijdens het bezoek aan de Brightlands Chemelot Campus stonden bezoeken aan het onderzoeksinstituut Aachen-Maastricht Institute for Biobased Materials (AMIBM), het Chemelot Innovation and Learning Labs (CHILL) en de Startup Loft. Minister Pinkwart benadrukte dat grensoverschrijdende samenwerking op het gebied van onderzoek en ontwikkeling belangrijk is voor een verbetering van de concurrentiepositie van bedrijven aan beide kanten van de grens. “De gesprekken hebben duidelijk gemaakt dat de Nederlandse en Duitse belangen elkaar perfect aanvullen. Daarom willen we graag samen gebruikmaken van de kansen die een innovatieve chemische industrie biedt. Aan de basis hiervan staat onze driezijdige strategie voor de chemische industrie. Nu gaan we aan het succes ervan werken!”

De Brightlands Chemelot Campus is het resultaat van een strategische samenwerking tussen bedrijven, wetenschappelijke instellingen en de regering. De campus ondersteunt innovaties en activiteiten van ondernemers, onder andere door de bouw van proefinstallaties, wetenschappelijk onderzoek en de toegang tot durfkapitaal.

Foto’s: (c) Dirk Plees

Erfgoedfestival gaat over grenzen heen

Het Gelders Erfgoedfestival belicht van 23 mei tot en met 22 juli 2018 de vele facetten van grenzen in een publieksgericht programma vol met activiteiten. Cultuur- en erfgoedorganisaties uit Gelderland en de grensprovincies kunnen gratis meedoen door een activiteit te organiseren.

De festivalorganisatie organiseert een aantal rode draden waar deelnemers op kunnen aanhaken. Denk hierbij aan theatervoorstellingen op historische grenslocaties, exposites in de vier kerken van de vroegere kwartieren van het hertogdom Gelre, een beeldproject ‘Gelderlanders over Grenzen’, een fietsroute langs de grens en een game ‘RoMeincraft’ over de Romeinse limes. Op erfgoedfestival.nl staat alle informatie, nieuws en verhalen. Deelnemers kunnen ook lokaal inhaken door het woord Gelderland in de titel te vervangen door een andere (plaats)naam. De provincie Limburg haakte als eerste aan met de titel ‘Over Grenzen van Limburg’. Gedeputeerde Hans Teunissen: “Limburg is een echte grensprovincie. Ik vind het belangrijk dat we het Limburgse verhaal blijven vertellen en doorgeven aan volgende generaties”.

Letterlijk grenzen over

De Gelderse grenzen zijn van grote invloed (geweest) op de geschiedenis, het heden en de toekomst van Gelderland. Midden- en Noord Limburg en een deel van Duitsland vormden ooit het Overkwartier: één van de vier kwartieren van het Hertogdom Gelre. Daardoor zijn Gelderse grenzen ook van grote invloed geweest op de geschiedenis van Limburg. En ook vandaag de dag spelen grenzen beide provincies nog een grote rol. Het erfgoedfestival Over Grenzen gaat letterlijk en figuurlijk over grenzen heen. Naast Limburg en Gelderland zijn er ook in Duitsland (Noordrijn-Westfalen) en in Brabant al initiatieven om grensverhalen te vertellen.

Foto: Grenspaal Keteldal (bron: Maud Heldens)

Euregio Maas-Rijn krijgt nieuwe structuur

Het samenwerkingsverband Euregio Maas-Rijn krijgt een EGTS-status. Hierdoor wordt het makkelijker om Europese subsidies binnen te halen voor grensoverschrijdende projecten. Ook krijgen de vertegenwoordigers van de ‘parlementen’ van de vijf deelnemende regio’s meer invloed.

De Euregio Maas-Rijn is een samenwerkingsverband van Nederlands- en Belgisch-Limburg, de provincie Luik, de regio Aken en de Duitstalige Oostkantons in België. Het samenwerkingsverband wordt in de nieuwe opzet een zogenaamde EGTS, een Europese Groepering voor Territoriale Samenwerking.

Jaarlijks zullen 35 stemgerechtigde leden (7 per regio) de begroting en het werkplan vaststellen bij meerderheid van stemmen. De huidige Euregioraad met volksvertegenwoordigers komt in de nieuwe opzet te vervallen.

Het bestuur van de Euregio Maas-Rijn bestaat uit twee bestuurders per regio. Voor Nederlands-Limburg neemt gouverneur Theo Bovens zitting in het bestuur samen met een gedeputeerde. Besluiten worden met een twee derde meerderheid genomen.

Vrijdag 6 april komt de nieuwe EGTS-opzet aan de orde in een statencommissie.

Den Haag wil meer inzicht in grensobstakels

Het Binnenhof in Den Haag

Een afvaardiging van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat was op 20 februari jl. op bezoek bij het Limburgse samenwerkingsplatform ‘Limburg Economic Development’ (LED) in Sittard. In een interactieve sessie met Limburgse ondernemers probeerde de Haagse delegatie meer zicht te krijgen op grensobstakels waarmee bedrijven die grensoverschrijdend willen ondernemen te maken hebben.

Vijf Limburgse ondernemers waren aanwezig tijdens de bijeenkomst: Maikel Kempen (Roderland, Kerkrade), Bart Reijnen (Ferchau, Aken), Wilma Leenaerts (Leenaerts Born) en Davy Fuchs en Marco Smits (beiden Arion, Aken/Heerlen). Zij waren het erover eens dat grensoverschrijdend ondernemen vraagt om doorzettingsvermogen, want makkelijk gaat het vrijwel nooit. Belangrijke grensobstakels die werden genoemd zijn het 183-dagen criterium, de bestuursaansprakelijkheid in Duitsland, het voeren van dubbele administraties en zware liquiditeitseisen. Het woud aan regels maakt het er ook niet beter op. Dat het desondanks goed zakendoen is in Duitsland heeft alles te maken met de kansen die de grote Duitse markt biedt, de degelijkheid en kwaliteit, de cultuur van samenwerken en afspraak is afspraak. Men het erover eens dat het beter en gemakkelijker moet kunnen. Oplossingen die werden genoemd zijn: kennis over zakendoen in Duitsland en best practices beter delen, informatie minder versnipperd aanbieden en waar mogelijk praktische bi-regionale oplossingen zoeken.

Structurele samenwerking

LED greep de gelegenheid aan om de Haagse delegatie bij te praten over het project Eurostad, dat zich richt op structurele samenwerking tussen de vijf grensregio’s. “Het weliswaar goed met de euregio, maar dat kan nog veel beter als er structureel over de grenzen heen wordt samengewerkt,” stelt Wim Weijnen, lid van het kernteam van LED, vast. Maar hoe dan? “Het is tijd om de discussie om te draaien. Niet meer praten in termen van knelpunten, maar over toegevoegde waarde en potentie.” Volgens Weijnen scoort de Euregio Maas-Rijn zeer hoog als het gaat op patenten. “De afgelopen 15 jaar is het aantal patenten verdubbeld. Dat zegt wel wat over de innovatiekracht van deze regio. Door te gaan denken en werken in ketens van innovatie en technologie (in plaats van in sectoren) kunnen bedrijven en kennisinstellingen met elkaar worden verbonden en samenwerken waardoor de innovatiekracht verder toeneemt.”

Innovatieketens

Weijnen vertelt verder dat het Zwitserse bureau BAK Basel binnenkort de opdracht krijgt om ketens van technologie in de Euregio Maas-Rijn in kaart te brengen, uit te zoeken welke technologieën leidend zijn, welke bedrijven en kennisinstellingen daarbij horen en die met elkaar te verbinden. Het doel: kansen identificeren en beter pakken. Kansen lijken er volgens hem vooral te liggen op het gebied van e-mobility, ICT en life sciences. Weijnen: “Veel is mogelijk, maar alles begint uiteraard bij de ambitie en de wil om samen complementair te zijn.”

Lees verder op de website van Limburg Economic Development.

Vier veiligheidsregio´s en Kreis Kleve tekenen samenwerkingsovereenkomst

Op 29 november 2017 is in het Euregio-Forum een “Samenwerkingsovereenkomst op het gebied van crisisbeheersing en rampenbestrijding” tussen de Veiligheidsregio Limburg-Noord, de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid, de Veiligheidsregio Noord-Oost Gelderland en de Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden ondertekend.

De 138 km lange gezamenlijke grens van de Kreis Kleve met Nederland biedt veel mogelijkheden voor grensoverschrijdende samenwerking. Ook de samenwerking op het gebied van crisisbeheersing en rampenbestrijding kent een lange traditie. De hulp en ondersteuning van de buren is voor beide zijden van de grens al heel lang een vanzelfsprekendheid, die nu door de ondertekening van een samenwerkingsovereenkomst nog eens onderstreept wordt. “De wederzijdse hulp en ondersteuning in het belang van onze inwoners, is zoals het tussen partners en vrienden hoort, aan beide zijden van de grens onderdeel van een goed nabuurschap”, benadrukte Landrat Wolfgang Spreen in zijn welkomstwoord. Het is ons met elkaar gelukt een gezamenlijke overeenkomst over de toekomstige samenwerking op het gebied van crisisbeheersing en rampenbestrijding af te stemmen, die invulling geeft aan de wensen van de partners van beide zijden van de grens en die wij nu met leven moeten vullen”.

Rampen houden zich niet aan grenzen

Als vertegenwoordiger van alle vier de Veiligheidsregio´s sprak burgemeester Hubert Bruls uit Nijmegen: “De grensoverschrijdende samenwerking is heel belangrijk. Hoogwater of gifwolken stoppen niet bij de grens. Daarom moeten wij bij de crisisbeheersing en de rampenbestrijding goed samenwerken. En dat niet alleen als er echt iets aan de hand, maar ook van te voren. Bijvoorbeeld door het opstellen van plannen en gezamenlijke oefeningen. Daarom ben ik blij, dat vandaag onze goede samenwerking, die in de praktijk is ontstaan, nu met een overeenkomst wordt bekrachtigd. Een overeenkomst van grote betekenis!”. Vervolgens ondertekenden burgemeester Hubert Bruls uit Nijmegen voor de Veiligheidsregio Gelderland Zuid, burgmeester Jan-Willem Wiggers uit Hattem voor de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland, burgemeester Ahmed Marcouch uit Arnhem voor de Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden en burgemeester Jos Hessels uit Echt-Susteren voor de Veiligheidsregio Limburg-Noord en Landrat Wolfgang Spreen van de Kreis Kleve de Samenwerkingsovereenkomst voor de grensoverschrijdende samenwerking op het gebied van crisisbeheersing en rampenbestrijding. Aan de bijeenkomst namen verder ook consul Hans van de Heuvel van het Consulaat-Generaal in Düsseldorf, honorair consul Freddy B. Heinzel en vertegenwoordigers uit politiek, bestuur en de brandweer deel.

Samenwerking voor de lange termijn

De ondertekende overeenkomst bekrachtigt het traditioneel goede nabuurschap. Met name voor de brandweer en ambulancedienst is de grensoverschrijdende samenwerking dagelijkse praktijk. Ook op het gebied van crisisbeheersing en rampenbestrijding kunnen de partners terugblikken op een langdurige samenwerking. Nadat door enkele reorganisaties aan Nederlandse zijde nu de Veilgheidsregio´s verantwoordelijk zijn, was het nodig om ook de grensoverschrijdende samenwerking opnieuw te structureren. Daarom was het doel om één gezamenlijke overeenkomst tussen de Kreis Kleve en alle vier de aangrenzende Veiligheidsregio´s op te stellen.

Op de foto (v.l.n.r.): burgemeester Jos Hessels, burgemeester Hubert Bruls, burgemeester Jan Willem Wiggers, Landrat Wolfgang Spreen van de Kreis Kleve en burgemeester Ahmed Marcouch. Foto; Kreis Kleve