“Op (inter)nationaal niveau zou meer belang gehecht moeten worden aan grensoverschrijdende samenwerking op lokaal en regionaal niveau”

Nederland en Duitsland werken op talloze vlakken met elkaar samen. Zo ook op cultureel gebied. Hoe gaat dat vanuit de grensprovincies precies in zijn werk? Lin Verbrugge is beleidsmedewerker cultuur bij Provincie Limburg en houdt zich o.a. bezig met grensoverschrijdende samenwerking, die in belangrijke mate gericht is op culturele samenwerking met Duitsland. In gesprek met Grenspost Düsseldorf schetst ze hoe Provincie Limburg grensoverschrijdende culturele projecten ondersteunt en wat belangrijke voorwaarden zijn voor een goede grensoverschrijdende culturele samenwerking.

Grensoverschrijdende samenwerking is onderdeel van het nieuwe beleidskader cultuur van de Provincie Limburg. Als beleidsmedewerker cultuur bij Provincie Limburg houdt u zich hier onder andere mee bezig. Kunt u hier iets meer over vertellen?

Aangejaagd door de kandidatuur van Maastricht voor Europese Culturele Hoofdstad 2018 heeft de samenwerking tussen culturele en overheidspartners in de Euregio Maas-Rijn de afgelopen jaren een boost gekregen. Daarom had het cultuurbeleid van Provincie Limburg in de afgelopen jaren een focus op Euregionale culturele samenwerking. Met ons nieuwe Beleidsprogramma Cultuur 2020-2021 hebben we het effect hiervan willen uitbreiden tot de gebieden waar wij de meeste duurzame kansen zien, te weten Vlaanderen en Noordrijn-Westfalen.

De basis van ons cultuurbeleid is dat grensoverschrijdende culturele samenwerking een meerwaarde heeft voor zowel het culturele veld als het publiek. Bovendien kunnen grensregio’s zich hiermee profileren en onderscheiden. In dit kader neem ik bijvoorbeeld deel aan bijeenkomsten met Duitse en Belgische overheidspartners. Doel van deze bijeenkomsten is om goede randvoorwaarden voor grensoverschrijdende culturele samenwerking te creëren en in stand te houden en concrete projecten mogelijk te maken. Tijdens deze gesprekken vervul ik een ambassadeursfunctie voor het Limburgse culturele veld. Een voorbeeld hiervan is onze ambtelijke deelname in de jury van het regionale culturele subsidieprogramma (RKP) van Noordrijn-Westfalen in de regio Aken. Grensoverschrijdende projecten genieten in het kader van dit programma hoge prioriteit.

Op welke manier ondersteunt Provincie Limburg grensoverschrijdende cultuurprojecten? Kunt u eens enkele projecten noemen?

Wij richten ons vooral op het stimuleren en ondersteunen van grensoverschrijdende culturele samenwerkingsprojecten. Hiervoor hebben wij dan ook een subsidieregeling. Van deze laagdrempelige regeling wordt veel gebruikgemaakt, ook door Duitse initiatiefnemers. Ook zij kunnen subsidie aanvragen – mits er sprake is van samenwerking met een Limburgse partner.

Met onze regeling hebben wij bijgedragen aan allerlei kleine en grote projecten: van gezamenlijke concerten van muziekgezelschappen tot de graffitimanifestatie UNFRAMED en van Poetry SLAM-festival Borderlines tot meerjarige museumsamenwerkingen. Een goed voorbeeld van dat laatste is het project ‘Naar het museum!’ van het Zweckverband Region Aachen. Dit initiatief ging in 2017 met een combiticket en bijbehorende marketingcampagne voor acht Duitse musea van start. In 2019 hebben in totaal 28 musea uit het hart van de Euregio Maas-Rijn zich aangesloten bij dit project, waaronder 7 musea uit de regio Parkstad. Het project – tevens een Euregionaal netwerk – werd in 2019 door ons ondersteund en heeft de ambitie om een Euregionale museumkaart te gaan aanbieden.

Wat al deze projecten kenmerkt is dat de grensoverschrijdende culturele samenwerking is ontstaan vanuit of gedragen wordt door de betrokken culturele partners uit Limburg én die van over de grens.

Waar valt op het gebied van grensoverschrijdende cultuursamenwerking wat u betreft nog terrein te winnen?

Op het gebied van kennisuitwisseling. Mijns inziens is er over en weer vrij weinig kennis over bijvoorbeeld de manier waarop het cultuurbeleid in de partnerlanden is ingericht, zowel op nationaal, regionaal als gemeentelijk niveau, en welke impact dit precies heeft. En dat terwijl je die context vaak wel nodig hebt om goed met elkaar te kunnen samenwerken. Ook ten aanzien van actuele vraagstukken in de culturele sector zelf kunnen we zeker nog van elkaar leren.

Met het oog op duurzaamheid en efficiëntie in het brede (nationale) kader van internationalisering zou er bovendien veel meer belang gehecht moeten worden aan grensoverschrijdende samenwerking op lokaal en regionaal niveau. Daar gebeurt het namelijk echt.

Wat zijn volgens u belangrijke voorwaarden voor een goede culturele samenwerking tussen Nederland en Duitsland?

Voor een geslaagde samenwerking op cultureel vlak is het volgens mij essentieel dat de betrokken partners aan beide zijden van de grens profijt hebben van de samenwerking. Er moet sprake zijn van een win-winsituatie – of in elk geval uitzicht daarop. Directe successen zijn helaas zeldzaam, meestal moeten beide partijen over een lange adem beschikken.

Wat waardeert u als Nederlandse aan Duitsers?

Alles eigenlijk – de taal, de cultuur. Misschien vooral vanwege de overeenkomsten die wij met elkaar hebben. Hierbij geloof ik dat onze ‘verschillen’, onze wederzijdse typische eigenschappen, vaak ook complementair zijn aan elkaar. Dat is een vruchtbare bodem voor samenwerking.

Wat vindt u het leukste aspect van grensoverschrijdende samenwerking?

Het samenwerken met Duitse collega-ambtenaren en mensen uit de culturele sector in Duitsland geeft mij een ander referentiekader. Ik vind het leuk om mijn horizon te verbreden.