“De kansen over de grens liggen juist nu voor het grijpen”

Sinds een klein jaar mag Christoph Almering zich directeur-bestuurder van de EUREGIO in Gronau noemen. Daarmee maakte Almering een carrière move, die voor de voormalig journalist op het eerste oog niet de meest voor de hand liggende was. In gesprek met Grenspost verraadt Almering waarom hij zich in zijn nieuwe functie helemaal op zijn plek voelt.


U bent in Ahaus geboren, vlakbij de Nederlandse grens. Nederland was voor u dus altijd al dichtbij. Hoe was het leven als ‘Grenskind’ voor u?

De grens en het oversteken ervan was en is voor mij inderdaad de normaalste zaak van de wereld. Als klein jochie fietste ik al de grens over om in Enschede of Winterswijk boodschappen te gaan doen, zonder erover na te denken wat het bordje ´Zollgrenzbezirk` eigenlijk precies betekende.

Sinds november vorig jaar bent u directeur-bestuurder van de EUREGIO Gronau. Wat houdt uw functie precies in?

De kerntaak van de EUREGIO en daarmee ook mijn belangrijkste taak als directeur-bestuurder is de ontwikkeling van deze regio tot een verzorgingsgebied. Dat is altijd al het hoofddoel van de EUREGIO geweest en is ook verankerd in de nieuwe strategie EUREGIO 2030. Deze doelstelling willen we met alle denkbare partners vanuit het bedrijfsleven, het onderwijs en de dienstverlenende sector bereiken.

Is er een Nederlandse eigenschap, die u als bijzonder prettig ervaart? 

Het fijne aan Nederlanders vind ik dat ze over het algemeen heel gemakkelijk in de omgang zijn en dat het in de regel erg eenvoudig is om een gesprek aan te knopen. Misschien vind ik dat zo prettig omdat ik zelf ook zo´n inslag heb. Stiekem ben ik best een beetje Nederlands.

 

Wat vindt u het leukste aan uw baan? 

Dat is het grensoverschrijdende karakter an sich. Het voortdurende switchen tussen de twee talen, de cultuur en mentaliteitsverschillen en alles, wat daarbij hoort. Het is ongelooflijk boeiend dit elke keer opnieuw aan den lijve te mogen ondervinden en dat maakt het alles behalve eentonig.

De drie provincies Gelderland, Overijssel en Limburg hebben inmiddels elk een Deutschlandbeauftragte in Düsseldorf. Wat vindt u van deze ontwikkeling?

Dat is een belangrijk signaal van Nederland aan Duitsland en geeft aan hoe belangrijk ons buurland de betrekkingen met Duitsland en Noordrijn-Westfalen vindt. Duitsland heeft dit signaal ook opgepikt en beantwoord, onder andere in de vorm van de coalitieovereenkomsten in Hannover en Düsseldorf. De benoeming van de drie Deutschlandbeauftragten heeft wat mij betreft echt een meerwaarde. Zij kunnen op deze manier de vinger goed aan de pols houden. Ook krijg je in Duitsland op deze manier direct mee wat er in de provincies speelt en op welke punten er actie ondernomen moet worden. Zij vormen een belangrijke pijler onder de grensoverschrijdende samenwerking.

De grensregio´s worden ook landelijk gezien steeds belangrijker. De huidige Nederlandse staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Raymond Knops, maakt zich momenteel sterk voor een betere grensoverschrijdende samenwerking in de grensregio´s. Het lijkt wel of de tijden nog nooit zo goed zijn geweest als nu om deze samenwerking verder te intensiveren.

Dat is inderdaad een uitgesproken positieve ontwikkeling. Er is op allerlei plekken grensoverschrijdend veel in beweging, we merken dat onze partners echt heel actief zijn omdat de kansen juist nu voor het grijpen liggen. En als de politiek dan ook nog eens duidelijk maakt, energie te willen steken in de verdere intensivering van de Nederlands-Duitse betrekkingen, is dat natuurlijk een signaal bij uitstek aan alle betrokkenen om hier ook zelf vaart achter te zetten. Ik heb ook het gevoel dat de vriendschapsbanden zelden zo goed waren als nu. En dat is wel eens anders geweest. Nu is het moment om de muren in de hoofden van mensen en bij instanties nog verder af te breken.

Kunt u een voorbeeld noemen van actuele onderwerpen die hoog op de agenda staan?

Momenteel staan de GrensInfoPunten en de arbeidsmarkt in de spotlights. Met het nu goedgekeurde nieuwe INTERREG-project heeft het GIP in Gronau weer tijd gewonnen tot eind 2020. Maar: al in maart 2020 moet duidelijk zijn hoe de financiering er daarna uit zal zien, anders komen de GrensInfoPunten te vervallen. De vraag is dus nu hoe de toekomst van het GrensInfoPunt eruit zal gaan zien. Dat de GrensInfoPunten voor een verdere stimulering van de grensoverschrijdende arbeidsmarkt onmisbaar zijn, blijkt uit een evaluatierapport van het Nederlandse ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De discussies over de permanente financiering ervan lopen momenteel, en we moeten er met zijn allen voor zorgen dat we de motor achter de GrensInfoPunten niet laten afslaan. Maar ik ben optimistisch dat we gezamenlijk tot een goede oplossing zullen komen.

Over INTERREG-projecten wordt vaak beweerd dat ze te bureaucratisch zouden zijn. Hoe is dat bij de andere projecten? Werkt de EUREGIO zelf nog aan interne processen om de aanvraagprocedure te versnellen en te vereenvoudigen?

We dienen zelf ook aanvragen in voor INTERREG-projecten en weten hoe veel werk dat kan zijn. Tegelijkertijd zien we dat de aanvraag voor kleine projecten al flink is vereenvoudigd en de aanvraag voor mini-projecten inmiddels digitaal en in een taal kan worden gedaan. Er zijn werkgroepen actief die nadenken over verdere vereenvoudigingen, ook voor grotere projecten. De drempels zijn nog steeds hoog, en dat niet zonder reden. Ik ben van mening dat het bij de grote bedragen waarover we spreken niet meer dan gerechtvaardigd is om exact te willen weten of het belastinggeld op de juiste manier is uitgegeven. In zoverre is bureaucratie zeker zinvol, hoewel er zeker nog winst te boeken valt.

De EUREGIO viert dit jaar haar zestigjarig jubileum. Hoe moet de EUREGIO zich volgens u verder ontwikkelen?

We werken momenteel aan ons nieuwe strategiepaper Euregio 2030 en hebben besloten dat de basis van de strategie als geheel onveranderd blijft. We blijven ons in de kern richten op het ontwikkelen van de regio tot een verzorgingsgebied. Een extra toevoeging is de versterking van de regionale identiteit. De inwoners van dit gebied onderhielden van oudsher al handelsbetrekkingen over de landsgrenzen heen. Deze werden pas veel later door grenzen bemoeilijkt. In de loop der eeuwen is hier een specifieke regionale identiteit ontstaan, en die willen we behouden. Nu moeten we ervoor zorgen dat de bevolking de regio ook daadwerkelijk als een gebied gaat zien en de grenzen ook uit de hoofden van de mensen verdwijnen.

Foto: (c) EUREGIO