Grensoverschrijdende samenwerking centraal tijdens Algemeen Overleg in Den Haag

Op woensdag 11 maart vond er in de Tweede Kamer een Algemeen Overleg over grensoverschrijdende samenwerking plaats met minister Raymond Knops van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Aanwezig waren daarnaast Monica den Boer (D66), Stieneke van der Graaf (ChristenUnie), Jan Middendorp (VVD), Harry van der Molen (CDA), Nevin Özütok (GroenLinks) en Erik Ziengs (VVD). Tijdens het overleg werd de voortgang van de grensoverschrijdende samenwerking besproken.

Op 9 maart stuurde minister Knops de Tweede Kamer al een Kamerbrief over deze voortgang en de ontwikkelingen in de grensregio’s.

Belang van Duits op school

Een belangrijk thema tijdens het Algemeen Overleg was de positie van het schoolvak Duits in het nieuwe curriculum van het middelbaar onderwijs. Volgens Van der Molen stelt het kabinet Duits gelijk aan alle andere vreemde talen. Dat zou volgens hem niet het geval moeten zijn, omdat het de taal van een buurland is. Knops bevestigde dat kennis van elkaars taal en cultuur zeer belangrijk is en dat deze kennis al op jonge leeftijd moet worden ontwikkeld. Hij ziet op dit vlak een belangrijke rol weggelegd voor projecten rondom grensoverschrijdende jongerenevenementen: “We geloven namelijk dat als je jongeren bekendmaakt met de grensregio en ze in contact brengt met de buren aan de andere kant van de grens, de kans groter is dat ze uiteindelijk zullen kiezen voor zo’n taal en dat ze daar ook de meerwaarde van inzien”, aldus Knops.

Grensoverschrijdende gezondheidszorg  

Ook de grensoverschrijdende samenwerking op het gebied van de gezondheidszorg werd besproken. In verschillende regio’s werken Nederlandse en Duitse ambulancediensten al samen, maar er treden regelmatig problemen op in de vorm van diploma’s van ambulancemedewerkers die in het buurland niet erkend worden en de verschillende bevoegdheden die Nederlandse en Duitse ambulancemedewerkers hebben. Volgens Knops gaan de ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Justitie en Veiligheid in juni in gesprek met de betrokken Duitse ministeries en belanghebbenden over het borgen van de grensoverschrijdende spoedzorg.

Ook de huidige ontwikkelingen rondom het coronavirus werden hier aangehaald. Özütuk informeerde in dit verband naar hoe de grensoverschrijdende informatievoorziening in crisissituaties zoals deze zo goed mogelijk georganiseerd kan worden.

Knops zegde daarnaast toe schriftelijke informatie te gaan leveren over de keuzemogelijkheden op het gebied van zorgverzekeringen voor grensarbeiders.

DigiD voor buitenlandse grensarbeiders

Een belangrijk ander thema was het verstrekken van een DigiD aan grensarbeiders die buiten Nederland wonen. Middendorp wees erop dat zij daar volgens de Raad van State recht op hebben. Er ontstaan echter problemen bij grensarbeiders die in Nederland werken, buiten Nederland wonen en niet de Nederlandse nationaliteit hebben, omdat bij hen niet zo gemakkelijk de identiteit vastgesteld kan worden. Knops bevestigde dit. Volgens hem wordt op dit moment onderzocht of buitenlandse grensarbeiders via de DigiD-buitenlandbalie een DigiD kunnen ontvangen.

Grensoverschrijdende diploma-erkenning en geldigheid Nederlands noodrijbewijs

Andere thema’s die tijdens het Algemeen Overleg aan bod kwamen, waren onder andere het grensoverschrijdende openbaar vervoer, de erkenning van met name mbo-diploma’s aan de andere kant van de grens, het Nederlandse noodrijbewijs voor 75-plussers dat aan de andere kant van de grens niet geldig is en eHerkenning voor ondernemers die grensoverschrijdend zakendoen. Özütok vroeg eveneens aandacht voor de grensoverschrijdende aanpak van hooligans.

Rondetafelgesprek

Ter voorbereiding op het algemeen overleg vond een week eerder, op 4 maart, op uitnodiging van de Tweede Kamercommissie Binnenlandse Zaken een rondetafelgesprek over grensoverschrijdende samenwerking plaats. Hierbij waren diverse vertegenwoordigers uit de grensstreek aanwezig, onder andere Andy Dritty (gedeputeerde Provincie Limburg), Karel Groen (directeur Eems-Dollard Regio), Ulrich Francken (voorzitter Euregio Rijn-Waal), Cigdem Zantingh Akcelik (Rijnland Instituut) en Hildegard Schneider (Maastricht University/ITEM).

Aan de hand van concrete voorbeelden lieten zij zien waar er langs de landsgrenzen nog werk aan de winkel is, zoals op het gebied van onderwijs, op de arbeidsmarkt en op het gebied van grensoverschrijdend ambulancevervoer. EUREGIO-voorzitter Rob Welten riep de Tweede Kamer tijdens het gesprek op om meer oog te hebben voor de specifieke belangen van de Nederlandse grensregio’s. “Grensoverschrijdende samenwerking is de basis voor de Europese integratie”, aldus Welten.