Interview: “Fors investeren in relatie met Duitsland”

Sinds augustus 2018 is Ellen Berends Consul-Generaal van het Koninkrijk der Nederlanden in Düsseldorf en daarmee de opvolger van Ton Lansink, die ambassadeur van het Koninkrijk der Nederlanden in Tunesië is geworden. In oktober had Berends haar ‘vuurdoop’ met het bezoek van Koning Willem-Alexander en Koningin Máxima aan Rijnland-Palts . Grenspost Düsseldorf ging met haar in gesprek over haar ervaringen in de eerste maanden van haar nieuwe functie.

Hoe bevalt het werk tot nu toe? Wat is uw eerste indruk? 

Ik heb mijn minister om deze plaatsing gevraagd en ik ben na twee maanden alleen maar geïnteresseerder geworden. De economische relaties tussen Nederland en Duitsland zijn heel omvangrijk: ongeveer een kwart van de Nederlandse export gaat naar Duitsland, het leeuwendeel daarvan naar de grensdeelstaten Noordrijn-Westfalen (NRW) en Nedersaksen. Talloze Nederlandse bedrijven investeren hier en gebruiken deze regio als springplank naar de rest van de Duitse en Europese markt. Je zit in Düsseldorf dus ‘where the action is’ – een geweldige baan.

Wat zijn de meest urgente zaken waar u mee aan de slag moet?

Ik had een vliegende start met het werkbezoek van Koning Willem-Alexander en Koningin Máxima aan Rijnland-Palts en Saarland in oktober. Zij werden begeleid door de ministers Kaag van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en De Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en zo’n 80 bedrijven. Een heel aantal daarvan heeft overeenkomsten getekend met Duitse counterparts. Wij zullen in de komende maanden aandacht geven aan de follow-up van deze contacten. Nu gaat mijn aandacht vooral uit naar regeringsconsultaties die in november zullen plaatsvinden tussen Nederland en NRW.

Heeft u al kennis gemaakt met Nederlands-Duitse cultuurverschillen en, indien ja, welke?

Het is fascinerend dat twee buurvolken zoveel gemeenschappelijk hebben en tegelijkertijd zo verschillend zijn. De Duitsers die ik ontmoet heb zijn een beetje formeler dan de gemiddelde Nederlander. En de auto is hier veel belangrijker dan in Nederland. Als ik ’s morgens naar mijn werk fiets, hoop ik dat Düsseldorf op enig moment speciale fietspaden zal aanleggen...

Hoe is het gesteld met uw kennis van de Duitse taal?

Toen ik jong was heb ik goed Duits geleerd, maar ik heb niet eerder in deze taal gewerkt. Ik heb daarom taallessen genomen om mijn kennis op te frissen. Gelukkig houd ik erg van talen, dus dat is geen straf!

De grensregio´s worden ook landelijk gezien steeds belangrijker. Zo vond er op 8 oktober jl. een ontmoeting plaats tussen staatssecretaris van Binnenlandse Zaken Raymond Knops en minister van Europese Zaken van NRW Stephan Holthoff-Pförtner. Hoe ziet u de gestegen belangstelling voor grensoverschrijdende samenwerking aan beide zijden van de Duits-Nederlandse grens?

Dat is een logische ontwikkeling en in het belang van alle betrokkenen. De grensposten zelf staan er al lang niet meer, maar de wet- en regelgeving is nationaal en sluit soms slecht op elkaar aan. De Europese Commissie heeft berekend dat zo’n 8% groei in grensregio’s mogelijk is als we erin zouden slagen de praktische belemmeringen op te heffen en de kansen te grijpen die er zijn. De Nederlandse regering en de grensprovincies investeren daarom fors in deze relaties. Voor mijn team in Düsseldorf is dit één van de belangrijkste opdrachten.

De drie grensprovincies Gelderland, Overijssel en Limburg hebben sinds een paar jaar elk een “Deutschlandbeauftragte(r)” in Düsseldorf. Wat vindt u van dit engagement van de grensprovincies?

Het Consulaat-Generaal en de Nederlandse grensprovincies zijn sinds mei 2016 samen gehuisvest. Inmiddels voelt het heel natuurlijk aan. Het weerspiegelt de veranderingen in Nederland waarbij taken zijn gedecentraliseerd naar provincies, bijvoorbeeld op het gebied van regionale economie en mobiliteit.Rijk en provincies werken nu samen , zoals bij de Omgevingswet of het opzetten van een nieuwe governance structuur voor de grensoverschrijdende samenwerking. In NRW ervaren veel ministeries en instellingen het als service dat zij niet met het Rijk en de provincies afzonderlijk zaken hoeven te doen, maar dingen kunnen combineren. De lijntjes zijn korter geworden, en provincies en consulaat profiteren van elkaars netwerken. Het is een win-winsituatie voor alle partijen in Duitsland en in Nederland.

Waar ligt uw prioriteit de komende vier jaar?

Het grootste deel van mijn tijd zal ik besteden aan het verder bevorderen van de grensoverschrijdende samenwerking en aan de economische relaties tussen Nederland en de deelstaten waarvoor ik verantwoordelijk ben. Het leuke is dat je als Consul-Generaal samen met je team iedere dag weer bijdraagt aan de goede betrekkingen tussen beide landen, en werkt aan concrete oplossingen voor problemen waar burgers en bedrijven direct voordeel bij hebben. Ik kijk er naar uit!