Europa met leven vullen

Andy Dritty zit nu anderhalf jaar in het zadel als gedeputeerde Ruimte, Wonen en Europa van de Provincie Limburg. Hier voelt de voormalig directeur van de euregio rijn-maas-noord zich als een vis in het water. Niet in de laatste plaats vanwege de vele raakvlakken met Europese programma’s en grensoverschrijdende samenwerking. Een interview met een bevlogen man.

Sinds anderhalf jaar ben je nu actief als gedeputeerde. Wat sprak je in het bijzonder aan toen deze functie beschikbaar kwam?

“Er waren twee dingen die me in het bijzonder aanspraken. Allereerst was dat het bijzondere voorstel om de Provincie Limburg te laten besturen door een extraparlementair college. Aan een extraparlementair college ligt geen coalitieakkoord ten grondslag, maar een collegeprogramma met een brede betrokkenheid van de politieke partijen én de samenleving. Het collegeprogramma geeft vooral uiting en richting aan de grote maatschappelijke opgaven en sociaaleconomische kansen in Limburg. Gedeputeerden zitten nu ook niet namens een politieke partij in het college. Ze kunnen wel uit politieke partijen komen, maar ook van ‘buiten’. Dat was bij mij het geval.”

“Het tweede dat me aansprak, was de portefeuille. Met name de onderwerpen Wonen en Ruimte, waar veel raakvlakken zijn met gemeenten, en Europese Programma’s en Grensoverschrijdende Samenwerking waren een mooie combinatie. Hier sluit mijn ervaring die ik heb opgedaan als wethouder bij de gemeente Landgraaf en als directeur van de euregio rijn-maas-noord goed bij aan.”

Wat zijn je belangrijkste taken?

“Als gedeputeerde draag je zorg voor de dagelijkse uitvoering van provinciaal beleid. Als gedeputeerde Ruimte, Wonen en Europa gaat het dan concreet om bijvoorbeeld de Provinciale Omgevings Visie (POVI) waarin onderwerpen als wonen, bodem, infrastructuur, economie, water, landschap en cultureel erfgoed, maar ook het aspect gezondheid en een gezonde leefomgeving worden meegenomen. Ook vind ik het belangrijk dat we zorgen voor de juiste woningen, op het juiste moment en op de juiste plek. Om dit te bewerkstelligen dragen we bij aan het versnellen van de uitvoering van goede woningbouwplannen, waarbij plannen met elkaar worden verbonden en er oog is voor elkaars belangen. Op Europees vlak probeer ik zo veel mogelijk bruggetjes te slaan, waarbij we rekening houden met de culturele verschillen die er zijn. Voor veel mensen is Europa een abstract begrip. Door middel van bijvoorbeeld video’s van concrete projecten, kun je goed laten zien wat er met Europees geld gebeurt en gaat het veel meer leven bij mensen.”

Hoe is het om na vijf jaar directeur van de euregio rijn-maas-noord te zijn geweest nu aan de andere kant van de tafel te zitten?

“Door de ervaring die ik heb opgedaan in mijn vorige functie ben ik bekend met de werkwijze aan die kant en met de culturele verschillen die er zijn. Hierdoor kan ik me beter inleven in de wederzijdse belangen.”

Welke rol speelt grensoverschrijdende samenwerking nu in jouw portefeuille?

“Grensoverschrijdende samenwerking speelt een grote rol in mijn portefeuille. Europa is in beweging. De internationale oriëntatie en de manier waarop wij omgaan met betrekkingen over landsgrenzen heen, is voor Limburg van grote betekenis. Immers, ontwikkelingen in Limburg staan niet op zichzelf. Niet alleen in deze collegeperiode, maar continu maakt Limburg vanwege haar ligging, zowel economisch als sociaal, onlosmakelijk deel uit van een regio die meerdere landen bestrijkt. Inwoners van Limburg werken en ondernemen regelmatig over de grens, winkelen en recreëren in de buurlanden, werken samen met partners aan de andere kant van de grens en volgen er onderwijs. Grensoverschrijdende samenwerking is een rode draad door het collegeprogramma heen. Elk provinciaal beleidsterrein kent wel een grensoverschrijdende dimensie: Limburg heeft iets te bieden aan de partners in de buurregio’s en deze samenwerking maakt ook Limburg sterker. Vanwege de andere manier van het organiseren van overheidstaken, bevoegdheden en financiële stromen aan de andere kant van de grens, maar ook door taal- en cultuurverschillen zijn kennis van zaken en een goede relatie nodig om grensbelemmeringen weg te nemen. Investeren in optimale verhoudingen en allianties met de buurlanden Duitsland en België zijn blijvend nodig. Dit om het concurrentievermogen te vergroten, te zorgen voor een optimale (energie)infrastructuur en een veilige en gezonde leefomgeving te creëren voor de inwoners van Limburg.”

Welke Europese programma’s die van belang zijn voor Zuid-Nederland kun je hier noemen?

“Dat zijn het OPZuid, REACT-EU, het Just Transition Fund (JTF), de Recovery en Resilience Facility (RRF), Interreg en het POP3+. ReactEU is bijvoorbeeld een programma dat extra middelen vrijmaakt, bovenop de middelen van bestaande Europese programma’s die door de Europese Commissie beschikbaar zijn gesteld. Dit programma heeft als doel ondersteuning te bieden bij het versneld achter ons laten van de COVID-19-crisis. Daarnaast gaat er een aantal programma’s van start dat ondernemers, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties financiële steun biedt om te innoveren en verduurzamen. Kortlopende programma’s die specifiek een reactie zijn op de gevolgen van de COVID-19-pandemie, maar ook langlopende programma’s die tot stand zijn gekomen in nauwe samenspraak met alle belanghebbenden.”

“In juli 2020 heeft de Europese Raad bovendien een nieuw voorstel neergelegd voor het Meerjarig Financieel Kader (MFK) 2021-2027. Dit pakket van 1.074 miljard euro geeft een overzicht van de mogelijkheden voor de komende begrotingsjaren. Het MFK is aangevuld met een pakket van 750 miljard euro in het kader van coronaherstel.”

Aan welke projecten wordt momenteel gewerkt? Kun je een voorbeeld noemen van actuele samenwerkingsthema’s en ‘hete hangijzers’?

“Naast de reeds genoemde toekomstige Europese programma’s, is een andere belangrijke ontwikkeling in Limburg de mogelijke bouw van een instrument voor het detecteren, registreren en meten van zwaartekrachtgolven: de zogeheten Einstein Telescoop. Dit is niet alleen een ontwikkeling die relevant is voor de wetenschap. De Provincie Limburg zet in op het hierbij betrekken van het innovatieve mkb. Door nu te investeren in deze innovaties kunnen we zorgen voor een kostenreductie bij de bouw van zo’n instrument. Daarnaast is de verwachting dat innovatieve oplossingen die voor de mogelijke bouw van dit instrument ontwikkeld moeten worden, ook spil-over-effecten zullen hebben naar andere toepassingen. Projecten die gerelateerd zijn aan de ontwikkeling van de Einstein Telescoop zullen daarom eveneens prioriteit krijgen.”

“Op 3 augustus 2020 is een vertegenwoordiging van het parlement van Noordrijn-Westfalen naar Maastricht gekomen voor een werkbezoek. Daar is gesproken over de grote en unieke potentie van het bundelen van de krachten over de grens heen tussen toponderzoeksinstituten en industrie rond dit project, met veel technologische innovaties en grote maatschappelijke spinoff. Hieropvolgend heeft het parlement van Noordrijn-Westfalen op 11 november 2020 unaniem een motie aangenomen. Hierin wordt de Noordrijn-Westfaalse regering opgeroepen om samen met Nederland en België de realisatie van de Einstein Telescoop te bevorderen en hierover ook het gesprek aan te gaan met de federale Duitse regering.”

Zijn er naar jouw idee nog nieuwe grensoverschrijdende problemen of juist kansen ontstaan door de coronacrisis?

“Door de coronacrisis is eens temeer duidelijk geworden dat open grenzen belangrijk zijn. Het investeren in een actief (bestuurlijk) relatienetwerk met onze buurlanden en goed nabuurschap is nog belangrijker geworden dan voorheen.”

Waar valt er grensoverschrijdend wat jou betreft nog terrein te winnen? Is er een onderwerp dat jou bijzonder aan het hart gaat?

“Een onderwerp waar wat mij betreft nog terrein te winnen is, is grensoverschrijdend vervoer. De Provincie Limburg is verantwoordelijk voor het regionale openbaar vervoer. Daarnaast is er de Railagenda. Hierin richt de Provincie zich op verbetering van het spoorwegnet in Limburg en het aangrenzende buitenland. Dat is gunstig voor de economie in onze internationale regio en maakt hier wonen en werken aantrekkelijker.

Enkele projecten die onder de Railagenda vallen, zijn de Tramverbinding Maastricht – Hasselt, de Maaslijn (Roermond-Nijmegen), de zogenaamde ‘Missing Links’ (EurekaRail) en de Drielandentrein, maar ook tarifering en ticketing.”

Wanneer reizen naar Duitsland weer onbeperkt en probleemloos mogelijk is, welke bestemming staat dan bovenaan je wensenlijstje?

“Ik heb vele favoriete plekken in Duitsland, waaronder Aken, maar ik kom ook graag in het grensoverschrijdende natuurpark Maas-Schwalm-Nette. En als het straks weer kan, staat een vakantie met het gezin naar een van de vele andere mooie regio’s in Duitsland zeker ook op de planning.”

 Waar kijk je het meest naar uit wanneer we de coronapandemie achter ons hebben gelaten?

“Waar ik het meeste naar uitkijk, is dat we weer terechtkomen in een tijd waarin je zonder erover na hoeft te denken mensen kunt ontmoeten. Dat je vreemden en bekenden weer kunt begroeten met een uitgestrekte hand. Dat je elkaar weer direct in de ogen kunt kijken in plaats van via een schermpje. Dat je lekker buiten een terrasje kunt pakken met vrienden. Dat grenzen weer vervagen.”