Duitse parlementariërs op bezoek in Nederland

Grensoverschrijdend treinverkeer, de energiesector en belastingproblemen voor mensen die in het buurland werken: het zijn enkele onderwerpen die deze week aan bod kwamen bij het bezoek van een Duitse delegatie uit de Bondsdag aan Nederland.

Aanleiding van het bezoek was de delegatiereis van de Duitse parlementaire groep Benelux, die namens de Bondsdag contact onderhoudt met het Nederlandse parlement. Onder andere Pieter Omtzigt (CDA), Hayke Veldman, Aukje de Vries, Judith Tielen en Jan Middendorp (allen VVD) van de Contactgroep Duitsland van de Tweede Kamer spraken met Otto Fricke (FDP), Patrick Schnieder (CDU/CSU), Udo Schiefner (SPD), Sven Lehmann (Bündnis 90/Die Grünen) en Ansgar Heveling (CDU/CSU). Onderwerp van gesprek waren de mogelijkheden om de samenwerking op het gebied van mobiliteit, opleiding, werk en economie beter te stroomlijnen. Ook werd gesproken over digitalisering en de energiesector.

Verbeteren van grensoverschrijdend treinverkeer

De parlementariërs kwamen op maandagavond 3 februari met de trein aan in Enschede. Op 4 februari werd de groep in het Stadhuis van Enschede ontvangen, waarna via een tussenstop bij het station een bezoek gebracht werd aan de Universiteit Twente en Kennispark en het bedrijvenpark Technology Base. Daarna stond Grenswerk, het Nederlands-Duitse informatiepunt voor werkzoekenden en werkgevers, op het programma. Aan het einde van het bezoek ontmoette de delegatie vertegenwoordigers van Deutsche Bahn en de NS om te spreken over het verbeteren van het grensoverschrijdend treinverkeer. Na het bezoek aan Twente reisde de delegatie door naar Den Haag. Daar vonden overleggen met de eigen fracties plaats. Ook bracht de delegatie een bezoek aan Rotterdam.

Pioniers voor Europese energiemarkt

Op 5 februari bezochten de parlementariërs de Duits-Nederlandse Handelskamer (DNHK). Hier lag de focus op mobiliteit en infrastructuur, digitalisering en de energiesector. “Vooral op het gebied van netwerkuitbreiding, efficiëntie, energieopslag en CO2-reductie zijn er veel mogelijkheden voor samenwerking”, zegt directeur van de DNHK Günter Gülker. “Duitsland en Nederland kunnen pioniers zijn voor een Europese energiemarkt.”

Naar aanleiding van dit bezoek informeerde de DNHK de politiek over onderwerpen die voor ondernemers op dit moment reden tot zorg zijn, zoals de grote hoeveelheid bureaucratie en de hoge energieprijzen. Bovendien stelde de DNHK voor dat politici de wederzijdse erkenning van diploma’s en grensoverschrijdend studeren en werken bevorderen.

Grensoverschrijdende samenwerking van cruciaal belang

Volgens Pieter Omtzigt kunnen inwoners van de grensregio niet om grensoverschrijdende samenwerking heen: “Voor ons in de grensregio is het van cruciaal belang dat die samenwerking goed zit.” Erg belangrijk is volgens hem het grensoverschrijdende treinverkeer: “Tot de jaren vijftig van de vorige eeuw reden de intercity’s gewoon door tussen Amsterdam en Münster. Daarna is dat opgehouden.” Bovendien wil hij zich inzetten voor de problemen die grensarbeiders ondervinden. “Vroeger was het makkelijker om over de grens te werken. En dat moet makkelijker zijn, omdat dat goed is voor de economie aan beide kanten van de grens”, aldus Omtzigt.

Foto: De delegatie op station Enschede. De parlementariërs verbazen zich over het stootblok dat doorgaand treinverkeer van en naar Duitsland vanuit Enschede onmogelijk maakt. Het stootblok staat symbool voor de hobbels die genomen moeten worden bij grensoverschrijdende samenwerking.

Succesvolle eerste borrel van Grenspost Düsseldorf

Op donderdagmiddag 31 januari organiseerde Grenspost Düsseldorf voor het eerst een grensoverschrijdende borrel. In brouwerij Uerige, midden in het centrum van Düsseldorf, kwamen Nederlanders en Duitsers samen om op Nederlandse wijze te ‘borrelen’.

Met de sfeervolle brouwerij als decor werd er door zo’n tachtig Nederlandse en Duitse gemeentebestuurders, vertegenwoordigers van de Nederlandse provincies en Duitse deelstaten, zakenrelaties en andere betrokkenen druk genetwerkt. Onder het genot van traditionele hapjes en een drankje werden daarnaast actualiteiten besproken.

Jaarlijkse traditie

Met de borrel wilde Grenspost Düsseldorf de contacten die zij in Düsseldorf opgedaan hebben en de achterban van de provincies Limburg, Gelderland en Overijssel de kans bieden om op informele wijze met elkaar in contact te komen. De borrel toont bovendien het gezamenlijke optreden van de drie provincies in Düsseldorf. De borrel moet uitgroeien tot een traditie, die elk jaar aan het einde van het jaar georganiseerd wordt. 

Zuid-Holland

Tijdens de borrel werd bovendien bekend gemaakt dat nu ook de provincie Zuid-Holland een vertegenwoordiger op het Nederlandse consulaat-generaal in Düsseldorf heeft. Floor Vermeulen, gedeputeerde Verkeer en Vervoer voor de provincie Zuid Holland, kondigde aan dat Doede Sijtsma, vertegenwoordiger van de Provincie Gelderland in Düsseldorf, vanaf nu ook Zuid-Holland zal vertegenwoordigen.

Foto’s: (c) Grenspost Düsseldorf/Udo Leist.

Ambassadeur Kingma op bezoek in Limburg

In het kader van zijn oriëntatiereis langs de Nederlands-Duitse grensregio’s bracht de Nederlandse ambassadeur in Berlijn, Wepke Kingma, op 24 en 25 januari 2019 een werkbezoek aan de Provincie Limburg. Sinds 2017 is hij ambassadeur in Duitsland.

Als eerste bekeek Kingma de proefboringen voor de Einstein-telescoop in Epen, waarop een gesprek hierover volgde. Tijdens een daaropvolgende ontmoeting en een diner in het Gouvernement aan de Maas sprak hij met het Limburgse provinciebestuur over de actuele grensoverschrijdende samenwerking met Duitsland.

Werkbezoek van ambassadeur Kingma aan Provincie Limburg. Foto: (c) Johannes Timmermans/Provincie Limburg.

Samenwerking tussen universiteiten van Maastricht en Aken

Op 25 januari werd de Brightlands Chemelot Campus in Sittard-Geleen bezocht. Hier werd ook het Aachen Maastricht Institute for Biobased Materials (AMIBM) gepresenteerd, een unieke samenwerking tussen de RWTH Aachen en Maastricht University. Daarna stond een bezichtiging van autofabriek VDL Nedcar in Born op het programma. De dag werd afgesloten met een bezoek aan de dies natalis van Maastricht University.

Werkbezoek van ambassadeur Kingma aan Brightland Campus Geleen. Foto: (c) Johannes Timmermans/Provincie Limburg.

Delegatie

Tijdens zijn bezoek aan Limburg werd Kingma vergezeld door o.a. Theo Bovens, Commissaris van de Konings in de Provincie Limburg, en Joost van den Akker, Lid van Gedeputeerde Staten van Limburg. Ook Ward Vleugels, Honorair Consul van Duitsland in Maastricht, en Christane Vaeßen en Freddy Heinzel, Honorair Consuls van Nederland in respectievelijk Aken en Kleef, waren aanwezig.

Limburg als proefregio

Limburg is als grensprovincie economisch sterk verweven met de deelstaat Noordrijn-Westfalen. De grensligging heeft echter ook nadelen. Een van die nadelen heeft te maken met het verschil in wetgeving tussen beide landen. Den Haag heeft intussen Limburg aangewezen als proefregio om eventuele barrières te slechten.

Betere grensoverschrijdende treinverbindingen

Zo bestaat er sinds kort een grensoverschrijdende vacaturebemiddeling en wordt er hard gewerkt aan betere treinverbindingen, zoals Eindhoven-Venlo-Düsseldorf en Eindhoven-Heerlen-Aken. Ook wordt criminaliteit gezamenlijk aangepakt. Zowel Noordrijn-Westfalen als Limburg investeren miljarden in de kenniseconomie en innovatie. Zo werken de universiteiten van Aken en Maastricht samen bij de ontwikkeling van nieuwe materialen op basis van groene grondstoffen.

Transformatie naar Duits voorbeeld

Naar Duits voorbeeld (IBA) werkt Limburg op dit moment aan een transformatie van Parkstad Limburg. IBA staat voor Internationale Bau Ausstellung. Het is een beproefd concept om steden en regio’s uit het slop te trekken met vernieuwende projecten. IBA Parkstad is de eerste IBA buiten Duitsland.

 

Foto: (c) Johannes Timmermans/Provincie Limburg. 

Provincie Gelderland nam afscheid van Commissaris van de Koning Cornielje

Op woensdag 23 januari 2019 werd er afscheid genomen van Commissaris van de Koning in Gelderland, Clemens Cornielje. Sinds 2005 vervulde hij met veel plezier deze functie: “De mooiste baan in bestuurlijk Nederland, in de mooiste provincie van ons land”.

In aanwezigheid van Provinciale Statenleden, leden van Gedeputeerde Staten en ambtenaren werd Cornielje in het zonnetje gezet. Hij werd door diverse bewindslieden toegesproken, waaronder Kajsa Ollongren, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, en Willibrord van Beek, Commissaris van de Koning in Utrecht en persoonlijke vriend van Cornielje. Namens het college van Gedeputeerde Staten sprak gedeputeerde Jan Markink. Het geheel werd door Het Gelders Orkest muzikaal omlijst.

Cornielje was niet alleen het boegbeeld van de provincie Gelderland, maar zette zich ook in voor de grensoverschrijdende samenwerking. Hij was ruim dertien jaar lid van het Nederlands-Duitse 3+3-overleg. Hij wordt opgevolgd door John Berends.

 

Foto: (c) Provincie Gelderland.

Succesvolle nieuwjaarsreceptie bij EUREGIO Gronau

Op 18 januari vond in theater ‘De Kleine Willem’ in Enschede de vergadering van het Algemeen Bestuur van de EUREGIO plaats. Aansluitend op deze vergadering werd de nieuwjaarsreceptie van de EUREGIO gehouden, die rond 200 Nederlandse en Duitse deelnemers de mogelijkheid bood grensoverschrijdend te netwerken met een borrel.

Een bijzonder agendapunt was de People-to-People EUREGIO-prijs, die dit jaar voor de elfde keer werd uitgereikt. De prijs is een jaarlijkse onderscheiding voor bijzondere verdiensten op het gebied van grensoverschrijdende samenwerking en Nederlands-Duitse betrekkingen.

Electrocar

Dit jaar werd de prijs uitgereikt aan het project ‘Electrocar’. 25 Nederlandse en Duitse vrijwilligers brengen senioren en mensen met een fysieke beperking zeven dagen per week van een zorginstelling in Dinxperlo (gemeente Aalten) naar bestemmingen in Nederland en Duitsland, binnen een straal van 6 kilometer. Op deze manier vergroot het grensoverschrijdende initiatief de directe lokale mobiliteit over de grens en levert het een concrete bijdrage aan de verwezenlijking van één Euregionaal verzorgingsgebied.

“In Dinxperlo loopt de landsgrens door de plaats. Het Duitse deel van de plaats is Suderwick, dat bij Bocholt hoort. Om deze reden is hier EUREGIO een dagelijkse belevenis die met de Elektrocar zeer praktisch wordt uitgevoerd”, zegt EUREGIO-voorzitter Rob Welten.

De winnaars van de People-to-People-prijs: Electrocar. Foto: Christian van der Meij

Jeugd in Europa

In het kader van de nieuwjaarsreceptie discussieerden bovendien vijf jonge mensen uit de EUREGIO tijdens een podiumronde over de vraag ‘Wat betekent Europa voor jonge mensen in de EUREGIO?’. Alle jonge gasten waren het erover eens dat Europa onmisbaar is voor toekomstige generaties om vreedzaam samen te leven. Ze benadrukten weliswaar dat er nog ruimte voor verbetering is, maar verwierpen unaniem anti-Europese bewegingen.

 

Foto boven: Discussieronde met Europese jongeren. Foto: Christian van der Meij.

Nederlands-Duitse trein in Limburg rijdt vanaf eind januari

Oorspronkelijk zou de grensoverschrijdende verbinding al vanaf de nieuwe dienstregeling van Arriva, op 9 december 2018, gaan rijden. De toelatingsprocedure voor het Duitse spoor liet echter langer op zich wachten dan gedacht. Daardoor werd de verbinding uitgesteld. Mackus liet weten dat de toestemming nu niet meer ver weg is: “Als alles volgens plan verloopt zou deze goedkeuring in de loop van volgende week er moeten kunnen liggen.” Bron van zijn uitspraak is een bericht dat hij van Arriva had gekregen, waarin staat dat de Duitse instantie EBA momenteel de laatste hand legt aan de officiële goedkeuring. Daardoor kan de eerste trein van Maastricht naar Aken op 27 januari gaan rijden.


Drielandentrein

De Tweelandentrein moet uiteindelijk een Drielandentrein worden, die doorrijdt naar Luik. Op het Belgische deel van het traject zijn de formaliteiten echter nog niet rond.

Nederlandse handel met Duitsland fors gegroeid

Ruim 90 miljard euro aan goederen exporteerde Nederland van januari tot en met november 2018 naar de oosterburen. Dezelfde periode in 2017 was dit nog 82,7 miljard euro. Dat is een stijging van 9 procent.


Import uit Duitsland

Niet alleen de export naar Duitsland steeg – de Nederlanders importeerden in 2018 ook aanzienlijk meer goederen uit Duitsland dan in 2017. De cijfers van het Statistische Bundesamt laten een stijging van 9,2 procent zien. Importeerde Nederland van januari tot en met november 2017 nog 77,4 miljard euro aan goederen uit Duitsland, was dit cijfer voor dezelfde periode in 2018 gestegen naar 84,5 miljard euro.

Duitse import en export

In totaal exporteerde Duitsland van januari tot en met oktober 2018 1.103,5 miljard euro aan goederen naar het buitenland. In vergelijking met de export in januari tot en met oktober 2017 was dat 4,1 procent meer. Bij de import uit het buitenland was de stijging nog groter: importeerde Duitsland van januari tot en met oktober 2017 nog 856,5 miljard euro uit het buitenland, was dat bedrag een jaar later met 6,6 procent gestegen tot 912,8 miljard euro.

De groei van de omvang van de Duitse handel is vooral te danken aan watervoertuigen, minerale brandstoffen, nikkel en goederen gemaakt van nikkel. Bij de export veroorzaakte ook een grotere uitvoer van graan een stijging. Tevens werden er fors meer chemische producten en complete productie-installaties geïmporteerd.

Ambassadeur Kingma op werkbezoek in Euregio Rijn-Waal

Het bezoek aan de Euregio Rijn-Waal maakt deel uit van zijn oriëntatiereis langs de Nederlands-Duitse grensregio. De Nederlandse regering, en daarmee ook de ambassade in Berlijn, zet de komende vier jaar in op het versterken van de samenwerking met de buurlanden. De Euregio’s zijn hiervoor een belangrijke samenwerkingspartner: “Wij waarderen het werk van de Euregio’s zeer. Graag ondersteunen wij hen bij die thema’s waar het Rijk een rol kan spelen”, aldus ambassadeur Kingma.

Aanjagende rol

“Voor de Euregio Rijn-Waal zijn met name de onderwerpen grensoverschrijdend ambulancevervoer, buurtaal, arbeidsmarkt, diploma-erkenning en informatie voor grenspendelaars actuele onderwerpen. Hierbij kunnen ook Den Haag, Düsseldorf en Berlijn een belangrijke aanjagende rol vervullen. We zijn dan ook blij dat wij deze thema’s met de ambassadeur hebben kunnen bespreken”, aldus Sjaak Kamps, secretaris van de Euregio Rijn-Waal. Aan het gesprek namen verder Euregio-voorzitter Ulrich Francken, plv. secretaris Andreas Kochs, Grensinfopunt-coördinator Alfred Derks, GrensInfoPunt-adviseur Carola Schroer en beleidsmedewerker Heidi de Ruiter deel.

Samenwerking op gebied van hoog- en laagwater

Vervolgens lichtten Hein Pieper, Dijkgraaf van het Waterschap Rijn en IJssel, Frank Wissink, heemraad Waterschap Rijn en IJssel, en Holger Friedrich van het Deichverband Bislich-Landesgrenze de samenwerking op het gebied van hoog- en laagwater toe. Na een lunch zette de consul zijn bezoek voort in Oberhausen, om over de Duitse voorzetting van de Betuwelijn te spreken.

Openbare orde en veiligheid

Op 7 januari was Wepke Kingma te gast bij de Kreis Kleve, waar o.a. het thema grensoverschrijdende samenwerking op het gebied van openbare orde en veiligheid op de agenda stond.´s Avonds was hij de eregast tijdens de maandelijkse jour fix van de Duits-Nederlandse Businessclub in Kleve.

Begeleiding

Ambassadeur Kingma werd tijdens zijn werkbezoek o.a. begeleid door consul Hans van de Heuvel en honorair consul Freddy Heinzel.

 

Foto: V.l.n.r.: Andreas Kochs (plv. Secretaris Euregio), Freddy Heinzel (honorair consul), Euregio-voorzitter Ulrich Francken, Carola Schroer (GrensInfoPunt), ambassadeur Wepke Kingma, Alfred Derks (GrensInfoPunt), Holger Friedrich (directeur Deichverband Bislich-Landesgrenze), Consul Hans van den Heuvel, Dijkgraaf Hein Pieper, heemraad Frank Wissink. (c) Euregio Rijn-Waal

Jaaroverzicht 2018

Nu het jaar 2018 op zijn einde loopt, kijken we als team van Grenspost Düsseldorf graag terug op een paar mijlpalen van het afgelopen jaar. Een jaar waarin de Groko in Duitsland een vervolg kreeg en de vierde ambtstermijn van Angela Merkel een feit was. Een jaar waarin een aantal Euregio´s in het bijzijn van Stefan Holthoff-Pförtner, minister van Europese Zaken van de deelstaat Noordrijn-Westfalen, een jubileum vierde en waarin we de Duits-Nederlandse Commissie Ruimtelijke Ordening mochten feliciteren met haar 50-jarig bestaan.

Het jaar 2018 werd bekroond met de regeringsdialoog op 19 november. Voor het eerst in de geschiedenis van de Nederlands-Duitse samenwerking vond in Düsseldorf een overleg plaats tussen afvaardigingen van de twee regeringen. De bewindspersonen uit beide landen bereikten overeenstemming over de verdere ontwikkeling van de organisatie (governance) van grensoverschrijdende samenwerking. Bovendien was Raymond Knops, staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, veelvuldig te vinden in de Nederlands-Duitse grensregio, waaronder in de Provincie Overijssel en Regio Twente, in de Achterhoek en bij de vijfde Masterclass van Fontys Crossing Borders in Venlo.

In het afgelopen jaar vonden er nog veel meer bestuurlijke en politieke ontmoetingen plaats. Zo kwamen de Regierungspräsidentinnen Birgitta Radermacher van het Bezirk Düsseldorf en Dorothee Feller van het Bezirk Münster voor een uitgebreid en officieel kennismakingsbezoek naar Gelderland en Overijssel. De provincies togen op hun beurt naar de Landtag in Nordrhein-Westfalen, waar naast de verdere intensivering van de grensoverschrijdende samenwerking ook het betrekken van de jeugd bij de politiek op de agenda stond.
Duits ambassadeur Dirk Brengelmann was te gast in de euregio-rijn-maas-noord. Hij nam een kijkje bij diverse projecten op het gebied van grensoverschrijdende samenwerking.

Ter gelegenheid van de actualisering van de Gemeenschappelijke Verklaring Milieusamenwerking kwam staatssecretaris Dr. Heinrich Bottermann (ministerie van Milieu van NRW) samen met de gedeputeerden van de Provincies Limburg, Overijssel en Noord-Brabant naar Maastricht. Sinds 1992 werken de provincies Gelderland, Limburg, Noord-Brabant, Overijssel en het milieuministerie van de deelstaat Noordrijn-Westfalen al structureel samen op het gebied van milieu. Daar komt nu natuur en landbouw bij.

Limburg mocht rekenen op nog meer bezoek uit Noordrijn-Westfalen. Deelstaatminister Andreas Pinkwart van Economie en Digitalisering nam een kijkje op de Brightlands Chemelot Campus en bekrachtigde hiermee de nauwe samenwerking in de chemische industrie tussen Nederland, Vlaanderen en Noordrijn-Westfalen.

Minister Ina Scharrenbach liet zich voor de bouw van het nieuwe Düsseldorfse stadhuis inspireren door het cradle-to-cradle-principe van het stadskantoor in Venlo. Dit is nagenoeg helemaal energieneutraal gebouwd. Aanleiding voor haar bezoek was de ‘Heimat-Tour’ 2018, waarbij ze in zes etappes door verschillende regio´s in NRW reisde en nu ook een uitstapje over de grens waagde.

Hendrik Wüst, minister van Verkeer van NRW, was in het voorjaar op werkbezoek bij zijn Nederlandse collega Cora van Nieuwenhuizen, onder andere om te spreken over de organisatie van de verkeersstromen in het achterland van de havens, de problematiek rond bruggen en grensoverschrijdende samenwerking bij verkeersvraagstukken. Op de terugweg naar huis werd in Arnhem nog een bezoek aan Gelderse gedeputeerde Conny Bieze gebracht.

In de zomer was het voor gedeputeerden Conny Bieze, Hubert Mackus en Floor Vermeulen tijd voor een tegenbezoek aan de verkeersminister. Op de agenda stonden onder andere de corridorontwikkeling van en naar de zeehavens en NRW en het belang van samenwerking op het gebied van mobiliteit en infrastructuur.

Ook op dat vlak kon er een aantal successen worden geboekt. Er werd gelobbyd voor een kortere reistijd per trein van Amsterdam naar Berlijn. Daarnaast was er groen licht voor de verdubbeling van het spoor tussen Venlo en Viersen, dat op termijn moet worden aangesloten op het spoor naar Duisburg. Daarmee moet een rechtstreekse spoorverbinding met de havens van Zeebrugge, Antwerpen, Rotterdam en Amsterdam mogelijk worden gemaakt.

Ook de busverbinding van Aalten naar Bocholt mag hopen op een voortzetting. Kreis Borken heeft instemming verleend, onduidelijk is echter nog wanneer het zover is. De financiering moet nog rond worden gemaakt en er wordt gekeken naar de inzet van kleinere bussen en het gebruik van de OV-chipkaart. Meer daarover in 2019.
In de Provincie Limburg vond men een oplossing voor een ticketprobleem in het openbaar vervoer. Sinds de zomer kunnen reizigers in de gemeenten Landgraaf, Heerlen en Kerkrade met een ‘NRW-ticket’, verkrijgbaar bij Arriva, gebruik maken van de verbindingen naar alle grote bestemmingen in de Duitse buurregio.

De bestuurders van Noordrijn-Westfalen en Nederland houden op het gebied van mobiliteit de vinger aan de pols tijdens het tweejaarlijks Mobiliteitsoverleg. Hierin draait het om hele praktische zaken zoals het afstemmen van wegwerkzaamheden, de aanleg van wegen en spoorverbindingen en het uitwisselen van verkeersgegevens. Maar er staan ook meer strategische onderwerpen op de agenda, zoals corridorontwikkeling en innovatieve oplossingen voor mobiliteitsvraagstukken.

Met de ondertekening van het gezamenlijk Memorandum grensoverschrijdende samenwerking van de Provincies Gelderland en Overijssel, de regio´s Achterhoek en Twente en de Duitse Kreise Coesfeld, Warendorf, Steinfurt en Borken alsmede Stadt en Bezirksregierung Münster, werd de weg vrij gemaakt voor de ontwikkeling van concrete samenwerking in deze grensregio. Ook de stuurgroep van ‘Grenzhoppers’ tekende een strategiedocument grensoverschrijdende samenwerking. Elf Nederlandse en Duitse burgemeesters alsmede twee adviserende leden bekrachtigden daarmee hun voornemen om op de werkvelden arbeidsmarkt, bedrijfsleven, onderwijs, toerisme/cultuur, sport en mobiliteit de handen over de landsgrenzen heen sterker ineen te slaan.

Na dit geslaagde jaar kijken we vol vertrouwen uit naar ‘Beneluxjaar’ 2019 in Noordrijn-Westfalen. Bovendien is 2019 het jaar van de Grenslandconferentie, waarbij alle relevante actoren uit de grensregio van Nederland en Noordrijn-Westfalen bijeenkomen om thematische prioriteiten voor grensoverschrijdende samenwerking in een ‘grensagenda’ vast te leggen.
Daarnaast kijken we uit naar het bezoek van Hendrik Wüst aan Zwolle in het kader van het Mobiliteitsoverleg en de werkbezoeken van de ambassadeurs Wepke Kingma en Dirk Brengelmann aan Oost-Nederland en het Münsterland. 2019 gaat een veelbelovend jaar worden.

“Het komt er nu op aan om de aandacht voor grensoverschrijdende samenwerking vast te houden”

Sjaak Kamps, al sinds 1990 werkzaam bij de Euregio Rijn-Waal, en is met recht ‘door de wol geverfd’ waar het gaat om het onderhouden en uitbreiden van grensoverschrijdende betrekkingen. In dit eindejaarsinterview met Grenspost kijkt de directeur van de Euregio Rijn-Waal terug op bijna 30 jaar samenwerking over de Nederlands-Duitse landsgrenzen heen – en blikt vooruit naar de komende jaren.

Kunt u iets meer vertellen over uw achtergrond? 

Dat ik 28 jaar geleden in het Nederlands-Duitse wereldje ben beland, is misschien niet geheel toevallig. Ik ben opgegroeid in het Nederlandse Siebengewald, letterlijk op steenworp afstand van de Duitse grens. Van huis uit waren er altijd al veel contacten met de oosterburen en toen in mijn middelbareschooltijd Europese samenwerking op het lesrooster stond, was mijn interesse voor grensoverschrijdende samenwerking definitief gewekt. Na mijn studie geografie in Nijmegen kwam ik terecht op de afdeling regionale economische samenwerking voor de regio Nijmegen. Hier ontstond het eerste contact met de Euregio Rijn-Waal, toen nog Regio Rijn-Waal.

Kunt u een beeld schetsen van de ontwikkelingen die de grensoverschrijdende samenwerking sinds 1990 heeft doorgemaakt?

In de beginjaren was de Regio Rijn-Waal nog een organisatie met een secretaris, die zijn werk voor de Regio naast zijn pensioen deed. Er was slechts een handjevol medewerkers in dienst. Dit veranderde langzaam toen er in 1989/90 vanuit Brussel voor het eerst wat grotere bedragen voor grensoverschrijdende samenwerking beschikbaar kwamen. In 1991 kwam het eerste INTERREG-programma met een volume van een paar miljoen euro tot stand. Met aan de Euregio de taak om te bedenken hoe je dit geld projectmatig op een goede manier zou kunnen inzetten. En ik mocht meedenken over de manier waarop. Uiteindelijk ben ik nooit meer weggegaan.

Wat zijn de grootste veranderingen?

In de beginjaren was er vanuit de overheid maar weinig belangstelling voor grensoverschrijdende samenwerking. Dat is nu anders. In het begin waren het vooral de gemeenten, later kwamen daar voor de financiering het ministerie van Economische Zaken en het Wirtschaftsministerium bij. Ook zijn de provincies in de afgelopen 28 jaar hier een steeds nadrukkelijker rol gaan spelen. En dat maakt het wel een stuk gemakkelijker: zij zitten toch dichter bij het vuur dan Den Haag. We mogen ook niet vergeten dat de Nederlands-Duitse verhoudingen in de loop der jaren flink zijn verbeterd, en zeker de manier waarop de Nederlanders naar de Duitsers zijn gaan kijken. Na het WK Voetbal in 2006 was er sprake van een meer dan positieve kentering.

Wat vindt u het leukste aan uw baan?

Het is en blijft fascinerend om te proberen verschillende partijen uit twee landen bij elkaar te brengen, om vervolgens te kijken hoe je op diverse vlakken een meerwaarde kunt creëren voor de inwoners van de grensregio. Dat vind ik nog steeds leuk.

Als u kijkt naar het afgelopen jaar, waar bent u dan het meest trots op?

Ik wil er graag drie zaken uitlichten. Ten eerste de structurele financiering van de GrensInfoPunten, ook zonder INTERREG-subsidie. Het is een mooi signaal dat de verantwoordelijke ministeries bereid zijn om hierin een stuk verantwoordelijkheid te nemen. Daar ben ik heel erg blij mee.
Een tweede hoogtepunt is voor mij de Nederlands-Duitse scholenwedstrijd, die de Euregio Rijn-Waal in opdracht van Land NRW en de Provincie Gelderland georganiseerd heeft. Als je de jeugd in hun jonge jaren al meegeeft dat samenwerking over de landsgrenzen heen belangrijk is, dan blijft dit voor de rest van je leven.
En last but not least natuurlijk de regeringsdialoog als heel belangrijk signaal voor de intensivering van grensoverschrijdende samenwerking. Hier hebben veel partijen samen hard aan getrokken. Iets om heel trots op te zijn.

Wat zijn de belangrijkste uitdagingen voor 2019? Kunt u een voorbeeld noemen van actuele onderwerpen die hoog op de agenda staan?

Het vasthouden van de aandacht voor GROS. We plukken er nu de vruchten van en het is zaak dat dat zo blijft. Dat we niet op onze lauweren gaan rusten. Dat we ons blijven afvragen, wat de burgers in de grensstreek nodig hebben. Namelijk een goed functionerende samenleving waarin de grens geen barrière vormt, waarin je gemakkelijk kunt wonen en werken over de grens. En dat we problemen onder de aandacht brengen van de verantwoordelijke overheden. Dat is en blijft de leidraad in ons werk. De grens mag dan optisch wel zijn verdwenen, maar we bijten ons stuk op de regelgeving op het gebied van bijvoorbeeld pensioenen, diploma-erkenning en grensoverschrijdende inzet van brandweerdiensten. Als Euregio kunnen we pragmatische oplossingen bedenken om de regelgeving heen, maar voor duurzame oplossingen hebben we echt de overheid nodig.

Op welke punten is er verder nog terrein te winnen?

Het is mij een doorn in het oog dat het grensoverschrijdend ambulancevervoer nog steeds niet geregeld is. En daarbij gaat het met name om de inzet van de Nederlandse ambulance in Duitsland. Dat is nog steeds niet toegestaan, aangezien er in een Nederlandse ambulance geen arts aanwezig is, terwijl dat in Duitsland verplicht is. Ministeries beloven al jaren om hier iets aan te doen, maar concreet is er nog niets gebeurd. Er zijn gelukkig wel wat pilotprojecten waarbij Duits personeel wordt geschoold om ook aan Nederlandse zijde aan de slag te kunnen, maar we zijn er nog lang niet.
Een tweede pijnpunt is wat mij betreft de gebrekkige beschikbaarheid van grensoverschrijdend openbaar vervoer. In de Euregio Rijn-Waal kennen we met de busverbinding van Emmerich naar Nijmegen en de regionale trein van Arnhem naar Düsseldorf slechts twee succesverhalen. Als we willen dat een grensoverschrijdende arbeidsmarkt binnen handbereik komt, moet dat ook geregeld zijn.

Waar gaan we ons in de grensoverschrijdende samenwerking naartoe bewegen?

Ik kan alleen de hoop uitspreken dat we op deze voet door kunnen gaan en de aandacht hiervoor vast weten te houden. We moeten deze aandacht gebruiken om stappen te zetten en vooruit te komen. Dat wordt de uitdaging voor de komende jaren. Denk daarbij onder meer aan de ontwikkeling van een arbeidsmarktplatform ter bevordering van de grensoverschrijdende arbeidsmobiliteit. Een andere mooie stap is het herdenken en vieren van 75 jaar vrijheid, volgend jaar en in 2020, waar we ook onze oosterburen bij willen betrekken.