Grensoverschrijdende samenwerking bij waterbouwprojecten

De voorzitter van de ‘Generaldirektion Wasserstraßen und Schifffahrt’, Prof. Dr.-Ing. Hans-Heinrich Witte, en Hoofdingenieur directeur Rijkswaterstaat Noord-Nederland, Erica Slump, hebben in Duisburg een samenwerkingsovereenkomst ondertekend. Het doel van deze overeenkomst is het bevorderen en versnellen van noodzakelijke verkeersinfrastructuurprojecten aan de Nederlandse en Duitse vaarwegen met behulp van ervaringen en vakspecifieke kennis uit beide landen.

Als gevolg van demografische veranderingen en vanwege het gebrek aan ingenieurs dat daardoor ontstaat streven de landen naar een langetermijnsamenwerking op het gebied van onderhouds- en nieuwbouwwerkzaamheden.

Prof. Dr.-Ing. Hans-Heinrich Witte licht de redenen voor de samenwerking toe: “We willen meer vaart zetten achter de uitvoering van de geplande waterbouwprojecten in Duitsland en Nederland. Daarom wisselen we onze know-how uit. Rijkswaterstaat heeft jarenlange ervaring met contracten waarin de planning en bouw worden gecombineerd wij hebben veel kennis van gestandaardiseerde bouwwijzen. Daarvan willen we wederzijds profiteren.”

Concreet wil de Generaldirektion Wassertraßen und Schriffahrt (GDWS) pilotprojecten opstarten waarbij die planning en bouw hand in hand gaan. Rijkswaterstaat zal een ondersteunend team opzetten, dat de vaarwegen- en scheepvaartsinstanties ondersteunt bij het opstellen van de contracten en de uitvoering van de pilotprojecten. In ruil daarvoor levert de GDWS adviseurs, die Rijkswaterstaat over techniek en standaardprocedures zullen adviseren. Daarnaast stellen de GDWS en Rijkswaterstaat een stuurcommissie aan en richten ze een uitwisselingsprogramma in.

Samenwerking verder uitbreiden

Erica Slump is onder de indruk van de samenwerking: “Als goede buren werken we in de grensregio al succesvol samen, want waterwegen en scheepvaart zijn niet aan landsgrenzen gebonden. Met deze samenwerkingsovereenkomst gaan we nog een stap verder. De GDWS beschikt over uitgebreide kennis op het gebied van technologie en standaardisatie en Rijkswaterstaat beschikt over veel ervaring met contracten voor het plannen en bouwen. Rijkswaterstaat zal de GDWS bij de ontwikkeling van deze contracten ondersteunen. Dit is een goed voorbeeld van ‘goed noaberschap’. Samen zijn we nog beter op toekomstige uitdagingen voorbereid.”

De Generaldirektion Wasserstraßen und Schifffahrt en Rijkswaterstaat willen de samenwerking verder uitbreiden, zodat ze ook op de lange termijn kunnen blijven samenwerken. Het gemeenschappelijke doel is de verbetering van de capaciteit van de Nederlandse en Duitse binnenwaterwegen en mogelijke beperkingen voor de scheepvaart te vermijden.

Regierungspräsidentin Münster bezoekt GrensWerk in Gronau

Dankzij de Europese Unie vervagen de grenzen steeds meer en is het gemakkelijk om naar andere lidstaten te reizen. Europese burgers maken daar in hun vrije tijd goed gebruik van, maar op de grensoverschrijdende arbeidsmarkt blijven veel kansen liggen. Om zich hiervan een beeld te vormen ging de ‘Regierungspräsidentin’ van de Bezirksregierung Münster, Dorothee Feller, op bezoek bij GrensWerk in Gronau om te praten over de kansen en doelen op de arbeidsmarkt in het grensgebied.

Bij de bijeenkomst waren naast Regierungspräsidentin Feller ook Johann Meiners van de Agentur für Arbeit (Duitse variant van het UWV) en medewerkers van GrensWerk aanwezig. GrensWerk is een organisatie die werknemers en werkgevers in het werkgebied steunt om de stap over de grens te maken.

Obstakels

Tijdens de bijeenkomst legde Meiners uit dat veel werkzoekenden enkel in het eigen land op zoek gaan naar een baan. Werkzoekenden in het grensgebied gaan de grens niet over, omdat zij worden afgeschrikt door de verschillen in de sociale verzekerings- en belastingsystemen tussen Nederland en Duitsland. Een tweede obstakel dat mensen ervan weerhoudt om een baan te zoeken in het buurland is de taalbarrière.

Kansen in het buurland

Volgens GrensWerk blijven daardoor veel kansen liggen, want aan de andere kant van de grens is vaak veel te halen. Duitsers en Nederlanders zijn vaak net iets anders opgeleid en kunnen daardoor in het buurland veel toevoegen in hun vakgebied. Bovendien is de verhouding tussen vraag en aanbod soms anders in het buurland, waardoor er veel vacatures kunnen zijn binnen een sector die in het eigen land verzadigd is.

Grenzen vervagen

Meiners onderstreepte tijdens zijn presentatie het belang van het kijken over de grens en legde uit dat GrensWerk een belangrijke rol speelt bij het vervagen van de landsgrenzen: “Werken zonder grenzen kan werkelijkheid worden. Het moet ons lukken mensen en bedrijven uit de regio te wijzen op de mogelijkheden op de arbeidsmarkt in het grensgebied. Ondanks de lage werkloosheid, zijn er nog altijd veel mensen die op zoek zijn naar een baan.”

Persoonlijk advies

Instellingen als GrensWerk en de GrensInfoPunten bieden zowel aan werkgevers als aan werknemers persoonlijk advies over alle vraagstukken die bij het werken in het buurland komen kijken. Hierdoor wordt voor beide partijen een overzichtelijke situatie geschetst. GrensWerk is opgericht door de gemeente Enschede, Werkplein Twente, het UWV, de Euregio en de Agentur für Arbeit. De GrensInfoPunten zijn een service van de Euregio.

Foto copyright: Bezirksregierung Münster

 

Deelstaatregering NRW geeft startsein ‘NRW.Fotowedstrijd.BENELUX’

Minister van Europese Zaken Dr. Stephan Holthoff-Pförtner heeft in het Beneluxjaar.NRW 2019 het startsein gegeven voor de NRW.Fotowedstrijd.BENELUX met het thema ‘Wat ons verbindt – Noordrijn-Westfalen en de Benelux’. Tot en met 13 oktober kunnen alle burgers middels een fotobijdrage aan de wedstrijd deelnemen.

Minister Holthoff-Pförtner: “Mensen uit Noordrijn-Westfalen denken en leven grensoverschrijdend. We worden verbonden door 500 kilometers grens, een gemeenschappelijke geschiedenis, gemeenschappelijke waarden en het dagelijkse samenleven. Dat willen we met de foto’s in beeld brengen.”

Het is de bedoeling dat de fotowedstrijd de diverse relaties tussen Noordrijn-Westfalen en de Beneluxlanden laat zien: op economisch, toeristisch, logistiek, politiek, maatschappelijk en cultureel vlak bestaan er al vele jaren nauwe grensoverschrijdende samenwerkingen. Met een jaarlijks handelsvolume van meer dan 90 miljard euro behoren de Beneluxlanden tot de belangrijkste handelspartners van Noordrijn-Westfalen. Met de ZARA-havens (Zeebrugge, Antwerpen, Rotterdam, Amsterdam) zijn ze ook op verkeerspolitiek en logistiek gebied van grote waarde voor Noordrijn-Westfalen. In 2017 verbleven er ca. 3,7 miljoen inwoners van Noordrijn-Westfalen minstens 1 nacht in Nederland. In Noordrijn-Westfalen overnachtten in dat jaar ca. 3,4 miljoen bezoekers uit de Beneluxlanden. Dagelijks pendelen rond de 200.000 mensen voor hun werk van Noordrijn-Westfalen naar een Beneluxland of andersom. Met gezamenlijke regeringscoalities, kabinetsvergaderingen en de eerste Grenslandconferentie heeft de deelstaatregering de nauwe samenwerking met België, Nederland en Luxemburg nog verder geïntensiveerd.

Aanmeldingen voor de wedstrijd zijn vanaf nu mogelijk. Uit de ingezonden foto’s kiest de jury tien foto’s die een prijs winnen. De deelnemer met de beste foto wint 1500 euro, degene die als tweede eindigt wint 500 euro en de derde plaats wordt met 500 euro beloond. De deelnemers die op de vierde tot en met de tiende plaats eindigen, krijgen 100 euro.

Tot en met 13 oktober 2019 kunnen deelnemers hun fotobestanden online uploaden. Deelnamevoorwaarden en verdere informatie over de wedstrijd zijn te vinden op: www.land.nrw/de/fotowettbewerb.

Beneluxjaar.NRW 2019

Ter gelegenheid van de tiende verjaardag van de ‘Politieke verklaring’ tussen Noordrijn-Westfalen en de Benelux om nauwer samen te werken, wordt voor de eerste keer in de geschiedenis van Noordrijn-Westfalen een Beneluxjaar met talrijke evenementen en activiteiten georganiseerd. Op 29 juni werd daarom in Aken al afgetrapt met een NRW.Dialoog.BENELUX, de eerste van in totaal vijf bijeenkomsten in Noordrijn-Westfalen voor iedereen die interesse heeft in toekomstige samenwerkingen met de Benelux.

Staatssecretaris Knops informeert kamers over voortgang grensoverschrijdende samenwerking

In een Kamerbrief van 12 juli heeft staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de Eerste en Tweede Kamer op de hoogte gebracht over de stand van zaken omtrent grensoverschrijdende samenwerking (GROS). Hierin stonden onder andere grensoverschrijdende jongerenevenementen, de Regiodeals, de GrensInfoPunten en de Grenslandagenda centraal.

Tijdens de Grenslandconferentie werd het programma ‘Onbegrensd/Unbegrenzt’ gelanceerd met als doel de jongerenuitwisseling over de grens door sport- en culturele evenementen een impuls te geven en daarbij aandacht te vragen voor elkaars taal en cultuur. Een van de voorbeelden daarvan is het recent gehouden Schuttersfeest voor jongeren in Limburg, waarbij jongeren uit Nederland, België en Duitsland elkaar ontmoetten.

Regio Deals

Een andere belangrijke pijler in de Kamerbrief waren de Regio Deals, met daarin verschillende grensoverstijgende aspecten. Voor de deal met Zuid- en Oost-Drenthe wordt gekeken naar de mogelijkheden om de regio over de landsgrenzen heen op het gebied van zorg en welzijn een boost te geven. Voor de Regio Deal met Twente worden de kansen op een samenwerking met Duitse partners uit Ostwestfalen-Lippe en Münster in kaart gebracht, onder andere op het gebied van productietechnologie en startups. In de Achterhoek ligt de focus binnen de Regio Deal op grensoverschrijdend samenwerken en ondernemen, vanuit de speerpunten smart economy en smart governance. In de Regio Deal met Parkstad Limburg wordt gekeken hoe de samenwerking met de regio Aken verder vorm kan krijgen in het licht van een grensoverschrijdend arbeidsmarkt- en onderwijsnetwerk. Een lichtend voorbeeld daarvan binnen de bestaande samenwerking is het Aachen-Maastricht Institute for Biobased Materials (AMIBM).

Diplomaerkenning Duitse leraren

In zowel Nederland als Duitsland kampt men met een tekort aan leraren voor diverse vakken, waaronder in Nederland leraren Duits. Om die reden heeft de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) gekeken naar een fast track voor Duitse leraren en de snelle erkenning van hun buitenlandse diploma. Uit het overleg tussen DUO en het ministerie van OCW is gebleken dat het uitgangspunt is dat een in Duitsland in een bepaald vak opgeleide leraar dit vak ook in Nederland mag geven. Op dit punt bestaat er geen belemmering voor een in Duitsland opgeleide leraar om les te geven in Nederland. Zodra een aanvraag binnenkomt, wordt gecontroleerd of de aanvrager over de juiste papieren beschikt en het diploma erkend. Een sneller traject is hierbij niet mogelijk.

GrensInfoPunten

Naar verwachting zal de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in september de convenanten tekenen over de duurzame financiering van de GrensInfoPunten. Daarmee is de financiering aan Nederlandse zijde helemaal gewaarborgd. In de convenanten zal voor 2019 en 2020 tevens een Rijksbijdrage ter beschikking worden gesteld om een kwaliteitsslag voor alle GIP´s mogelijk te maken. Het Samenwerkingsplan GIP´s 2020 zal de basis vormen voor de invulling hiervan. Daarnaast wordt gestreefd naar het behouden en versterken van de structurele samenwerking waar het gaat om arbeidsmarktbemiddeling met relevante partijen in de Euregio´s langs de grens van Nederland en Noordrijn-Westfalen. Daarnaast wordt geambieerd om de dienstverlening van de Euregio´s uit te breiden met informatie en advies over diplomaerkenning en beroepskwalificaties.

Grenslandagenda

Tijdens de eerste Regeringsdialoog tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen in november vorig jaar werd besloten om elk jaar een Grenslandconferentie te organiseren. De uitkomsten van de eerste regeringsdialoog worden vastgelegd in de Grenslandagenda, die de komende weken definitief wordt gemaakt.
Ook de kaders voor een samenwerkingsagenda tussen Nederland en Nedersaksen werden bepaald. Hier moet de samenwerking rond onderwerpen als economie, arbeidsmarkt, onderwijs, klimaat, infrastructuur en natuur worden geoptimaliseerd.

Commissaris van de Koning John Berends op werkbezoek in de Euregio

John Berends werd een paar maanden geleden geinstalleerd als Commissaris van de Koning in de provincie Gelderland. Op uitnodiging van Euregio-voorzitter Ulrich Francken bracht hij samen met Doede Sijtsma, Deutschlandbeauftragter van de Provincie Gelderland in Düsseldorf, op 11 juli een werkbezoek aan de Euregio Rijn-Waal.

Het programma begon met een bezoek aan het Duitse Elten bij Emmerich, waar burgemeester Hinze met de heer Berends sprak over thema´s als grenspendelaars, het ontbreken van OV-chipkaartlezers op de stations van Elten en Emmerich en de aanleg van de Betuweroute door zijn gemeente. Ook het belang van de haven van Emmerich voor de Liemers en de Achterhoek kwam aan bod. De onderwerpen kwamen tot leven tijdens enkele tussenstops bij het station van Elten en de haven van Emmerich.

Het bezoek werd voortgezet met een kort bezoek aan het secretariaat van de Euregio Rijn-Waal in Haus Schmithausen en de Hochschule Rhein-Waal. Tijdens een wandeling over de campus berichtte Dr. Gerd Heusipp over de snelle ontwikkeling van deze nog nieuwe hogeschool, die in tien jaar tijd is uitgegroeid tot een hogeschool met meer dan 7.000 studenten. Ook de samenwerking met de HAN, de Radboud Universiteit en de Universiteit Wageningen werd gethematiseerd.

De dag werd afgesloten met een bezoek aan Kranenburg. Tijdens een stop bij de Euregio Realschule werd dit bijzondere concept toegelicht en werd er verder gesproken over de erkenning van diploma´s en het belang van buurtaalonderwijs voor de grensstreek. In het oude station van Kranenburg sprak de commissaris met locoburgemeester Norbert Janssen tenslotte nog over het belang van goede (OV-)verbindingen tussen Kleve en Kranenburg en Groesbeek en Nijmegen. Een geslaagd voorbeeld is het op 7 juni geopende snelfietspad tussen Kleve en Kranenburg, dat aansluit op het al bestaande fietspad tussen Kranenburg en Groesbeek.

Euregio-secretaris Sjaak Kamps blikt met een goed gevoel terug op het bezoek: “Gelderland is een belangrijke provincie voor onze organisatie en wij zijn blij, dat ook de nieuwe commissaris John Berends oog heeft voor de grensoverschrijdende thema´s en uitdagingen en verheugen ons op een prettige samenwerking”.

Foto: Commissaris van de Koning John Berends (3.v.l.) en Doede Sijtsma van de Provincie Gelderland (2.v.r.) praten met Euregio-voorzitter Ulrich Francken, burgemeester Peter Hinze van Emmerich, Euregio-secretaris Sjaak Kamps en plaatsvervangend Euregio-secretaris Andreas Kochs over grensoverschrijdende onderwerpen als logistiek en openbaar vervoer.

3+3-overleg over grensoverschrijdende actualiteiten

Op 4 juli vond in Königswinter een 3+3-overleg tussen drie Commissarissen van de Koning en drie Regierungspräsidentinnen plaats. Het doel van dit halfjaarlijkse overleg is de bevordering van de grensoverschrijdende samenwerking tussen Nederland en Duitsland.

Bij het overleg waren de Commissarissen van de Koning van de provincies Gelderland, Overijssel en Limburg en de Regierungspräsidentinnen van de Bezirksregierungen Münster, Düsseldorf en Keulen aanwezig.

V.l.n.r: CdK van de Provincie Overijssel Andries Heidema, Gouverneur van de Provincie Limburg Theo Bovens, Regierungspräsidentin van Münster Dorothee Feller, Regierungspräsidentin van Keulen Gisela Walsken, CdK van de Provincie Gelderland John Berends, Regierungspräsidentin van Düsseldorf Brigitta Rademacher

Na de opening van de vergadering door de Regierungspräsidentin van Keulen, Gisela Walsken, volgden presentaties over twee grensoverschrijdende projecten. De eerste presentatie van Prof. Dr. Christine Graf, onderzoeker aan het instituut voor bewegings- en neurowetenschappen van de Deutsche Sporthochschule Köln en de heer Andrew Simons, regiodirecteur van onderwijsstichting Movare, ging over de school als leefomgeving. Geconstateerd werd dat een groeiend aantal kinderen weinig beweegt en dat dit forse gezondheidsgevolgen heeft. Met gebundelde krachten en de ervaringen uit Duitsland en Nederland gecombineerd, moeten activiteiten worden ontwikkeld die de kinderen weer in beweging krijgen. Het project bevindt zich nog in de beginfase, waar de resultaten van enquêtes en gesprekken met ouders worden geanalyseerd.

Daarna volgde een tweede presentatie over de Euregioprofielscholen. Deze scholen zijn in het leven geroepen om de kennis van de buurtalen en buurcultuur te bevorderen, gericht op de thema´s taalcompetentie, uitwisseling van scholieren en Euregiokennis. Prof. Dr. Christiane Vaeßen, directrice van het Zweckverband Region Aachen, praatte de toehoorders bij over deze scholen, die sinds de zomer van 2019 onderdeel zijn van de ‘Regionale Bildungsnetzwerke’ (RBN). In het kader daarvan stelt de Bezirksregierung medewerkers ter beschikking die hun pedagogische, vakinhoudelijke kennis kunnen inbrengen en terug kunnen grijpen op de bestaande communicatie- en samenwerkingsstructuren van de RBN met de scholen in de regio. Daarbij gaat het onder meer om het werken met huidige en toekomstige Euregioprofielscholen, netwerken op regionaal niveau en de ontwikkeling van lesmateriaal. Op allerlei manieren wordt invulling gegeven aan het leren van de buurtaal. Die projecten worden echter veelal los van elkaar georganiseerd. Het 3+3-overleg gaat proberen het gesprek op gang te brengen, om zo langs de gehele grens meer lijn te krijgen in deze buurtaalprojecten.

Tijdens de vergadering werd ook uitgebreid gesproken over de Grenslandconferentie, die in mei in Venlo heeft plaatsgevonden. De aanwezigen keken met een positieve blik terug op de Grenslandconferentie in Venlo en streven naar een actieve rol voor het 3+3-overleg bij de voorbereidingen op de volgende conferentie. Deze zal in 2020 in Duisburg plaatsvinden.

Ook actuele grensoverschrijdende thema’s kwamen aan bod. Er heerst blijdschap over de ontwikkelingen rond de GrensInfoPunten, omdat de financiering in Duitsland definitief is en in Nederland ook verzekerd lijkt. Na de zomer wordt in Nederland een overeenkomst tussen het Rijk, de Provincies en de Euregio’s ondertekend, waardoor de financiering in Nederland ook definitief zal worden.

Het volgende 3+3-overleg vindt plaats op 30 januari 2020 in Overijssel.

Hoogwater overschrijdt de grens en onze samenwerking dus ook

Noordrijn-Westfalen en Nederland blijven samenwerken op het gebied van hoogwaterveiligheid in het grensgebied tussen Duitsland en Nederland. Dat is de uitkomst van de Duits-Nederlandse conferentie “Water zonder grenzen/Wasser ohne Grenzen” die op 5 juli jl. gehouden is. De vorige hoogwaterconferentie was in Duitsland, dit jaar kwamen ongeveer 200 gasten bijeen in het Provinciehuis in Arnhem. Dit was de zevende internationale hoogwaterconferentie.

 Partijen hebben hiertoe op de conferentie een vernieuwde bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst ondertekend. De conferentie zelf richtte zich op actualiteiten van de grensoverschrijdende hoogwaterbescherming in het grensgebied tussen Nederland en Nordrhein-Westfalen.

Overstromingsrisico

Naast diverse workshops zijn de onderzoeksresultaten van de gezamenlijke studie “Overstromingsrisico grensoverschrijdende dijkringen aan de Niederrhein” gepresenteerd. Het onderzoek brengt de verschillen in de veiligheidsaanpak aan weerszijden van de grens in beeld en de huidige en toekomstige overstromingsrisico’s. Uit de studie blijkt dat beide landen actief werken aan de bescherming tegen overstromingen en dat beide landen van elkaar afhankelijk zijn ten aanzien van hoogwaterbescherming. Dit vraagt om het continueren van de samenwerking.

Belang van samenwerken

Met de ondertekening van de samenwerkingsovereenkomst herbevestigen partijen het gemeenschappelijke belang van het voortzetten van de grensoverschrijdende samenwerking naar aanleiding van de uitkomsten van het onderzoek. De samenwerkende partners zijn het Ministerie van Milieu, Landbouw, Natuur- en Consumentenbescherming van Nordrhein-Westfalen, de Arbeitskreis für Hochwasserschutz und Gewässer in NRW e.V, het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat van Nederland, de provincie Gelderland, de waterschappen Rijn en IJssel en Rivierenland. Ook Pieter van Heteren, beleidsmedewerker hoogwaterveiligheid van de Provincie Gelderland, onderstreept dit belang: “De hoogwaterconferentie heeft de samenwerking tussen NRW en Nederland op het terrein van hoogwaterveiligheid een flinke impuls gegeven.”

Langdurige samenwerking

Sinds 1997 werken Nederland en de Duitse deelstaat Nordrhein-Westfalen in de Duits-Nederlandse Arbeitsgruppe Hochwasser samen aan hoogwaterbescherming in het gezamenlijke grensgebied. Hierin participeren van beide landen de ministeries, waterschappen, provincies en gemeenten die zijn betrokken bij het waterbeheer en het beheer van de waterkeringen. De samenwerking richt zich op kennisuitwisseling, gezamenlijk onderzoek en het afstemmen van beleid. Vanuit dit perspectief is door de Duits-Nederlandse Arbeitsgruppe Hochwasser onderzoek gedaan naar de overstromingsrisico’s in het grensgebied.

Op de foto: De ondertekenaars: dijkgraaf Co Verdaas, John Berends (CdK Gelderland), Hein Pieper (dijkgraaf waterschap Rijn & IJssel), Holger Friedrich (Arbeitskreis Hochwasserschutz und Gewässer), Ursula Heinen-Esser (Ministerin für Umwelt, Landwirtschaft, Natur- und Verbraucherschutz) en Peter Heij (DG Water en Bodem bij Ministerie I&W).

Provinciale coalitieakkoorden en collegeprogramma´s: grensoverschrijdende speerpunten samengevat

In provinciale coalitieakkoorden en collegeprogramma´s maken provincies hun doelen en plannen voor de aankomende jaren bekend. De grensprovincies Overijssel, Gelderland en Limburg hebben onlangs de collegeprogramma´s en coalitieakkoorden voor de periode van 2019 tot 2023 gepubliceerd. In deze akkoorden bespreken de provincies onder andere hun rol als grensprovincie en hun doelen op het gebied van grensoverschrijdende samenwerking met Duitsland.

Samen bouwen aan Overijssel

Overijssel heeft een sterke economie en een gunstige concurrentiepositie, omdat de provincie direct aan het Duitse Ruhrgebied grenst. Uit het coalitieakkoord blijkt dat Overijssel de internationale economische concurrentiepositie verder wil verbeteren. Dat wil de provincie bewerkstelligen door het bevorderen van de arbeidsparticipatie en door het verhogen van de digitale competenties van haar inwoners. Overijssel ziet in dat de digitale ontwikkelingen aanpassing vereisen en heeft daarom plannen opgesteld die ervoor moeten zorgen dat alle inwoners van Overijssel leren omgaan met de nieuwe technologie.

Daarnaast wil Overijssel de infrastructuur uitbreiden, zodat het reizen tussen de provincie en onder meer Duitsland makkelijker wordt. Omdat Overijssel schoon en veilig vervoer nastreeft, moedigt de provincie openbaar vervoer en vervoer over het water aan. Overijssel streeft naar het toegankelijker maken van milieuvriendelijke transportvormen, zodat de Overijsselse inwoners en bedrijven makkelijker de stap naar Duitsland kunnen maken.

In het coalitieakkoord noemt Overijssel de samenwerking met de Duitse deelstaten Noordrijn-Westfalen en Nedersaksen als belangrijkste grensoverschrijdende speerpunten. De afgelopen jaren is er gewerkt aan diverse grensoverschrijdende samenwerkingsagenda´s en de komende jaren staan dan ook in het teken van de uitvoering hiervan.

Limburg: Vernieuwend verbinden

Limburg grenst niet alleen aan Duitsland, maar ook aan België. Vanwege deze ligging heeft de provincie grensoverschrijdende samenwerking en infrastructuur hoog op de agenda staan. In haar collegeprogramma laat Limburg weten dat zij op het gebied van duurzaamheid en infrastructuur en op economisch gebied de samenwerking met Duitsland wil uitbreiden. Een grote grensoverschrijdende samenwerking tussen Limburg en Duitsland is de luchthaven Maastricht Aachen. In het collegeprogramma uit Limburg zich positief over deze grensoverschrijdende samenwerking.

Een andere samenwerking met Duitsland die Limburg waardeert, is de Euregio. Limburg steunt de GrensInfoPunten, de agenda van de Euregio en de Grenslandconferentie en draagt bij aan het Euregionale programma ‘Working on Europe’. Ook het Institute for Transnational and Euregional cross border cooperation and Mobility (ITEM) mag rekenen op steun. De provincie plaatst echter wel de kanttekening dat er een betere taak- en rolverdeling moet komen tussen de frontoffices van de GrensInfoPunten en de backoffices van het team Grensoverschrijdend Werken en Ondernemen van de Belastingdienst en Bureau Duitse Zaken van de Sociale Verzekeringsbank. Uit het coalitieakkoord blijkt verder dat de provincie de grensoverschrijdende samenwerking binnen de Euregio ondere andere wil uitbreiden door meer arbeidskrachten uit de Euregio te halen en door een Euregionaal ontmoetingscentrum op te bouwen. Zo’n ontmoetingscentrum biedt de bewoners van de Euregio de mogelijkheid om informatie over het wonen en werken in het grensgebied in te winnen, zodat het makkelijker wordt om de stap over de grens te maken.

Om de samenwerking met Duitsland verder te kunnen uitbreiden, vindt Limburg het belangrijk dat haar inwoners meer kennis over het buurland opdoen. Limburg ziet de basis voor grensoverschrijdend denken en handelen niet voor niets in het verenigingsleven en het onderwijs. De provincie wil dat kinderen op school Euregionale vaardigheden leren, zodat zij kunnen bijdragen aan ontwikkelingen in de Euregio. Daarnaast wil Limburg dat schoolkinderen meer kennis op het gebied van digitale vaardigheden krijgen, zodat ze de internationale digitale ontwikkelingen kunnen bijbenen.

Samen voor Gelderland

Ook voor Gelderland staat grensoverschrijdende samenwerking met Duitsland hoog in het vaandel. Voor Gelderland ligt de focus daarbij op de deelstaat Noordrijn-Westfalen, die direct aan Gelderland grenst. Gelderland vindt het belangrijk dat haar inwoners meer leren over de Duitse taal en cultuur, zodat de drempel om contact te maken met het buurland lager wordt. Gelderland laat in het coalitieakkoord weten dat er in de komende jaren in het kader van taalprogramma’s aandacht aan het vergaren van kennis over Duitse taal en cultuur zal worden geschonken, zowel binnen als buiten het regulier onderwijs. De provincie is overtuigd dat synergieën tussen Nederlandse en Duitse onderwijssystemen (mbo en hbo) een positieve impuls kunnen geven aan het concurrentievermogen van de regio. Dit is noodzakelijk voor een goede economische ontwikkling, maar ook omdat Gelderland de verbinding is tussen de Randstad en Ruhrgebied. Gelderland vormt de logistieke corridor tussen beide Europese centra met snelwegen, de grote rivieren en de Betuwe-spoorlijn als belangrijke schakels. Ook kijkt de provincie naar mogelijkheden voor regionale OV-verbindingen met Duitsland. Gelderland is aan het onderzoeken hoe het openbaar vervoer tussen Gelderland en Noordrijn-Westfalen kan worden verbeterd.

Grensoverschrijdende samenwerking bevorderen

Uit de coalitieakkoorden blijkt dat alledrie de grensprovincies de samenwerkingen met Duitsland belangrijk vinden. Uit de akkoorden blijkt dat zij de grensoverschrijdende samenwerking graag willen verbeteren en uitbreiden, omdat zij denken dat er op dat gebied nog veel te halen valt.
De (samengevatte) coalitieakkoorden komen ook in het Duits beschikbaar.

De reeds beschikbare akkoorden kunnen hieronder worden gedownload.

Coalitieakkoord Provincie Overijssel
Coalitieakkoord Provincie Gelderland
Collegeprogramma Provincie Limburg
Koalitionsvertrag Provinz Overijssel Deutsch
Zusammenfassung Koalitionsvertrag Provinz Gelderland Deutsch

Euregionale conferentie een succes

Op woensdag 19 juni stond het Gouvernement in Maastricht in het teken van de Euregionale conferentie. Ruim 150 deelnemers uit het bedrijfsleven, het onderwijs, de culturele sector en van de overheid waren bijeengekomen om te kijken hoe de stedelijke samenwerking in de Euregio Maas-Rijn kan worden verbeterd. De organisatie was in handen van de steden Maastricht, Aken, Luik, Hasselt, Heerlen, Genk en Sittard-Geleen. De focus lag daarbij vooral op de uitvoering van projecten die dicht bij de burger staan.

In aanwezigheid van de Luikse wethouder Gilles Foret, minister-president Oliver Paasch van de Duitstalige gemeenschap in België, Gouverneur van Limburg Theo Bovens, staatssecretaris Raymond Knops van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en vertegenwoordigers van de Euregio Maas-Rijn, stond de versterking van de grensoverschrijdende samenwerking centraal. Dit komt voort uit de ambitie van de Euregio om het vestigingsklimaat over de landsgrenzen heen verder te verbeteren.

Landsgrenzen wegdenken

Uit diverse onderzoeken van onder meer McKinsey uit de afgelopen jaren is gebleken dat het benutten van de grensregio veel voordelen met zich meebrengt. Wanneer je de landsgrenzen wegdenkt, is deze regio een grote metropool. Het McKinsey rapport spreekt van een potentiele economische groei van 9 procent, en dat maakt de Euregio dan vergelijkbaar met de Randstad.
Nu de rechtsvorm van de Euregio Maas-Rijn is veranderd – naar een Europese Groepering voor Territoriale Samenwerking (EGTS) – is het moment gekomen om de samenwerking te versterken, ook omdat het EGTS voorziet in een andere rol voor steden in de Euregio Maas-Rijn.

Euregionale agenda

De conferentie diende als een eerste aanzet om met de steden in de Euregio een Euregionale agenda te ontwikkelen, met daaronder een uitvoeringsprogramma. Doel is om zo concreet mogelijk de stedelijke samenwerking in de Euregio te versterken, met als vertrekpunt het rapport ‘Strategisch Actieplan Randstad-Zuid-Limburg’. In dit rapport worden de kansen van de grensoverschrijdende agglomeratie bekeken. De betrokken steden hebben hieruit via hieraan verwante spiegelrapporten een viertal thema´s gedestilleerd: Cultuur, Duurzaamheid, Economie/Arbeidsmarkt en Mobiliteit. Deze thema´s moeten uiteindelijk de Euregionale agenda gaan vormen. In samenwerking met de Euregio Maas-Rijn moet hieraan na de zomer concrete invulling worden gegeven.

Anders dan anders

Het verschil tussen deze en andere conferenties is dat het uitvoeringsprogramma van deze conferentie vooral gericht zal zijn op het uitvoeren van projecten die dicht bij de burger staan. Het gaat daarbij vooral om projecten die een antwoord geven op vragen uit de samenleving en die de burger meteen het voordeel van samenwerking over grenzen heen bieden. Een voorbeeld daarvan zijn een Euregionale UIT-agenda en een geharmoniseerde Euregionale laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen.

Staatssecretaris Knops te gast in Aken

Op 19 juni bracht Staatssecretaris Raymond Knops van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in het kader van de grensoverschrijdende samenwerking een bezoek aan de Duitse stad Aken. Er stond onder meer een ontmoeting met de Akense burgemeester Marcel Philipp op de agenda.

Als burgemeester van de enige echt grote stad op de grens met Nederland hecht Philipp bijzondere waarde aan grensoverschrijdende samenwerking. Hij praatte Knops onder meer bij over de verschillende vormen van samenwerking tussen Aken en de partnergemeenten in Nederland en België.

Daarnaast bracht Knops een bezoek aan de technische universiteit RWTH Aachen. Hier wisselde hij  met vertegenwoordigers van de RWTH en de Universiteit van Maastricht van gedachten over de samenwerking tussen de twee universiteiten. Een van de paradepaardjes op dat vlak is het Aachen-Maastricht Institute for Biobased Materials (AMIBM). Dit is een Europees cross-border onderzoeksinstituut, gericht op de ontwikkeling van geavanceerde biobased materialen.

Ook de gezamenlijke kandidatuur voor de Einstein Telescoop kwam aan bod. Zuid-Limburg is een van de drie regio’s in Europa die in beeld zijn voor de Einstein-telescoop. Die gaat bestaan uit drie kilometerslange ondergrondse buizen, waarin met laserstralen zogenoemde zwaartekrachtgolven kunnen worden gedetecteerd. Die golven werden door Albert Einstein voorspeld in zijn algemene relativiteitstheorie.

Tot slot ging Knops in gesprek met de Industrie- und Handelskammer (IHK) Aachen en de Limburgse ontwikkelings- en investeringsmaatschappij LIOF. De IHK heeft in LIOF een partner gevonden om gedeeltelijk het gat op te vullen dat door de centralisering van de Kamers van Koophandel is ontstaan. Na afloop van het bezoek was Knops aanwezig bij de euregionale conferentie in Maastricht.