Duitse lockdown met minstens twee weken verlengd

De Duitse coronamaatregelen, die oorspronkelijk tot en met 31 januari zouden gelden, worden met ten minste twee weken verlengd tot en met 14 februari. Dat kwamen Bondskanselier Angela Merkel en de minister-presidenten van de deelstaten op 19 januari na een marathonvergadering van meer dan zeven uur overeen. De hoofdreden daarvoor zijn de zorgen over de mogelijke verspreiding van de Britse variant van het coronavirus, die inmiddels ook in Duitsland is vastgesteld. Doordat de lockdown wordt verlengd, blijven de reeds bestaande maatregelen van kracht en blijven onder meer niet-essentiële winkels en horecagelegenheden gesloten. Een avondklok, waarover in het Nederlandse kabinet wordt gediscusieerd, komt er echter voorlopig niet.

Hieronder een overzicht van de actuele wijzigingen:

Een van de belangrijkste vernieuwingen is de invoering van een plicht tot het dragen van medische mondkapjes (type FFP2, KN95/N95) of chirurgische maskers (de bekende blauwe mondkapjes) in winkels en in het openbaar vervoer. Het dragen van zelfgemaakte of stoffen mondkapjes is hier niet langer toegestaan. Dat geldt ook voor het dragen van een sjaal voor neus en mond.

Privébijeenkomsten blijven alleen toegestaan met het eigen huishouden en maximaal 1 andere persoon. Daarnaast geldt het dringende advies om het aantal huishoudens waaruit de andere personen komen, zo constant en zo klein mogelijk te houden (social bubble).

Het gebruik van het openbaar vervoer moet door middel van verbeterde thuiswerkmogelijkheden  zo ver worden teruggedrongen dat het aantal passagiers daalt en zij in de regel voldoende afstand moeten kunnen houden. Indien nodig wordt er extra materieel ingezet. In het openbaar vervoer wordt het dragen van een medisch mondkapje verplicht.

Scholen en kinderdagverblijven blijven gesloten en de aanwezigheidsplicht vervalt

Voor verzorgings- en bejaardentehuizen gelden extra beschermingsmaatregelen. In ieder geval totdat de tweeledige vaccinatie in de instellingen is afgesloten, wordt extra belang gehecht aan de sneltests bij het betreden van de instellingen. Daarnaast is het dragen van een FFP2-mondkapje voor het personeel dat contact heeft met bewoners verplicht.  Voor personeel en bezoekers zijn sneltests, die meerdere keren per week worden uitgevoerd, verplicht. Op veel plekken ontbreekt momenteel de mankracht om dergelijke tests ter plekke uit te voeren. Daarom willen de Bondsregering en de deelstaten er gezamenlijk voor zorgen dat in eerste instantie militairen en in een tweede stap vrijwilligers tijdelijk de sneltests gaan uitvoeren. Duitse hulporganisaties zullen deze vrijwilligers opleiden.

Kerkdiensten en bijeenkomsten van andere geloofsgemeenschappen zijn alleen toegestaan als bezoekers onderling anderhalve meter afstand kunnen houden. Het dragen van een medisch mondkapje is te allen tijde verplicht. Voor bijeenkomsten met meer dan 10 personen geldt een meldplicht bij het Ordnungsamt voor zover er geen algemene afspraken met de verantwoordelijke autoriteiten zijn gemaakt.

Hotspots: in deelstaten en Kreise waar verhoudingsgewijs bijzonder veel mensen besmet zijn, kunnen strengere maatregelen worden afgekondigd. Ook hier moet een reële kans bestaan om het doel van maximaal 50 nieuwe besmettingen per 100.000 inwoners binnen 7 dagen voor half februari te bereiken.

Thuiswerken wordt de norm. Er komt een tijdelijke verordening die werkgevers ertoe verplicht om werknemers de mogelijkheid tot thuiswerken te geven, indien de werkzaamheden dit toelaten.

Vaccins: Duitsland streeft ernaar om alle inwoners die dit willen, uiterlijk aan het eind van de zomer te hebben ingeënt. Deze doelstelling is alleen realistisch wanneer de toelating van verdere vaccins en de levering ervan in de gewenste hoeveelheden volgens plan verloopt.

De personele capaciteiten van de GGD’s moeten worden verhoogd zodat een bron- en contactonderzoek in elk geval bij 50 nieuwe besmettingen per 100.000 inwoners in zeven dagen weer volledig mogelijk is. Hiervoor zal de hulp worden ingeroepen van studenten die hierbij in de vakantieperiode (Semesterferien) van half februari tot half april ondersteuning moeten bieden.

De verschillende varianten van het coronavirus moeten volgens een nieuwe verordening sterker worden onderzocht op het exacte type virus.

Het steunpakket Überbrückungshilfe III wordt verbeterd. Hierin wordt nu bij de vaste lasten ook rekeninggehouden met afschrijvingen op niet-verkoopbare seizoensartikelen. Het moet voor bedrijven en zzp’ers eenvoudiger worden om aanspraak te maken op overheidssteun. Ook gaat de Bondsregering zich bij de Europese Commissie sterk maken om de maximum grens voor de ‘Beihilfe’ te verhogen.

Duitsland zal er op de Europese Raad op 21 januari voor pleiten dat in de Europese Staten vergelijkbare en op elkaar afgestemde maatregelen gelden voor de indamming van virusmutaties en de besmettingen in het algemeen.

Een overzicht van alle (gewijzigde) maatregelen in Duitsland tot en met tenminste 14 februari is te vinden in het Bund-Länder-Beschluss van de Bundesregerierung.

Armin Laschet gekozen tot nieuwe leider van de CDU

Armin Laschet (c) Land NRW

Tijdens het 33e partijcongres van de CDU, dat op 15 en 16 januari digitaal plaatsvond, werd de minister-president van Noordrijn-Westfalen Armin Laschet verkozen tot nieuwe partijleider van de CDU. Hij liet daarmee Friedrich Merz en Norbert Röttgen achter zich. Laschet volgt daarmee Annegret Kamp-Karrenbauer op als voorzitter van de CDU.

In de eerste stemronde kreeg Friedrich Merz 385, Armin Laschet 380 en Norbert Röttgen 224 stemmen. Geen van de kandidaten behaalde daarmee een absolute meerderheid. Daarom kwam er een tweede ronde, waarin Merz en Laschet het opnieuw tegen elkaar opnamen. Hierin kreeg de huidige minister-president van Noordrijn-Westfalen 521 en zijn opponent Merz 466 stemmen.  Zijn overwinning is een overwinning voor een gematigde CDU die niet radicaal wil breken met de erfenis van Merkel. Laschet geldt als man van consensus en verbinding.

Bondskanselierschap

Dat Armin Laschet de nieuwe partijleider is, betekent echter niet dat hij automatisch ook de nieuwe bondskanselier wordt, al heeft Laschet wel aangegeven een gooi naar het bondskanselierschap te willen doen. Wie de uiteindelijke kandidaat zal worden, bepalen de voorzitters van CDU en CSU pas later dit voorjaar, waarschijnlijk rond Pasen. Of Laschet kandidaat zal zijn, hangt onder meer af van de ontwikkeling van de pandemie en de uitslagen van zijn partij bij de deelstaatverkiezingen in Rijnland-Palts en Baden-Württemberg eind maart.

Volgens een Forsa-enquête in opdracht van het Duitse RTL is Markus Söder van zusterpartij CSU echter duidelijk favoriet voor het ambt van Bondskanselier. 36 procent van de stemgerechtigden geeft aan dat zij Söder het liefst als Bondskanselier zien, 21 procent ziet liever Laschet aan het roer.  Ook is het niet ondenkbaar dat de huidige minister van Gezondheid Jens Spahn (CDU) aanspraak maakt op de post.

Op 26 september gaat Duitsland naar de stembus voor de Bundestagswahlen om een opvolger te kiezen voor Angela Merkel. Zij heeft zich niet meer verkiesbaar gesteld.

Foto (c): Land NRW

Duitsland verlengt en verscherpt lockdown

Duitsland verlengt de lockdown

De momenteel geldende beperkingen ter bestrijding van de coronapandemie worden in Duitsland tot en met 31 januari verlengd en op een aantal punten verder aangescherpt. Dat hebben bondskanselier Angela Merkel en de minister-presidenten van de deelstaten na gezamenlijk overleg op 5 januari besloten. Op die manier moet het aantal nieuwe besmettingen worden teruggedrongen tot minder dan 50 per 100.000 inwoners in de afgelopen 7 dagen en moeten de GGD’s weer in staat worden gesteld om goed bron- en contactonderzoek uit te kunnen voeren. In driekwart van de 410 Land- en Stadtkreise ligt het aantal nieuwe besmettingen per zeven dagen per 100.000 inwoners momenteel bij meer dan 100. In meer dan 70 Stadt- en Landkreise zijn dit er zelfs meer dan 200.

“We roepen alle burgers op om hun contacten tot een absoluut minimum te reduceren. Privébijeenkomsten zijn alleen nog toegestaan met het eigen huishouden en maximaal 1 andere persoon”, benadrukte Merkel.

Bovendien zijn de bondsregering en de deelstaten het eens geworden over een andere extra maatregel in Kreise met een gemiddelde van meer dan 200 nieuwe besmettingen in de afgelopen 7 dagen per 100.000 inwoners: de inperking van de bewegingsvrijheid tot maximaal 15 kilometer van de woonplaats, wanneer er geen gegronde reden bestaat om deze radius te overschrijden. “Dagtrips voor toeristische doeleinden zijn uitdrukkelijk geen gegronde reden”, benadrukte Merkel.

Hieronder een overzicht van de maatregelen die zijn verlengd en gedeeltelijk aangescherpt:

  • Alle bestaande beperkingen blijven geldig tot tenminste 31 januari 2021.
  • De beperkingen voor privébijeenkomsten worden verder aangescherpt. Deze zijn alleen nog toegestaan met het eigen huishouden en maximaal 1 andere persoon.
  • Kinderdagverblijven en scholen blijven tenminste tot eind januari gesloten.
  • Ouders krijgen in 2021 recht op 10 extra dagen ‘Kinderkrankengeld’ per ouder (20 dagen voor alleenstaande ouders). Ze hebben hier recht op wanneer kinderen thuis moeten worden opgevangen omdat de school of kinderopvang als gevolg van de pandemie gesloten moest worden.
  • Werkgevers blijven opgeroepen om thuiswerken op grote schaal mogelijk te maken.
  • Bedrijfskantines gaan waar mogelijk dicht. Het afhalen van maaltijden blijft toegestaan. Deze mogen niet ter plekke worden genuttigd.
  • In Kreise met meer dan 200 nieuwe besmettingen per 100.000 inwoners binnen 7 dagen kunnen extra maatregelen worden genomen, met name wat betreft de inperking van de bewegingsvrijheid tot 15 km vanaf de woonplaats, voor zover er geen gegronde reden is om deze radius te overschrijden. Dagtripjes voor toeristische doeleinden vormen uitdrukkelijk geen dringende reden.
  • Het binnendringen van virusmutaties moet worden voorkomen. Bij reizigers uit gebieden waarin dergelijke gemuteerde virusvarianten voorkomen, controleert de douane sterker of er wordt voldaan aan de bijzondere inreisbepalingen.
  • Voor inkomende reizigers uit risicogebieden moet naast de bestaande tiendaagse quarantaineplicht, die op zijn vroegst na vijf dagen door een negatieve testuitslag kan worden beëindigd, bovendien een testplicht bij aankomst worden ingevoerd. Er komen speciale regels rondom de testplicht voor reizigers uit hoogrisicogebieden.
  • Voor verzorgings- en bejaardentehuizen gelden extra beschermingsmaatregelen. In ieder geval totdat de tweeledige vaccinatie in de instellingen is afgesloten, wordt extra belang gehecht aan de sneltests bij het betreden van de instellingen. Op veel plekken ontbreekt momenteel de mankracht om dergelijke tests ter plekke uit te voeren. Daarom willen de Bondsregering en de deelstaten er gezamenlijk voor zorgen dat vrijwilligers tijdelijk gaan zorgen voor de uitvoering van de sneltests. Duitse hulporganisaties zullen deze vrijwilligers opleiden.
  • Op 27 december is de Duitse vaccinatiecampagne van start gegaan. 1,3 miljoen doses zijn voor eind december aan de deelstaten geleverd, op 1 februari 2021 moeten hier nog 2,7 miljoen doses zijn bijgekomen. Uiterlijk half februari moeten alle bewoners van zorginstellingen de mogelijkheid hebben gekregen om te worden ingeënt.
  • Eerste deelbetalingen uit het steunpakket voor bedrijven ‘Überbrückungshilfe III’ moeten mogelijk worden gemaakt. De eerste reguliere betalingen uit dit pakket moeten in het eerste kwartaal van 2021 gedaan zijn.

    ‘Bund-Länder-Beschluss’

Een volledig overzicht van alle geldende regels en voorschriften in Duitsland van 16 december tot en met tenminste 31 januari is te vinden in het ‘Bund-Länder-Beschluss’ van de Bundesregerierung. Op 25 januari 2021 komen Bondskanselier Merkel en de minister-presidenten van de deelstaten opnieuw samen om de verdere aanpak te bespreken.

Het Nederlandse kabinet overlegt naar verwachting in de week van 11 januari over een mogelijke verlenging van de Nederlandse lockdown, die vooralsnog tot en met 19 januari duurt.

Jaaroverzicht 2020

Ein turbulentes Jahr geht zu Ende… En daarmee is het voor het team van Grenspost Düsseldorf – de vertegenwoordiging van de provincies Gelderland, Limburg, Overijssel en Zuid-Holland in Duitsland – tijd om terug te blikken op de belangrijkste gebeurtenissen en mijlpalen in ‘coronajaar’ 2020. Een jaar waarin de pandemie de boventoon voerde en de levens van eenieder op zijn kop zette. Maar bovenal ook een jaar waarin het belang van goede grensoverschrijdende samenwerking en uitstekende Nederlands-Duitse betrekkingen nog eens extra werd onderstreept. Bijvoorbeeld bij de gemeenschappelijke inspanningen voor het openhouden van de grens en de oprichting van de Cross-border Task Force Corona tussen Noordrijn-Westfalen, Nederland en België.

De kroon op het jaar was de tweede editie van de Grenslandconferentie tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen. Op uitnodiging van Europa-minister van Noordrijn-Westfalen Stephan Holthoff-Pförtner, staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties Raymond Knops en Gouverneur van de provincie Limburg Theo Bovens vond de Grenslandconferentie dit jaar vanuit Duisburg grotendeels digitaal plaats. Tijdens de bijeenkomst werd de Grenslandagenda, met daarin de gezamenlijke prioriteiten van de grensoverschrijdende samenwerking, vastgesteld.

De Grenslandconferentie werd voorafgegaan door de Nederlands-Duitse regeringsconsultaties. Voor de vierde keer kwamen de nationale regeringen van Nederland en Duitsland bijeen, ditmaal digitaal, om gemeenschappelijke plannen op belangrijke politieke beleidsterreinen een boost te geven – met name op het gebied van waterstof, culturele uitwisseling, personenmobiliteit, de gezamenlijke inspanningen voor veiligheid, werk- en leefomstandigheden van arbeidsmigranten en de nieuwe samenwerkingsthema’s kennis, wetenschap en innovatie.

Dat er een belangrijke focus ligt op waterstofsamenwerking, komt ook tot uiting in een gezamenlijk onderzoek van Nederland en Duitsland naar de haalbaarheid van een transnationale waardeketen van groene waterstof, die zich uitstrekt van de Noordzee tot de industrieclusters van het grensgebied van Nederland en Noordrijn-Westfalen. De eerste resultaten werden tijdens een industrieforum in november gepresenteerd.

Voor Noordrijn-Westfalen was 2020 met het oog op de gemeenteraadsverkiezingen en de verkiezingen van nieuwe burgemeesters en Landräte een belangrijk jaar. De CDU van minister-president Armin Laschet werd de grootste partij en Die Grünen schreven geschiedenis met een recordresultaat. De SPD werd grote verliezer en moest 7 procent van de stemmen inleveren. Op lokaal niveau vond in Düsseldorf, de hoofdstad van Noordrijn-Westfalen, een politieke verschuiving plaats. Voor het eerst in zes jaar staat er met Stephan Keller weer een CDU-politicus aan het roer.

Aan bestuurlijke Nederlands-Duitse ontmoetingen was in 2020 ondanks de coronacrisis gelukkig geen gebrek. Het jaar werd afgetrapt met het jaaroverleg tussen verkeersminister Hendrik Wüst van Noordrijn-Westfalen en vier Nederlandse gedeputeerden. De focus lag op grensoverschrijdend spoorvervoer, Smart Mobility en corridorontwikkeling, bijvoorbeeld tussen de haven van Rotterdam en de regio Rhein-Ruhr.

De Parlementariergruppe NRW bracht in augustus een bezoek aan de provincie Limburg. De parlementariërs lieten zich bijpraten over de laatste ontwikkelingen omtrent de Einstein Telescope, een geavanceerd observatorium voor zwaartekrachtsgolven. Hier zal onderzoek worden gedaan naar het heelal. De grensregio van Nederland, Duitsland en België is in beeld als mogelijke locatie.

De banden tussen de grensprovincies en de Regierungsbezirke Köln, Münster en Düsseldorf werden verder aangehaald in de inmiddels traditionele halfjaarlijkse 3 + 3-overleggen, waarin onder meer de bestrijding van grensoverschrijdende criminaliteit centraal stond.

Recentelijk ontmoetten de landbouwministers van Nedersaksen, Noordrijn-Westfalen en Nederland elkaar om te spreken over de intensivering van de samenwerking en gemeenschappelijke uitdagingen zoals de Afrikaanse varkenspest, mest, klimaatverandering en stikstof.

De samenwerking tussen Oost-Nederland en het Münsterland was onderwerp van een digitaal gesprek in het kader van het gezamenlijke memorandum over grensoverschrijdende samenwerking. Onderwerpen als buurtaalonderwijs, samenwerking in de zorg en digitalisering passeerden de revue.

Ook in politiek Den Haag kreeg grensoverschrijdende samenwerking expliciete aandacht. Tijdens een Algemeen Overleg kwamen thema’s als het belang van Duits op school, grensoverschrijdende ambulancezorg, diploma-erkenning en het verstrekken van een DigiD aan grensarbeiders die buiten Nederland wonen aan bod.

Bovendien pleitten de provincies Limburg, Gelderland, Overijssel, Noord-Brabant en Zuid-Holland samen met Noordrijn-Westfalen in een brief voor meer en snellere treinverbindingen naar Duitsland. Zij vroegen in de brief aandacht voor de verdere ontwikkeling en verbetering van diverse regionale grensoverschrijdende trajecten. Daarbij ging het om de verbindingen Zwolle-Münster, Enschede-Dortmund, Eindhoven-Venlo-Düsseldorf, Aken-Maastricht-Luik en Arnhem-Düsseldorf. Daarnaast werd het verbeteren en versnellen van de langeafstandsverbindingen Amsterdam-Frankfurt, Amsterdam-Aken en Den Haag/Rotterdam-Düsseldorf/Keulen aangestipt.

Over de spoorverbinding tussen Zwolle en Münster is positief nieuws te melden. De uitvoeringsagenda van het project EuregioRail, waaronder deze verbinding valt, werd in november namelijk vastgesteld. Hiermee werd een nieuwe mijlpaal in de realisatie van een rechtstreekse, duurzame grensoverschrijdende treinverbinding Zwolle-Münster bereikt, zodat reizigers niet meer hoeven over te stappen bij de grens. De nieuwe verbinding moet in 2027 tot stand komen en in de jaren daarna verder worden uitgebreid.

Ook is er voorzichtig goed nieuws over een mogelijke nieuwe internationale Intercity naar Aken op de route Den Haag – Rotterdam – Eindhoven – Heerlen, waar deze vervolgens de grens over moet gaan. Dat blijkt uit een inventarisatie van NS. Wel moet eerst aan een aantal voorwaarden worden voldaan op het gebied van financiering en infrastructuur. Hierover wil NS in gesprek met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de regio’s en ProRail.

Daarnaast was er ruimte om te netwerken tijdens de Nederlands-Duitse Handelsweek, die als gevolg van de pandemie voor het eerst haar digitale première beleefde. Het doel bleef echter ongewijzigd: Nederlandse en Duitse ondernemers op een grootschalige manier samenbrengen.

Helaas moesten we dit jaar een informeel samenzijn tijdens de jaarlijkse Koningsdagreceptie in Düsseldorf en de Kerstborrel van Grenspost Düsseldorf aan ons voorbij laten gaan. We spreken de hoop uit dat fysiek netwerken in grotere kring op enig moment in 2021 weer mogelijk zal zijn, en we dan de sterke band tussen de Nederlandse grensprovincies en de deelstaten Noordrijn-Westfalen en Nedersaksen weer verder kunnen benadrukken.

Interregionale samenwerking versterken: Trilaterale ontmoeting landbouwministers

De coronapandemie en de afgekondigde lockdowns vormden geen belemmering voor een ontmoeting tussen de landbouwministers van Noordrijn-Westfalen, Nedersaksen en Nederland. Op 14 december troffen Ursula Heinen-Esser, minister van Milieu en Landbouw van Noordrijn-Westfalen, Barbara Otte-Kinast, minister van Landbouw van Nedersaksen en de Nederlandse minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit Carola Schouten elkaar tijdens een online videoconferentie. De drie ministers spraken over de intensivering van de samenwerking en gemeenschappelijke uitdagingen, zoals de Afrikaanse varkenspest, mest, klimaatverandering en stikstof. Daarnaast stonden er actuele landbouwpolitieke kwesties op de agenda.

Ursula Heinen-Esser, minister van Milieu en Landbouw van Noordrijn-Westfalen: “De door ons in het leven geroepen traditie om ook interregionaal voortdurend met elkaar in gesprek te blijven over actuele onderwerpen is al zeer succesvol gebleken. Nederland, Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen beschikken over veel raakvlakken die we met elkaar moeten verbinden en waarvan we meer moeten profiteren. Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen zijn voor Nederland de belangrijkste Duitse handelspartners op het gebied van landbouwproducten. Ongeveer twee derde van de landbouwexport gaat naar deze twee deelstaten.”

Carola Schouten, minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van Nederland: “De Duitse deelstaten Noordrijn-Westfalen en Nedersaksen zijn van oudsher belangrijke handelspartners voor Nederland. Vandaag sprak ik met mijn collegaministers over deze samenwerking en onze gezamenlijke uitdagingen. We hebben veel gemeen, bijvoorbeeld in de strijd tegen de Afrikaanse varkenspest, vermindering van de stikstofuitstoot en klimaatverandering. Daarom ben ik ervan overtuigd dat het vinden van gezamenlijke oplossingen zal bijdragen aan het verbeteren van de omstandigheden in het dagelijkse leven van onze boeren, natuurliefhebbers en burgers.”

Een ander gespreksonderwerp was de terugkeer van de wolf, die in Europa een beschermde status geniet. Op dit moment hebben meerdere roedels en solitair levende wolven zich in Nederland, Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen gevestigd. Met name jonge dieren verplaatsen zich regelmatig tussen de regio’s.

“De landbouwsector maakt momenteel ongekende veranderingen door. De samenleving roept om meer milieu- en klimaatbescherming, biodiversiteit en dierenwelzijn. Tegelijkertijd hebben onze boeren met felle concurrentie te maken en oogsten ze vaak weinig waardering voor hun zware werkzaamheden. De centrale thema’s tijdens onze drielandenbijeenkomst waren de omgang met stikstof en fosfaat, de strijd tegen de Afrikaanse varkenspest en de Europese etiketteringsregels voor vlees. Aangezien we allemaal met deze onderwerpen te maken hebben, is er behoefte aan grensoverschrijdende afstemming”, aldus minister Barbara Otte-Kinast uit Nedersaksen. Concurrentieverstoring tussen de regio’s moet worden vermeden.

Verder werd er gesproken over vermindering van de uitstoot door de veehouderij en de uitwisseling van mest tussen de regio’s. Daarbij lag de focus op de effectieve inzet van deze waardevolle grondstof voor de akkerbouw en controles van grensoverschrijdende transporten, zodat de veiligheid van mens en natuur niet in het geding komt. De landbouwministers van Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen benadrukten dat beide deelstaten op mestgebied belangrijke partners zijn. Door strengere wetgeving in Noordrijn-Westfalen voor het gebruik van meststoffen en strengere controles is de invoer uit Nederland naar Noordrijn-Westfalen sinds 2016 met ongeveer 40 procent gedaald.

“We hebben afgesproken dat we nauw blijven samenwerken. De belangrijkste uitdagingen in dit verband vormen wederzijdse transparantie op handelsgebied, zo min mogelijk administratieve lasten voor bedrijven en een doeltreffende controle en traceerbaarheid”, aldus de ministers. Ze spraken tevens af om nauwer samen te gaan werken om de ammoniakuitstoot door de landbouw te verminderen. Duitsland heeft toegezegd de emissies, die grotendeels afkomstig zijn van de landbouw, tot 2030 met bijna 40 procent te zullen verminderen. Noordrijn-Westfalen stimuleert al enkele jaren met succes het gebruik van technologie om mest emissiearm over het land te verspreiden en mestopslagplaatsen af te dekken.

Ook Peter Vermeij, landbouwraad op de Nederlandse ambassade in Berlijn, onderstreept het belang van deze ontmoeting: “De drie landbouwministers hechten veel waarde aan intensievere samenwerking. Bij de voorbereiding van dit overleg zijn de onderlinge contacten tussen de ministeries al versterkt en dat is een goede opmaat voor 2021. We weten elkaar te vinden en dat geldt ook voor de provincies. De uitdagingen zijn fors en des te belangrijker is het samen te werken aan oplossingen.”

Harde lockdown voor Nederland en Duitsland

Waar Duitsland op 13 december besloot tot het instellen van een harde lockdown die in elk geval tot en met 10 januari 2021 zal duren, volgde Nederland een dag later en kondigde eveneens een strenge lockdown af, tot tenminste 19 januari 2021. In beide landen bleken de reeds genomen maatregelen om de coronapandemie in te dammen niet voldoende. Onder meer niet-essentiële winkels gaan in beide landen dicht. Het besluit van de Nederlandse overheid om het Duitse beleid grotendeels te spiegelen, zorgt voor opluchting in de grensstreek.

“Nederland kan nu niet achterblijven”, aldus Hubert Bruls, burgemeester van Nijmegen en voorzitter van het Veiligheidsberaad, vorige week in de Gelderlander. “Het contrast wordt anders te groot. […] Als je niets doet, dan komen de mensen massaal de grens over om hier boodschappen te doen.” Aan deze oproep is nu dus gehoor gegeven. Door de afstemming van het beleid zijn de Nederlandse zorgen dat Duitsers massaal de grens over zouden kunnen steken om in Nederland te komen winkelen, van tafel. De Nederlandse lockdown gaat grotendeels in op dinsdag 15 december, Duitsland volgt een dag later.

Ook Joris Bengevoord, burgemeester van grensplaats Winterswijk, onderstreept het belang van een goede beleidsafstemming tussen de Nederlandse en Duitse regering, zeker voor de grensregio: “Het is fijn voor alle inwoners van het grensgebied dat de maatregelen nu uniform zijn. Ondanks dat we lokaal aan beide kanten van de grens tijdens de hele pandemie al goed hebben samengewerkt, waren landelijke regels telkens afwijkend. Dit schept duidelijkheid in deze lastige tijd en dat is goed voor onze inwoners. Ik kijk uit naar het moment dat we de grens weer over kunnen!”

Geen vuurwerktoerisme

Met de aankondiging van een strenge lockdown in beide landen zijn ook de zorgen over eventueel grensoverschrijdend vuurwerktoerisme van tafel. Net als in Nederland mag nu ook in Duitsland geen vuurwerk verkocht worden. Het feit dat in Nederland een vuurwerkverbod gold (afsteken én verkopen), en in Duitsland niet, zorgde bij grensburgemeesters voor hoofdbrekens. Al jarenlang is het voor Nederlanders gebruikelijk om tijdens de laatste dagen van het jaar ook in Duitsland vuurwerk in te slaan.

Afzien van niet-noodzakelijke reizen

Voor burgers in beide landen geldt dat zij worden opgeroepen om niet-noodzakelijke reizen in binnen- en buitenland te vermijden. Grenscontroles komen er wat Bruls betreft echter niet, zo liet hij vorige week al weten in De Gelderlander: “Mensen gaan over en weer de grens over voor werk, studie of bedrijf. Stel, iemand wil een paar kilometer verder op familiebezoek. Dat kan in Nederland ook, en dan zou dat hier niet kunnen omdat er toevallig een staatsgrens loopt?”

Kleine versoepelingen met kerst

De lockdownbeperkingen komen in beide landen grotendeels overeen. Naast de niet-essentiële winkels moeten ook contactberoepen in Nederland en Duitsland hun deuren sluiten en gaan de scholen in beide landen over op online onderwijs. Ook zijn de horeca, musea, theaters, pretparken, dierentuinen, sportscholen, sauna’s etc. in Nederland en Duitsland gesloten.

Er zijn wel kleine verschillen waar het bijvoorbeeld gaat om privébijeenkomsten.

In Duitsland zijn privébijeenkomsten met vrienden, familie en bekenden toegestaan met het eigen huishouden en maximaal één ander huishouden, echter altijd met een maximum van vijf personen, exclusief kinderen tot 14 jaar. Voor de kerstdagen geldt: afhankelijk van de besmettingscijfers kunnen de deelstaten van 24 tot en met 26 december 2020 als uitzondering op de op overige dagen geldende contactbeperkingen bijeenkomsten met 4 personen uit de naaste familiekring buiten het eigen huishouden om toestaan, exclusief kinderen tot 14 jaar – ook als dit leidt tot een samenkomst van meer dan twee huishoudens of meer dan 5 personen boven de 14 jaar. De Bondsregering roept haar burgers echter wel met klem op om de contacten in de vijf tot zeven dagen voor kerst tot een absoluut minimum te beperken.

Voor Nederland geldt dat er buiten het huishouden om maximaal 2 bezoekers per dag langs mogen komen, kinderen tot en met 12 jaar niet meegerekend. Voor kerst geldt een kleine uitzondering: dan zijn er maximaal 3 bezoekers van 13 jaar en ouder per dag welkom.

‘Bund-Länder-Beschluss’

Een volledig overzicht van alle geldende regels en voorschriften in Duitsland van 16 december tot en met tenminste 10 januari is te vinden in het ‘Bund-Länder-Beschluss‘ van de Bundesregerierung. Op 5 januari 2021 voeren bondskanselier Angela Merkel en de presidenten van de deelstaten opnieuw overleg over de maatregelen die vanaf 11 januari zullen gelden.

Een overzicht van alle Nederlandse maatregelen die vanaf 14 december tot en met tenminste 19 januari van kracht zijn, is te vinden op de website van de Rijksoverheid. Op 12 januari zullen minister-president Mark Rutte en minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Hugo de Jonge in een persconferentie bekendmaken hoe de maatregelen na 19 januari eruit zullen zien.

Digitale grenslandconferentie tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen: Grenslandagenda 2021 vastgesteld

Op uitnodiging van Europa-minister van Noordrijn-Westfalen Stephan Holthoff-Pförtner, staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties Raymond Knops en Gouverneur van de provincie Limburg Theo Bovens, vond op 2 december in Duisburg de tweede editie van de Grenslandconferentie tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen plaats. In het kader daarvan werd de Grenslandagenda 2021 vastgesteld. Dit gebeurde in de stuurgroep met leden van de regeringen van Noordrijn-Westfalen en Nederland, de Bezirksregierungen van Münster, Keulen en Düsseldorf, de grensprovincies en de vier Euregio’s . Ook werd de eerste Grenslandprijs voor bijzondere projecten op het gebied van grensoverschrijdende samenwerking uitgereikt.

Minister Holthoff-Pförtner, Europaminister van Noordrijn-Westfalen: “De Grenslandconferentie is uitgegroeid tot een belangrijk uitwisselingsplatform tussen onze landen. Het is de familiereünie van de grensregio, waar de actoren met elkaar in contact komen en waar de samenwerking vorm krijgt. Eenmaal per jaar – deze keer voornamelijk online – brengt de conferentie alle belangrijke partners samen aan één tafel om gezamenlijk de speerpunten van de grensoverschrijdende samenwerking vast te stellen. Hoe belangrijk nauwe samenwerking is, blijkt wel uit de pandemie. Zo konden we de grenzen openhouden. Dit netwerk is de sleutel tot succes en we zullen eraan blijven werken.”

Gouverneur Theo Bovens: “De Grenslandagenda is een echte samenwerkingsagenda, bottom-up ontstaan in de grensregio en gevuld met concrete initiatieven. Door de verschillende onderwerpen gezamenlijk op te pakken kunnen we als grensregio meer massa maken en de boel met steun uit Den Haag en Düsseldorf echt in beweging brengen.”

Goed voorbereid zijn op toekomstige coronaontwikkelingen

In de Grenslandagenda 2021 zijn beide partijen het eens geworden over de gezamenlijke zwaartepunten van de werkzaamheden voor het komende jaar. De coronapandemie is een van de belangrijkste onderwerpen. Het overkoepelende doel: voorbereid zijn op toekomstige coronaontwikkelingen, zodat de grens open kan blijven. Minister Holthoff-Pförtner: “We willen hier een voorbeeld stellen voor Europa.”
Beide partijen spraken af om de corona-ervaringen in de grensregio te gaan onderzoeken. Uit het onderzoek moet blijken wat er goed is gegaan en wat verbeter- en aandachtspunten zijn. Aan de hand van concrete voorbeelden moet de studie aantonen waar verbeteringen mogelijk zijn, bijvoorbeeld in de structuur van de samenwerking, de coördinatie van de maatregelen of de communicatie met de burgers. Daarnaast zal een epidemiologische studie meer inzicht geven in de verspreiding van het coronavirus in de grensregio in 2020.

Verdere stappen voor grensoverschrijdend ov

Er wordt momenteel gewerkt aan diverse nieuwe trein- en busverbindingen tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen. Door middel van de projecten EasyConnect en de MaaS-pilot Limburg wordt gewerkt aan een klantvriendelijk grensoverschrijdend elektronisch ticketsysteem. Dit moet uiteindelijk leiden tot een systeem waarmee zonder belemmeringen grensoverschrijdend met het openbaar vervoer gereisd kan worden. Daarvoor is intensieve samenwerking en politieke ondersteuning van de betrokken en bevoegde instanties in Nederland en Noordrijn-Westfalen nodig.

Verbetering van onderwijsmobiliteit

Een ander punt op de Grenslandagenda 2021 is de ontwikkeling en uitbreiding van bestaande en nieuwe grensoverschrijdende semestertickets bij de hervatting van het fysieke onderwijs aan universiteiten en hogescholen. Een succes van de vorige Grenslandagenda: het semesterticket voor studenten in Aken kon worden uitgebreid naar de grensoverschrijdende bus- en treinverbindingen in de provincie Limburg. Tegen een kleine extra maandelijkse bijdrage kunnen studenten vanuit Aken naar Heerlen en Maastricht reizen.
Naast verbeteringen op het gebied van mobiliteit moet in de praktijk van met name het middelbaar beroepsonderwijs het aanbod van zowel buurtaalonderwijs als het aanbod van grensoverschrijdende stages, leerwerkplekken en uitwisselingen worden vergroot. Verder moet in 2021 een structuur voor een euregionaal schoolnetwerk worden ontwikkeld en zal een integraal plan voor de euregionalisering van het beroepsonderwijs worden opgesteld.

Uitbreiding netwerk SGA’s

Een ander belangrijk punt op de Grenslandagenda 2021 zijn de Servicepunten Grensoverschrijdende Arbeidsbemiddeling (SGA). Hun diensten moeten in 2021 coronaproof georganiseerd worden. Het netwerk van SGA’s in de grensregio’s moet worden gecompleteerd met een servicepunt in Kleve. Tevens wordt een plan opgesteld om de SGA’s in de toekomst in het hele grensgebied structureel te kunnen behouden en door te ontwikkelen. Diploma-advisering en doorverwijzing wordt een regulier onderdeel van het takenpakket van de GrensInfoPunten.

Veiligheid prioritair op de agenda

In de Grenslandagenda van 2019 konden nog geen concrete actiepunten met betrekking tot het thema veiligheid worden opgenomen. Bij het thema veiligheid in de grensregio wordt doorgaans onderscheid gemaakt tussen enerzijds grensoverschrijdende crisisbeheersing en anderzijds grensoverschrijdende criminaliteitsbestrijding. Problematiek is ook nog te vinden op het gebied van ambulancezorg. Hier wordt grensoverschrijdend weliswaar al veel samengewerkt, maar ambulances kunnen nog altijd niet geheel probleemloos de grens over. Dat komt met name door wrijving tussen de Nederlandse en Duitse wetgeving, bijvoorbeeld ten aanzien van de bevoegdheden van ambulancepersoneel.

Ook de bestrijding van criminele grensoverschrijdende activiteiten blijkt door juridische barrières lastig. Zo mag elkaars bestuurlijke informatie niet worden gedeeld. Voor deze punten dient de problematiek in 2021 en de jaren daarna grensbreed te worden aangepakt. Daarnaast zullen ondermijningsfenomenen rondom het thema arbeidsmigranten in kaart worden gebracht.

Eerste Grenslandprijs uitgereikt

De eerste gezamenlijke Grenslandprijs van Noordrijn-Westfalen en Nederland werd dit jaar toegekend aan het project ‘Sprich Deine Nachbarsprache / Spreek je Buurtaal’. In dit project maken leerlingen van 33 basisscholen aan beide zijden van de grens kennis met de taal en cultuur van hun buurland. Een onafhankelijke jury bestaande uit Anouk Bollen (ITEM), Werner Schaurte-Küppers (DNHK) en Merlijn Schoonenboom (journalist en auteur) selecteerde het project uit 36 aanmeldingen. Tijdens de eerste Grenslandconferentie in 2019 in Venlo kondigden minister Holthoff-Pförtner en staatssecretaris Knops gezamenlijk de introductie van deze nieuwe prijs aan.

Volgende editie in Enschede

Minister Holthoff-Pförtner en staatssecretaris Knops riepen in november 2018, tijdens de eerste regeringsconsultaties tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen, de Grenslandconferentie in het leven. De conferentie richt zich op grensoverschrijdende samenwerking voor de gehele grensregio tussen Noordrijn-Westfalen en Nederland. De eerste Grenslandconferentie vond plaats in mei 2019 in Venlo. Dit jaar was de Duitse stad Duisburg gastheer van de conferentie, die vanwege de pandemie vooral online plaatsvond. De volgende editie van de Grenslandconferentie zal op 30 september 2021 in Enschede worden gehouden.

De Grenslandconferentie terugkijken? Dat kan via deze link.

Grenslandagenda NRW-NL
Verslag van de uitvoering van de grenslandagenda 2019-2020
De gevolgen van de eerste coronagolf op de grensregio

Tweede regeringsconsultaties Nederland-NRW met gemeenschappelijke verklaring afgerond

De tweede regeringsconsultaties tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen zijn op 3 december afgerond met een gesprek tussen Mark Rutte, de Nederlandse minister-president, en Armin Laschet, de minister-president van Noordrijn-Westfalen. De resultaten van de jaarlijkse consultaties zijn zoals altijd in een gemeenschappelijke verklaring samengevat. Hierin staat vermeld op welke terreinen de grensoverschrijdende samenwerking zal worden verbreed en verdiept. De afspraken die zijn gemaakt vormen een routekaart voor de samenwerking in de komende periode.   

In alle gesprekken, die dit jaar volledig digitaal plaatsvonden, werd de bestrijding van de coronapandemie uitvoerig besproken. De oprichting van de Cross Border Taskforce Corona is meteen een lichtend voorbeeld van goede grensoverschrijdende samenwerking. Doordat Nederlandse coronapatiënten werden opgenomen op intensive care-afdelingen van Duitse ziekenhuizen, vooral in Noordrijn-Westfalen, kregen de betrekkingen een nieuwe dimensie. Ministers Tamara van Ark (Medische Zorg en Sport) en Karl-Josef Laumann (Arbeid, Gezondheidszorg en Sociale Zaken) spraken in het licht daarvan over het bevorderen van een veilige en betrouwbare digitale uitwisseling van gezondheidsgegevens tussen zorgverleners in de twee landen.

Sterkere samenwerking op het gebied van waterstof

Rutte en Laschet spraken af dat de grensoverschrijdende samenwerking waar mogelijk geïntensiveerd en uitgebreid moet worden. Dat geldt ook voor strategische belangrijke onderwerpen, zoals de inzet van waterstof bij de verduurzaming van industrie en mobiliteit. Concrete voorbeelden daarvan zijn de politieke dialogen over het samenbrengen van de verschillende waterstofstrategieën ter versterking van de regionale samenwerking, en HY3, de haalbaarheidsstudie voor waterstofsamenwerkingen tussen Nederland, Noordrijn-Westfalen en Duitsland, waarvan de tussenresultaten in december 2020 worden verwacht.

Tweede Grensoverschrijdend Politieteam op komst

Daarnaast maakten minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) en zijn collega uit Noordrijn-Westfalen Herbert Reul (Binnenlandse Zaken) bekend dat er voorbereidingen voor een tweede grensoverschrijdend politieteam getroffen zullen worden. De bestaande samenwerking op het gebeid van grensoverschrijdende brand- en rampenbestrijding en crisisbeheersing moet worden voortgezet. Tijdens een volgende bijeenkomst zal de verdere ontwikkeling van het Euregionale Politie Informatie en Communicatiecentrum (EPICC) in Kerkrade worden besproken.

Haalbaarheidsstudie herhaalbezoek musea

Minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) sprak met haar collega Isabel Pfeiffer-Poensgen (Cultuur en Wetenschap) over het belang van cultuur en culturele samenwerking. Zij spraken af om meer informatie over deze programma’s met elkaar uit te wisselen. Bovendien moet er een haalbaarheidsonderzoek worden uitgevoerd waarin de mogelijkheden voor herhaalbezoek aan musea in beide regio’s moet worden verkend. Ook het belang van politieke steun voor de ontwikkeling van binationale samenwerking voor instellingen voor hoger onderwijs werd benadrukt. Tevens werd het belang van de Einstein Telescoop, een wereldwijd unieke infrastructuur voor de detectie van zwaartekrachtgolven, onderstreept.

Vervolgstappen personenmobiliteit

De verbetering van grensoverschrijdende spoorverbindingen stond op de agenda van Staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat) en haar collega-minister Henrik Wüst (Verkeer). De trein moet een volwaardig alternatief kunnen worden voor internationaal vliegverkeer over korte en middellange afstanden. Een concreet voorbeeld is de verkorting van de reistijd over het spoor tussen Amsterdam en Berlijn. Ook aan de verbindingen Eindhoven-Düsseldorf en Heerlen-Aken-Luik wordt gewerkt. Aan Duitse zijde wordt bovendien vooruitgang geboekt bij de uitbreiding van het derde spoor van de Betuweroute tussen Rotterdam en het Ruhrgebied.

Nieuwe samenwerkingsthema’s kennis, wetenschap en innovatie

Staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken en Klimaat) sprak met haar collega- minister Andreas Pinkwart (Economie, Innovatie, Digitalisering en Energie) over een vernieuwing van de bestaande Declaration of Intent, die tot 2021 geldt. Onderwerpen als (elektro)mobiliteit, digital health, GAIA-X en smart farming moeten hiervan onderdeel gaan uitmaken. Daarnaast moeten de digitale infrastructuur en de telecommunicatie in de grensregio beter op elkaar worden aangesloten.

Duurzaam en innovatief ondernemen

Ministers Sigrid Kaag (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) en minister Andreas Pinkwart herbevestigden het grote belang van de economische relatie tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen. Zij kwamen overeen dat de samenwerking op het gebied van innovatief ondernemen bekrachtigd moet worden, met een focus op duurzame mobiliteit, energietransitie en slimme industrie.

Misstanden bij arbeidsmigranten tegengaan

Minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) en zijn Duitse collega-ministers Karl-Josef Laumann (Arbeid, Volksgezondheid en Sociale Zaken) en Ina Scharrenbach (Binnenlandse Zaken, Lokaal Bestuur, Bouw en Gelijkheid) van Noordrijn-Westfalen spraken over de situatie rondom arbeidsmigranten in de grensregio’s. Besloten werd dat Nederland en Noordrijn-Westfalen hun samenwerking gaan intensiveren om misstanden bij arbeidsmigranten tegen te gaan. De ministers zijn van mening dat in het bijzonder de werk- en leefomstandigheden van de werknemers moeten worden verbeterd. Ook gaat Nederland samenwerken met Noordrijn-Westfalen op het gebied van informatievoorziening voor arbeidsmigranten.

Grenslandagenda sturend instrument

Staatssecretaris Raymond Knops (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) en Minister Stephan Holthoff-Pförtner benadrukten dat het hebben van een gezamenlijke Grenslandagenda richting geeft aan de grensoverschrijdende samenwerking. Zij wezen erop dat bij de uitvoering van deze agenda niet alleen de betrokkenheid van de grensprovincies, Euregio’s en andere stakeholders cruciaal is, maar ook de inzet van de vakdepartementen aan beide kanten van de grens een duidelijke toegevoegde waarde heeft. Een van de resultaten van de samenwerking is de gewaarborgde gezamenlijke financiering van de GrensInfoPunten langs de Nederlands-Duitse grens.

De gemeenschappelijke verklaring en de Grenslandagenda kunnen hier worden gedownload:

Grenslandagenda 2021
Gezamenlijke Verklaring Regeringsconsultaties Nederland-NRW

Foto: Minister-president van Noordrijn-Westfalen, Armin Laschet
(c) Land NRW

CoronaMelder werkt nu samen met andere Europese corona-apps

Sinds 2 december werkt de Nederlandse app CoronaMelder samen met andere Europese corona-apps, waaronder de Corona-Warn-App uit Duitsland. Gebruikers van de CoronaMelder-app ontvangen nu ook meldingen als zij langere tijd dicht bij iemand zijn geweest die bijvoorbeeld de Corona-Warn-App heeft geïnstalleerd en later positief is getest in Duitsland.

Al meer dan 4 miljoen Nederlanders hebben CoronaMelder gedownload en ruim 23 miljoen Duitsers installeerden inmiddels de Corona-Warn-App. De apps informeren mensen of ze mogelijk besmet zijn met corona. Zo kunnen zij verdere besmettingen voorkomen.

CoronaMelder werkt samen met de corona-apps uit Duitsland, Denemarken, Ierland, Italië, Kroatië, Letland en Spanje. Naar verwachting sluit België in de loop van december aan. Op een later moment zullen ook corona-apps uit andere EU-landen zich bij deze Europese samenwerking aansluiten.

Als gebruikers van CoronaMelder langere tijd dicht bij iemand zijn geweest die de corona-app van een ander EU-land gebruikt, wisselen de twee apps codes uit. Dit gebeurt op dezelfde manier als tussen twee gebruikers van CoronaMelder. Als één van de twee later positief getest wordt en dit meldt in de app uit zijn land, dan ontvangt de ander een waarschuwingsmelding in de app uit het andere land.

Ook voor de samenwerking van CoronaMelder met apps uit andere landen is de privacy een belangrijk punt. Binnen de Europese samenwerking kunnen alleen corona-apps met elkaar communiceren die volgens dezelfde privacybeginselen als CoronaMelder zijn gemaakt. CoronaMelder wisselt alleen gegevens uit die noodzakelijk zijn voor de samenwerking. Net zoals bij CoronaMelder weten de corona-apps uit andere landen niet wie de gebruiker is en waar deze zich bevindt.

Virtuele regeringsconsultaties Noordrijn-Westfalen en Nederland

(c) Land NRW / Eric de Vries

Minister-president Rutte heeft donderdag 3 december 2020 een virtuele ontmoeting met minister-president Laschet van Noordrijn-Westfalen. Het overleg tussen beide ministers-presidenten vindt plaats in het kader van de regeringsconsultaties tussen Nederland en de Duitse deelstaat.

Deze top tussen afvaardigingen van de regeringen van Nederland en Noordrijn-Westfalen vindt voor de tweede keer plaats en heeft als doel het verdiepen van de grensoverschrijdende samenwerking op tal van terreinen, zowel economisch, sociaal als cultureel.

Minister-president Rutte en minister-president Laschet spreken op 3 december onder meer over het gezamenlijk optrekken in de coronacrisis, actuele onderwerpen in het kader van Europese samenwerking en de verschillende aspecten van grensoverschrijdende samenwerking.

In de periode rond 3 december hebben verschillende Nederlandse bewindspersonen gesprekken met hun collega’s uit Noordrijn-Westfalen. Van Nederlandse zijde zijn dat minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid, minister Van Engelshoven van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat, minister Kaag voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, minister Van Ark voor Medische Zorg en Sport, staatssecretaris van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat, staatssecretaris Keijzer van Economische Zaken en Klimaat en staatssecretaris Knops van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Aan de kant van Noordrijn-Westfalen zijn dit minister Reul van Binnenlandse Zaken, minister Pfeiffer-Poensgen van Cultuur en Wetenschap, minister Wüst van Verkeer, minister Pinkwart voor Economie, Innovatie, Digitalisering en Energie, minister Laumann van Arbeid, Gezondheid en Sociale Zaken, minister Scharrenbach van Heimat, Lokaal Bestuur, Bouw en Gendergelijkheid en minister Holthoff-Pförtner voor Europese Zaken.

Na afloop van het gesprek tussen de beide ministers-presidenten verschijnt een gezamenlijke schriftelijke slotverklaring met daarin een vooruitblik op de samenwerking tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen in de komende periode.

Foto: (c) Land NRW / Eric de Vries