Armin Laschet gekozen tot nieuwe leider van de CDU

Tijdens het 33e partijcongres van de CDU, dat op 15 en 16 januari digitaal plaatsvond, werd de minister-president van Noordrijn-Westfalen Armin Laschet verkozen tot nieuwe partijleider van de CDU. Hij liet daarmee Friedrich Merz en Norbert Röttgen achter zich. Laschet volgt daarmee Annegret Kamp-Karrenbauer op als voorzitter van de CDU.

In de eerste stemronde kreeg Friedrich Merz 385, Armin Laschet 380 en Norbert Röttgen 224 stemmen. Geen van de kandidaten behaalde daarmee een absolute meerderheid. Daarom kwam er een tweede ronde, waarin Merz en Laschet het opnieuw tegen elkaar opnamen. Hierin kreeg de huidige minister-president van Noordrijn-Westfalen 521 en zijn opponent Merz 466 stemmen.  Zijn overwinning is een overwinning voor een gematigde CDU die niet radicaal wil breken met de erfenis van Merkel. Laschet geldt als man van consensus en verbinding.

Bondskanselierschap

Dat Armin Laschet de nieuwe partijleider is, betekent echter niet dat hij automatisch ook de nieuwe bondskanselier wordt, al heeft Laschet wel aangegeven een gooi naar het bondskanselierschap te willen doen. Wie de uiteindelijke kandidaat zal worden, bepalen de voorzitters van CDU en CSU pas later dit voorjaar, waarschijnlijk rond Pasen. Of Laschet kandidaat zal zijn, hangt onder meer af van de ontwikkeling van de pandemie en de uitslagen van zijn partij bij de deelstaatverkiezingen in Rijnland-Palts en Baden-Württemberg eind maart.

Volgens een Forsa-enquête in opdracht van het Duitse RTL is Markus Söder van zusterpartij CSU echter duidelijk favoriet voor het ambt van Bondskanselier. 36 procent van de stemgerechtigden geeft aan dat zij Söder het liefst als Bondskanselier zien, 21 procent ziet liever Laschet aan het roer.  Ook is het niet ondenkbaar dat de huidige minister van Gezondheid Jens Spahn (CDU) aanspraak maakt op de post.

Op 26 september gaat Duitsland naar de stembus voor de Bundestagswahlen om een opvolger te kiezen voor Angela Merkel. Zij heeft zich niet meer verkiesbaar gesteld.

Foto (c): Land NRW